Grote grazers houden exoten onder de duim

ARK Natuurontwikkeling
22-JUL-2018 - Natuurlijke begrazing met grote grazers kan meehelpen met het bestrijden van exoten. Wisenten, wildlevende runderen en paarden, maar ook zwijnen bijvoorbeeld, blijken een belangrijke rol te kunnen spelen bij het in toom houden van invasieve exoten.
Deel deze pagina

Door de droge zomer staat menig water in natuurgebieden droog. Zo ook in het Brabantse natuurgebied de Pannenhoef. Prachtige nieuwe natuur, vol inheemse pionierplantjes, maar helaas ook sinds kort met watercrassula, een zeer moeilijk te bestrijden exoot. Nu de nieuw aangelegde vennen droog staan, komt ook de watercrassula droog te liggen. De koniks in het gebied, wildlevende paarden, hebben het plantje ontdekt en eetbaar bevonden. Ze grazen het nu massaal af. Eenzelfde effect was te zien bij water dat grenst aan een bosje met Mangalitza-varkens. De oever waar de varkens bij konden komen was hevig begraasd en door de dieren betreden en bevatte geen watercrassula meer, terwijl de tegenoverliggende oever helemaal vol lag.

Konikpaarden eten watercrassula in natuurgebied Pannenhoef (Bron: Esther en Leo Linnartz)

Uiteraard is dit niet meteen DE oplossing voor het watercrassulaprobleem, het plantje kan immers uit restanten weer terugkeren, maar het laat wel zien dat begrazing mee kan helpen met het bestrijden van exoten. En dat zien we niet alleen hier, maar ook elders en met andere exoten. In India smullen waterbuffels bijvoorbeeld van waterhyacint, ook daar een invasieve exoot. Dichter bij huis is te zien dat wisenten de Amerikaanse vogelkers schillen en breken en dat Schotse hooglanders smullen van de blaadjes. In de Millingerwaard bij Nijmegen eten galloways reuzenberenklauw, datzelfde doen Schotse hooglanders, Limousin runderen en konikpaarden op de Slikken van Heen en langs de Worm en de Geul eten galloways reuzenberenklauw en Japanse duizendknoop. Bovendien blijken de dieren reuzenbalsemien te vertrappen en dat alles gebeurt op een zodanige schaal dat de gevreesde exoten niet langer onstuitbaar en vlakdekkend oprukken, maar slechts in de marge overleven, daar waar de grote grazers moeilijk bij komen.

Wisent molt Amerikaanse vogelkers in natuurgebied de Maashorst (Bron: Esther en Leo Linnartz)

In de praktijk zien we dat grazers dergelijke planten moeten leren eten en als het ze smaakt, dan moeten ze ook nog leren waar en wanneer ze naar de plant moeten zoeken. Soms is er ook een overdaad aan voedsel dat beter smaakt, maar leren de dieren dat een soort heel goed te eten is als voedsel schaars is. Grote grazers die hun hele leven in vaak hetzelfde natuurgebied verblijven bouwen deze kennis gemakkelijk op en dragen het over aan hun kuddegenoten en hun kalfjes en veulens. Bij ingeschaard jongvee is dit leervermogen minimaal. Ze staan er maar een seizoen en moeten bovendien alles zelf ontdekken. Dat doen ze uiteraard uiteindelijk wel, maar ondertussen hebben woekerende planten al hun slag geslagen, iets waar ze bij wildlevende kuddes de kans niet voor krijgen. De exoten verdwijnen er niet helemaal mee, maar begrazing kan zo wel een belangrijke rol spelen in het in toom houden van een flink aantal van deze soorten.

Tekst: Leo Linnartz, ARK Natuurontwikkeling
Foto: Leo Linnartz, ARK Natuurontwikkeling (leadfoto: konikpaarden eten reuzenberenklauw op de Slikken van Heen)
Films: Esther Linnartz, FREE Nature en Leo Linnartz, ARK Natuurontwikkeling

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen