Ontwikkeling Harlekijn na langdurige droogte

FLORON
4-JUN-2019 - Drie grote groeiplaatsen van de orchidee Harlekijn in Zuidwest-Nederland lieten dit jaar een heel verschillende ontwikkeling zien. Dit heeft alles te maken met het verloop van de grondwaterstand. Extreme omstandigheden, zoals langdurige droogte, slaan op de ene plek keihard toe terwijl deze soort op de andere locatie juist toeneemt. Hoe komt dat?
Deel deze pagina

Harlekijn is een tien tot twintig centimeter hoge orchidee die groeit op heischrale graslanden, duinranden en duinheiden langs de kust en in Zuid-Limburg. De bloemen zijn licht- tot donkerpaars (soms roze of wit) en zijn makkelijk te onderscheiden van andere paars/roze bloeiende orchideeën dankzij de horizontale groene nerven op de zijdelingse sepalen (twee bovenste kroonbladeren van de bloem). Harlekijn is een zeldzame soort die in Nederland een sterke achteruitgang liet zien. Deze afname is grotendeels te wijten aan de sterke intolerantie van de plant voor verdroging en verrijking van de bodem.

Onmiskenbaar Harlekijn met de groenige horizontale lijnen op de sepalen

Harlekijnen van de Grevelingen en omgeving

De eerste drie bloeiende exemplaren van de Grevelingen werden in 1993 gevonden op het eiland de Hompelvoet, een voormalige zandplaat in de sinds 1971 afgesloten zeearm. Sindsdien heeft de populatie zich daar op spectaculaire wijze ontwikkeld. Dit voorjaar nam het aantal Harlekijnen toe van circa 75.000 in 2018 naar ruim 100.000 bloeiende planten nu, de grootste populatie in het Deltagebied. Wat dat betreft gaan de aantallen de andere zeldzame orchidee van de Hompelvoet, de Herfstschroeforchis, achterna. Deze passeerde vier jaar geleden de magische grens van 100.000 exemplaren.

Een andere groeiplaats van Harlekijn is te vinden in de (niet vrij toegankelijke!) berm op een deltadam. Ook hier is de soort met vallen en opstaan bezig aan een opmars. In 2018 werd een maximum bereikt van 3.300 bloeiende planten, maar dit voorjaar werden er in de schrale berm slechts 1.060 geteld. Deze enorme afname wordt geweten aan de droogte sinds de zomer van vorig jaar. Hierdoor is het grondwaterpeil diep gezakt en dit heeft zich nog lang niet hersteld naar het oude peil. Waarschijnlijk hebben veel Harlekijnen hier een flinke klap van gehad.

Een vergelijkbare situatie doet zich voor in de nabijgelegen Westhoofdvallei in de duinen van Goeree. Hier werden in 2018, na een recordnatte herfst en winter, zo’n 13.000 Harlekijnen geteld. In 2019 waren dit er amper 3.000.

Op de Hompelvoet is de situatie anders. Op de lage, goed doorlatende zandplaten in de Grevelingen kan het grondwater nooit veel dieper zakken dan het gemiddelde peil van het Grevelingenmeer. Wanneer er dan wat neerslag valt, stijgt het grondwaterpeil al vlug tot dicht bij het maaiveld. De geringe peilvariaties en een gemiddeld hoge grondwaterstand zijn belangrijke voorwaarden voor de aanwezigheid van veel orchideeën. Zodoende heeft de Harlekijn op de Hompelvoet minder vlug last van droogte dan op de andere groeiplaatsen. Niet dat de droogte hier helemaal onopgemerkt blijft: evenals op de dam waren de bloeiaren duidelijk kleiner dan in andere jaren.

Trendgrafieken van Harlekijn op de Hompelvoet en een deltadam

Overlevingsstrategie

Na kieming duurt het drie tot acht jaar voordat de Harlekijn gaat bloeien. In die jaren investeert de plant in een sterk en gezond ondergronds wortelstelsel met knollen. Als dit proces voltooid is, zal de plant onder de juiste omstandigheden ergens tussen begin april en eind mei gaan bloeien. Wanneer de omstandigheden niet optimaal zijn, bijvoorbeeld bij gebrek aan vocht of onvoldoende voedingsstoffen, zal zich geen bloeistengel ontwikkelen en blijft de plant een jaar 'ondergronds'. Vaak verschijnt er later wel een bladrozet, zodat de plant in het winterhalfjaar voedingsstoffen kan verzamelen om in het jaar daarop onder gunstiger omstandigheden wel in bloei te komen.

Bijzondere vegetatie op de Hompelvoet, met Harlekijn en de eveneens zeldzame Gelobde maanvaren

Hoe nu verder?

Het ziet er naar uit dat veel Harlekijnen op de dam een jaartje 'ondergronds overzomeren'. Wanneer de grondwaterstand voortdurend laag blijft, kunnen de knollen verschrompelen en overleven de planten het op de lange duur niet. Maar daar hoeven we ons voorlopig geen zorgen over te maken: na zonneschijn komt er immers regen!

Op de Hompelvoet kan de populatie de komende jaren nog verder toenemen, al komt hier het einde van de groei in zicht. Door het langzaam dikker worden van de humuslaag en de alom aanwezige neerslag van voedingsstoffen uit de lucht, wordt de bodem geleidelijk voedselrijker en verschijnen er soorten die het onder schrale omstandigheden eerst niet goed deden, maar het nu steeds beter gaan doen. Daarbij gaat het om graslandplanten als Kruisdistel, Knoopkruid en Sint-Janskruid, die bossige ruigtes vormen. Ze worden door het vee vrijwel niet gegeten en door die hoge planten krijgen de rozetten van Harlekijn te weinig licht. Het is de verwachting dat de Harlekijn hierdoor op termijn weer gaat afnemen. Het blijft spannend om te volgen hoe dit precies gaat verlopen.

De bloeitijd is nu voorbij, en de bevruchte bloemen vormen de komende tijd zaad. Uiteraard worden de ontwikkelingen van de Harlekijnen goed in de gaten gehouden!

Tekst: Leonie Tijsma, FLORON, Kees de Kraker, Ecologisch adviesbureau Sandvicensis & Peter Meininger, FLORON district Zeeland
Foto's: Kees de Kraker; Peter Meininger
Grafieken: Kees de Kraker en FLORON

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen