Verbinden van versnipperde natuurgebieden

De Vlinderstichting
9-DEC-2019 - Kleine geïsoleerde natuurgebieden zijn kwetsbaar en hebben minder biodiversiteit dan grote. Door kleine gebiedjes te verbinden ontstaan meer kansen voor planten en dieren om zich er duurzaam te vestigen. Door het Kennisnetwerk Ontwikkeling en Beheer Natuurkwaliteit (OBN) is over versnippering en verbinding een brochure uitgebracht. Het Zuid-Limburgse Mergelland is als voorbeeld genomen.
Deel deze pagina

Het bruin dikkopje komt alleen in Zuid-Limburg voor, in vaak kleine, geisoleerde populatiesVersnippering van natuurgebieden wordt wereldwijd gezien als een van de belangrijkste problemen voor het behoud van biodiversiteit. En terecht. In kleine natuurgebieden is niet alleen het oppervlak aan leefgebied voor soorten afgenomen, maar door toenemende invloed van de omgeving vaak ook de kwaliteit. Bovendien raken populaties van soorten in versnipperde gebieden geïsoleerd van andere populaties, waardoor vaak de genetische diversiteit afneemt. Al deze drukfactoren verzwakken de deelpopulaties, waardoor de kans op verdwijnen toeneemt en de kans op (her)kolonisatie juist kleiner wordt. Het verbinden van natuurgebieden is dan ook van groot belang. Door het OBN is hierover een brochure uitgebracht. Deze brengt knelpunten en oplossingen voor het verbinden van natuurgebieden in kaart, zodat grondeigenaren, beheerders, gemeenten en provincie aan de slag kunnen. Het wordt uitgewerkt voor de hellinggraslanden in het Zuid-Limburgse Heuvelland.

De zeldzame veldparelmoervlinder komt op een paar plekken in het Heuvelland voorDeze prachtige natuurparels behoren tot de soortenrijkste levensgemeenschappen van Europa. Ze zijn dan ook beschermd als Limburgse Goudgroene Natuur en Europese Natura 2000-habitattypen. Er komen nog zeldzame vlinders voor zoals het bruin dikkopje en de veldparelmoervlinder. Maar de huidige reservaten zijn te klein en liggen te versnipperd om hun rijkdom aan flora en fauna op termijn te behouden. Er moet dus een samenhangend netwerk van worden gemaakt. Dat lukt alleen als er wordt samengewerkt met verschillende partijen. Natuurbeheerders moeten zorgen voor sterke bronpopulaties van kenmerkende soorten in de natuurkernen. Gemeenten, boeren, beheerders van infrastructuur en andere grondeigenaren hebben een cruciale rol om de uitwisseling van planten en dieren tussen de natuurkernen mogelijk te maken. In de brochure ‘Verbinding in het landschap’ leest u hier meer over.


Deze brochure is opgesteld vanuit het Kennisnetwerk OBN door De Vlinderstichting in samenwerking met
Stichting Bargerveen en Wageningen Environmental Research.

Tekst: Michiel Wallis de Vries & Kars Veling, De Vlinderstichting
Foto’s: Kars Veling

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen