Klimopblad

Inheemse planten: klimop

Hortus botanicus Leiden
3-DEC-2023 - Zolang het weer zacht blijft, bloeit er nog aardig wat. Zodra het gaat vriezen verdwijnt er veel – we maken dat kantelpunt nu mee. Maar een plant waarop vogels en insecten altijd kunnen rekenen, is de klimop. Niet onomstreden, niet voor iedereen ongevaarlijk, maar zonder meer een prachtplant. Een van onze schaarse wintergroene inheemse planten.

Schets takje klimop

Vorig weekend deed ik in de Zeeuwse Bibliotheek in Middelburg mee aan een middagworkshop botanisch tekenen. Uien, knolletjes, knoflook, potjes met sleutelbloem en ‘bergthee’ (Gaultheria procumbens) stonden model. Én een paar klimoptakjes met bessen. Met glanzend groene bladeren en witte bladnerven, een uitdaging voor de tekenaar. Docent Leo Groenleer had nog genoeg goede tips en mijn tekening deed niet helemaal recht aan het mooie takje, maar wat valt er een hoop te zien aan zo'n twijgje klimop met bessen.

Twee bladvormen

Ten eerste het blad. Aan dit bloeitakje had dat de vorm van een ruit, terwijl de bladeren aan de klimmende takken de vorm van een handje hebben, met vijf puntige lobben. Die klimmende takken vertonen ook de korte 'borstels', de hechtworteltjes. De bloeitakken hebben die niet. Het blad staat bij beide typen tak verspreid aan de stengel, dus niet twee aan twee. Jong blad en het blad aan de bloeitakken kan prachtig glanzen.

Bloeitakken met ruitvormig bladKlimopblad

Vogels

Klimop klimt met de kleine hechtworteltjes makkelijk overal tegenop

Voor houtduiven, lijsters en andere vogels is klimop een heerlijkheid. De plant is wintergroen en biedt dus jaarrond een fijne schuil- en nestplaats. De zwarte bessen in bolvormige trossen verschijnen rond oktober, maar zijn kennelijk pas lekker aan het eind van de winter en in het vroege voorjaar; ze zitten lang aan de struik. Zo hebben de vogels nog iets te eten als verder schraalhans keukenmeester is. Laat de bessen aan de vogels, voor ons zijn ze licht giftig. Het stofje hederine zit in de bessen, en in het blad.
Voor insecten is klimop ook een cadeautje, door de late bloeitijd, tussen september en december. Soms fladdert en zoemt het van de verschillende insecten rond de bloemen; ze vinden er nectar en stuifmeel. Er zijn insecten helemaal gespecialiseerd in klimop, zoals de klimopbij.

Lastige kanten

Klimop heeft ook lastige kanten. Ten eerste zijn sommige mensen er gevoelig voor. Wellicht reageren ze op de sterharen op het jonge blad, of op de hederine die bij het snoeien vrijkomt. Het levert rode ogen, niesbuien en jeuk op. Maar een hoop gemopper op klimop is niet terecht. De plant klimt wel tegen bomen, maar onttrekt er geen voeding aan en wurgt de boom ook niet. Of een dikke klont klimop slecht is voor de boom, daar zijn de meningen over verdeeld. De boom vangt meer wind en zou sneller om kunnen gaan, maar een gezonde boom moet het gewicht makkelijk aankunnen. Soms zie je dat een prachtige oude klimopplant is doorgezaagd en doelbewust om zeep geholpen. Niet nodig, wel heel jammer. Tegen een muur zorgt klimop voor bescherming tegen zon en afkoeling. Alleen als de muur scheuren bevat, kunnen de hechtworteltjes die vergroten.

Boom ingepakt in klimop.Bessen van de klimop, voor ons licht giftig, voor de vogels fijn wintervoer

 

Verrassende verwanten

Siberische ginseng in de Leidse Hortus

Voor klimop hoeft u niet naar een botanische tuin: u komt de plant in haast elke brandgang en elk bosje tegen. Een stoepplant kun je het niet noemen al bedekken de ranken soms best een paar stoeptegels. Vogels verspreiden de zaden enthousiast, mensen planten de wintergroene bedekker van lelijke schuttingen en bouwsels ook graag aan. Behalve klimmen kan de plant ook kruipen en is het een stevige bodembedekker die dikke dekens vormt. In tuinen komt u wellicht ook andere klimopsoorten tegen, zoals Atlantische klimop, Kaukasische klimop of een kruising, of een bonte gekweekte soort (bont woekert wat minder, tip voor tuiniers). Allemaal niet inheems in Nederland. Je ziet in tuinen ook struiken van alleen bloeitakken, die dus niet klimmen.
Misschien is het leuk om op een winterse dag naar verwanten van de klimop te speuren in een van de botanische tuinen. Daar zijn verrassende families bij, zoals Aralia met onder meer vingerplant en duivelswandelstok. Ook Hydrocotyle: de gewone waternavel, de bekende kamerplant Schefflera en Siberische ginseng horen bij de klimopfamilie.

Klimopbremraap

Ook voor een parasiet op klimop kunt u in een aantal botanische tuinen terecht: klimopbremraap. De parasiet heeft geen blad, alleen wat bloemstelen met weinig in het oog springende bloemen. Even speuren dus tussen al dat klimopblad. De klimop kan best wat hebben, en gaat niet ten onder aan de parasiet.

Informatie

Tekst: Hanneke Jelles, Hortus botanicus Leiden
Foto's: KU Leuven (leadfoto: klimopblad); Hanneke Jelles