Dennenslijmkoppen van het Kootwijkerveen terug van weggeweest

Nederlandse Mycologische Vereniging
18-DEC-2019 - Door de droge zomer van 2018 was het vorig jaar treurig gesteld met de Dennenslijmkoppen van het Kootwijkerveen (GD). Dit jaar is de 'Heraut van de Winter' hier weer op veel groeiplaatsen in aantal tevoorschijn gekomen. Deze slijmkop heeft de bijnaam 'Heraut van de Winter' gekregen vanwege zijn eigenschap om pas laat in de herfst tevoorschijn te komen. Dit doen ze pas na de eerste nachtvorst.
Deel deze pagina

Paddenstoelen hebben vorig jaar in grote delen van het land sterk te lijden gehad van de extreme droogte. Ook paddenstoelen die gewoonlijk later in het seizoen verschijnen, zoals de Dennenslijmkop, kwamen niet of nauwelijks tevoorschijn. Vooral de paddenstoelen van de zandgronden in het midden, oosten en zuiden van het land kregen het door de droogte zwaar te verduren. Dit jaar hebben de vele regenbuien de schade door de droogte deels hersteld. Hierdoor kan op zijn minst gesproken worden van een bijzonder paddenstoelenseizoen.

Grote groep Bruine dennenslijmkoppen van het Kootwijkerveen

Nachtvorst

Het mycelium van de dennenslijmkop wordt pas geactiveerd door de eerste nachtvorst. Pas daarna komen de Dennenslijmkoppen tevoorschijn. Blijkbaar heeft het mycelium van de Dennenslijmkop nachtvorst nodig als prikkel tot de groei van de paddenstoelen. Als deze eerste nachtvorst op zich laat wachten, komen ze later in het seizoen tevoorschijn: soms zelfs pas in januari. We leven in een tijd van opwarming van het klimaat, waardoor het waarschijnlijk is dat de eerste nachtvorst later in de herfst of misschien pas in de winter zal gaan optreden. Het verschijnen van de Dennenslijmkop zal dan logischerwijs op een later tijdstip plaats gaan vinden. Of nachtvorst echt noodzakelijk is voor het behoud van de soort betwijfelen sommige specialisten echter. De Dennenslijmkop heeft een eigenaardige wereldwijde verspreiding waardoor het moeilijk valt te verklaren waarom ze in Europa pas na de eerste nachtvorst worden waargenomen.

Bruine dennenslijmkoppen na nachtvorst

Wereldwijde verspreiding

Dennenslijmkoppen komen in Europa noordwaarts tot in de boreale zone van noordelijk Scandinavië en Finland voor. Daarnaast groeien Dennenslijmkoppen ook in een groot deel van Noord-Amerika. Zelfs uit Noord-Afrika en Zuidoost-Azië worden Dennenslijmkoppen gemeld. In Cambodja werd een postzegel uitgegeven met daarop een afbeelding van de Dennenslijmkop. Blijkbaar is de Dennenslijmkop (of een soort die in Cambodja daarvoor wordt aangezien) in Cambodja een populaire paddenstoel. De Dennenslijmkop komt elders in de wereld blijkbaar ook voor in warmere gebieden waar nooit sprake is van enige nachtvorst.

De Dennenslijmkop

De Dennenslijmkop (Hygrophorus hypothejus, Rode Lijst: kwetsbaar) heeft een slijmerige oranje tot roodbruine hoed met geelachtige aflopende plaatjes die bruiner worden bij ouderdom, en een gele tot oranjegele slijmerige steel. Het is een soort van voedselarme, licht zure zandgrond met een dunne humuslaag. De paddenstoelen komen zowel in puur dennenbos als in gemengd bos voor. Er worden twee variëteiten onderscheiden. De meest algemene is de Bruine dennenslijmkop (Hygrophorus hypothejus var. hypothejus). Er bestaat ook nog een zeldzamere oranje vorm: de Oranje dennenslijmkop. Deze is ook bekend van het Kootwijkerveen, maar liet dit jaar tot nu toe verstek gaan.

Dennenslijmkoppen komen meestal met enkele exemplaren bij elkaar voor; zeldzamer in groepen van meer dan tien exemplaren. Ze leven in symbiose met de Grove den (Pinus sylvestris); veel minder bij Zwarte den (Pinus nigra) of Fijnspar (Picea abies). Dennenslijmkoppen komen zowel in jonge als volgroeide naaldbossen voor, en ook bij vliegdennen op de heide.

Door vorst verbleekte exemplaren van de Bruine dennenslijmkop

Tekst: Martijn Oud, Nederlandse Mycologische Vereniging
Foto's: Piet Brouwer

 

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen