Na de brand; de weg naar herstel

Bosgroepen
29-SEP-2020 - Met de toenemende droogte is helaas ook de kans op bos- en natuurbranden steeds groter. De zwartgeblakerde nalatenschap van het vuur dat om zich heen heeft gegrepen, is slechts het zichtbare deel van het drama. De schade in de bodem is weliswaar niet direct te zien, maar wel een cruciale factor bij het potentiële herstel. Hoe bepaal je de impact van een brand en hoe verloopt de weg naar herstel?
Deel deze pagina

Net als in de rest van de wereld, zijn er ook in Nederland helaas steeds vaker bos- en natuurbranden te betreuren. Denk bijvoorbeeld aan branden op de Veluwe, de Strabrechtse heide, De Malpie, De Weerribben, De Peel en de Meinweg. Vele hectaren bos en natuur gingen in rook op. De weg naar herstel vraagt gerichte keuzes, herstelmaatregelen op maat, het monitoren van de resultaten en bijsturen waar nodig. De waardevolle informatie die het herstelproces oplevert, leert ons hoe we het beste kunnen handelen tijdens én na een brand. Want wat er nodig is, varieert per situatie én per type gebied. Bij een bosbrand stel je andere vragen dan bij een brand op de heide en ook de strategieën verschillen. Bij de natuurbrand op De Malpie in 2017 hebben we vanaf het begin alles nauwgezet gevolgd en in kaart gebracht. We schetsen hier welke stappen er zijn gezet om het herstel in te zetten en wat we nu, drie jaar later, zien.

Hoe diep is de impact op de bodem?

Leon van den Berg, expertmedewerker ecologie en bio-geochemie bij de Bosgroepen, legt uit waar we mee te maken hebben bij een natuurbrand: “Het is niet alleen de vegetatie die vaak volledig verbrand is. Dat is alleen wat we met het blote oog kunnen zien. De mate waarin de bodem het te verduren heeft gehad, levert misschien wel de belangrijkste vraag op. Want die bodem is immers de basis voor wat er kan groeien. Het bepalen van de impact van het vuur op de bodemchemie is dan ook een cruciale stap in het proces. Is alles kapot, of is er nog bodemleven?”

Om de schade in kaart te brengen, gebruiken we waar mogelijk ook steeds vaker nieuwe technologieën. Zo zijn drones bijvoorbeeld uitstekend geschikt om het gebied van bovenaf te bekijken en zo een goed beeld te krijgen van de impact van de brand. Ook later in het herstelproces is het een behulpzame tool om in kaart te brengen hoe het gebied zich ontwikkelt. Zo kunnen we bijsturen waar nodig en gewenst. Alle informatie verwerken we in een herstelplan dat we regelmatig evalueren en actualiseren, op basis van de bevindingen.

Het proces van brand naar herstel ziet er doorgaans als volgt uit: na de brandfase en de brandbestrijdingsfase volgt de nazorgfase. Als die is afgerond start de eerste herstelfase, gevolgd door de tweede herstelfase en uiteindelijk weer het reguliere beheer.

Bestrijding van de brand op De Malpie

Van brandbestrijding naar herstel: ervaringen in natuurgebied De Malpie in Valkenswaard

De Malpie is een prachtig natuurgebied in Brabant en in eigendom van gemeente Valkenswaard, een van onze leden. Na een zéér droog voorjaar ontstond hier op 7 juli 2017 een brand midden op de heide. In de eerste fase waarin het vuur om zich heen greep, draaide alles om het bestrijden van de brand. De Bosgroepen waren direct nauw betrokken vanwege de terreinkennis en 24 uur per dag aanwezig in het veld.

Voor collega Pieter Cox van Bosgroep Zuid Nederland, lijkt het als de dag van gisteren. “Vanwege de grootte en intensiteit van de brand waren er vele brandweerkorpsen aanwezig, evenals loonwerkers met giertonnen water en zelfs de handcrew van Overijssel hielp mee. In deze bestrijdingsfase lag de focus op het onder controle krijgen van de brand en het voorkomen dat de brand zou overslaan naar het bos. Na dagen bestrijding kwam eindelijk het sein 'brand meester' en vervolgens werd ook het laatste vuur gedoofd! En dan is het zaak om zo snel mogelijk de eerste herstelmaatregelen voor te bereiden. Zelfs voor je echt kunt inventariseren hoe het met de bodem gesteld is! Want je moet de ongewenste pioniers, zoals het pijpenstrootje en opslag van bomen en struiken, voorblijven”, legt Pieter uit.

Zodra het kon kwamen de schapen in het gebied om pioniers onder controle te houden

Verschillen in brandintensiteit en reliëf vragen om herstelmaatregelen op maat

Op De Malpie was sprake van een verschil in brandintensiteit en een groot reliëf. Vandaar dat is gekozen voor diverse herstelmaatregelen.

Schapenbegrazing cruciaal
“We zijn vrijwel direct gestart met begrazing door zo’n 250 schapen”, vertelt Pieter. “Dat klinkt misschien vreemd, maar we weten dat het pijpenstrootje zich razendsnel kan herstellen. Ook nieuwe boompjes en struikjes zien vaak kans om zich te vestigen. Voor je het weet is alles weer aan het vergrassen of het groeit dicht met de opslag van ongewenste begroeiing, waardoor de heide überhaupt geen kans krijgt zich te ontwikkelen. De schapen voorkomen niet alleen vergrassing en dichtgroeien. Ze zorgen er ook voor dat het microreliëf in het terrein blijft behouden. Bovendien ontstaat er veel meer variatie in het gebied. De schapenkeutels zorgen voor mineralisatie van de strooisellaag, doordat de in planten gebonden nutriënten worden omgezet in vluchtige en oplosbare verbindingen die uitspoelen en vervliegen. Een beperkte verschraling dus. Na verloop van tijd ontstaat er een nieuw evenwicht, waarbij het aandeel voedingsstoffen beter verdeeld is en de heide weer kansen krijgt.”

Chopperen, plaggen en nulbeheer
Daarnaast is er kleinschalig gechopperd (het verwijderen van de vegetatie en een deel van de bovenste humuslaag) om assen en andere voedingstoffen af te voeren. Zo ontstonden er kansen voor de diverse heidesoorten. Kleinschalig plaggen in sommige delen remde de ontwikkeling van grassen extra fors af. “Het duurt hier wel langer voor de heide zich kan ontwikkelen, maar ook de vergrassing krijgt zo veel minder kans”, legt Pieter uit. “Op sommige plekken hebben we bewust voor ‘nulbeheer’ gekozen, zodat te volgen is wat er gebeurt als je niets doet.”

Herstelmaatregelen zoals chopperen zijn nodig om het beoogde herstel te realiseren

Crisis ombuigen naar kans

“Als beheerder proberen we om een dergelijke crisis om te buigen naar een kans”, benadrukt Leon. “We waren in het gebied al bezig met de bestrijding van vergrassing. En dan komt de brand ineens op je pad. Natuurlijk is het ontzettend jammer dat de oude heide verbrand is. Dat is immers het gewenste beeld voor het gebied. Maar het vuur kwam nu eenmaal en daar waar de bodem niet te zeer beschadigd is, proberen we van de crisis een kans te maken. De brand heeft de vergrassing immers ook een forse tik gegeven. En met een beetje hulp kan de heide hier straks hopelijk weer floreren.”

De eerste resultaten op De Malpie zijn zichtbaar en veelbelovend

Inmiddels is de brand op De Malpie drie jaar geleden. Pieter neemt ons mee in de eerste resultaten. “De chopperlocaties ontwikkelen zich heel mooi. Er is bijna vlakdekkend struik- en dophei aanwezig, met daartussen plekken met moerashertshooi en witte en bruine snavelbies. Sporadisch is klein warkruid te vinden en op verschillende plaatsen zijn mooie aantallen klokjesgentianen waargenomen. Dus wie weet vindt het gentiaanblauwtje uiteindelijk ook weer zijn weg naar De Malpie!

Op de delen waar schapenbegrazing plaatsvindt, ontwikkelt zich een zeer gevarieerde vegetatie; zowel wat betreft soortensamenstelling als abundantie (talrijkheid). Soorten als tormentil, liggende vleugeltjesbloem en kruipwilg waren voordien weinig tot niet aanwezig op De Malpie. Ondertussen zijn ze wel op de begrazingsvlakte terug te vinden. Waar voorheen hoge, oude pijpenstropollen waren die andere soorten geen enkele kans gaven, ontwikkelen zich nu tapijtjes van struik- en dopheide, met daartussen een mooi aandeel klokjesgentiaan.
Het aandeel pijpenstrootjes is sterk afgenomen en er ontstaat ruimte voor andere soorten. Uiteraard is het niet de wens om al het aandeel gras uit het terrein te krijgen. De gezonde mix van heideplanten en grassen die we nu zien, is wat we willen bereiken.
Soorten als de heikikker, levendbarende hagedis en sprinkhanen zoals moerassprinkhaan en zwart wekkertje zijn ook alweer gesignaleerd op de vlakte. Kortom, het herstel is zichtbaar ingezet!”, vertelt Pieter enthousiast.

“Wat ook opvalt is dat daar waar geen beheer (‘nulbeheer’) heeft plaatsgevonden, de bodem sterk is vergrast”, merkt Leon op. Dit is een duidelijke indicator dat de herstelmaatregelen waardevol en nuttig zijn. Momenteel is het nog te vroeg om iets over de geplagde stroken te zeggen, maar ook die monitoren we zorgvuldig.

Wethouder Theo Geldens is tevreden over de aanpak vanaf het moment dat de brand uitbrak. "Valkenswaard koestert haar bos en natuur op vele manieren. De impact van een brand van dit kaliber komt dan ook wel even keihard aan. Maar het voorzichtige herstel van het gebied is absoluut bemoedigend. We zijn dan ook benieuwd naar het vervolg, en we hopen dat we de bijzondere soorten flora en fauna in de nabije toekomst weer mogen verwelkomen op De Malpie. Dat is waar gemeente Valkenswaard samen met de Bosgroep in ieder geval op inzet met de verschillende herstelmaatregelen."

Duidelijke indicator voor herstel en nieuwe kansen: de liggende vleugeltjesbloem is in De Malpie gezien!

Tweede herstelfase: steenmeel toegevoegd als herstelmaatregel

De Malpie zit nu in de tweede herstelfase. “We moeten niet vergeten dat deze voorjaarsbrand totaal anders is dan een gecontroleerde winterbrand die men wel eens als beheermaatregel in heideterreinen uitvoert”, benadrukt Leon. ”Op het moment van de brand op De Malpie stond de vegetatie vol in blad en zaten veel voedingsstoffen in het blad opgeslagen. Deze voedingstoffen zijn veelal verdwenen op plekken waar de brand zeer hevig is geweest. Enerzijds gaat het om stoffen waarvan je wilt dat ze verdwijnen, zoals stikstof. Maar ook de stoffen die voor buffering zorgen ben je ineens kwijt. We kunnen nu echt zien en bepalen waar de brand zo diep is geweest, dat veel waardevolle nutriënten zijn weggebrand. Hier is de bodem heel schraal en is er nauwelijks buffering en bodemleven. Kortom, je hebt te maken met een hele arme bodem. Die plekken hebben meer hulp nodig, want de verloren nutriënten komen hier niet vanzelf terug. Door op deze plekken steenmeel te verspreiden, voegen we de gewenste bufferende nutriënten toe en helpen we de bodem te herstellen. Hierdoor kunnen zich in de toekomst langs de heideterreinen onder meer ook kruidenrijkere stroken ontwikkelen.”

Schapenbegrazing en kleinschalige chopper- en plagwerkzaamheden blijven onderdeel van deze herstelfase. Wellicht dat er in de toekomst nog plagsel van heide wordt opgebracht om het proces te versnellen in de delen die het zwaarst beschadigd zijn. Vooralsnog staat dat niet op de planning, omdat we zien dat het herstel in het gebied met de huidige maatregelen echt op gang komt.

Tekst: de Bosgroepen
Foto's: Pieter Cox, Bosgroep Zuid Nederland

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen