Grondhagedissen op Sint Eustatius gebruiken ondergrondse kraamkamers
Wageningen Marine ResearchGrondhagedissen speuren de bodem af naar alles wat eetbaar is: zaden, fruit, insecten en afval. Het zijn relatief grote hagedissen, die inclusief staart tot wel 80 centimeter lang kunnen worden. Het geslacht Pholidoscelis telt 19 soorten, verspreid over verschillende Caribische eilanden. Hoewel ze op veel eilanden voorkomen en plaatselijk algemeen zijn, is weinig bekend over hun voortplanting.
Dat geldt ook voor de St. Christophers ameiva (Pholidoscelis erythrocephalus), die voorkomt op Sint Eustatius en de naburige eilanden Sint Kitts en Nevis. In 2025 groeven onderzoekers op Sint Eustatius voorzichtig zes mogelijke nestlocaties uit. Op twee locaties vonden ze eieren: op de ene lagen vijf afzonderlijke legsels, op de andere twee. Het onderzoek is uitgevoerd door Wageningen Marine Research. De bevindingen zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Biotropica.
“Boven de grond zie je alleen de ingangen. Daaronder gaat een heel stelsel van onderling verbonden gangen en afzonderlijke nestkamers schuil”, vertelt hoofdauteur Julian Thibaudier. “We vonden meerdere afzonderlijke legsels binnen hetzelfde neststelsel. Dat wijst erop dat verschillende vrouwtjes dezelfde nestplaats gebruiken.” Deze vorm van gezamenlijk nestelen is ook bekend van andere reptielensoorten.

Tot 55 centimeter diep
De eieren lagen gemiddeld bijna 38 centimeter onder de grond. Het meest ondiepe nest lag op 25 centimeter, het diepste op 55 centimeter. De legsels bestonden uit slechts een of twee eieren. Dat is weinig vergeleken met bijvoorbeeld leguanen, die soms enkele tientallen eieren per legsel hebben. Beide nestlocaties lagen in open struikvegetatie en daardoor een deel van de dag in de schaduw. De hagedissen hadden hun nesten gegraven in oude zandhopen die bij bouwwerkzaamheden waren ontstaan.
Op de overige onderzochte locaties werden geen eieren gevonden. Dat kan erop wijzen dat de hagedissen gemakkelijk gangen en holen graven, maar niet overal eieren leggen. Vervolgonderzoek moet duidelijk maken welke eigenschappen een plek geschikt maken als nestplaats. Die kennis kan bijdragen aan de bescherming van St. Christophers ameiva en mogelijk ook van andere Caribische grondhagedissen.
Een tweede leven voor leguanennesten
De onderzoekers ontdekten ook dat de grondhagedissen oude nestgangen van de Antilliaanse leguaan (Iguana delicatissima) gebruiken. In leguanennesten vonden ze in totaal vijf legsels van de grondhagedis. Leguanenvrouwtjes vullen hun nestgangen na het leggen van de eieren weer met zand. Deze opgevulde gangen zijn gemakkelijker uit te graven dan de omringende, compacte grond. De grondhagedissen lijken dus soms gebruik te maken van het eerdere graafwerk van hun grotere eilandgenoten.
In de nestgangen van de grondhagedissen troffen de onderzoekers bovendien andere dieren aan, waaronder een landkrab, spinnen, een krekel en een miljoenpoot. De gangen lijken daarmee ook ruimte te bieden aan kleine ondergrondse leefgemeenschappen.
Waarom samen nestelen?
“Dat meerdere vrouwtjes dezelfde nestplaats lijken te gebruiken, roept allerlei vragen op”, zegt Thibaudier. “Zijn geschikte plekken schaars? Of biedt zo’n diep gangenstelsel bescherming tegen roofdieren of extreme omstandigheden? We weten ook nog niet precies wanneer deze hagedissen nestelen en of vrouwtjes meerdere legsels per jaar produceren. Daarvoor moeten we ze langduriger volgen.” Het gebruik van dezelfde gangen zou bovendien energie kunnen besparen bij het graven. Welke factoren bepalen of vrouwtjes gezamenlijk of afzonderlijk nestelen, moet verder onderzoek uitwijzen.
Belang voor natuurbeheer
De St. Christophers ameiva staat op de Rode Lijst van de IUCN als ‘bijna bedreigd’ (Near Threatened). Op Sint Kitts en Nevis zijn de populaties sterk afgenomen door geïntroduceerde roofdieren, zoals mangoesten. Die komen niet voor op Sint Eustatius, waardoor dit eiland een belangrijk deel van het huidige verspreidingsgebied vormt.
De nieuwe kennis over de nestplaatsen onderstreept het belang van de ondergrondse leefomgeving voor het behoud van deze hagedis. Deze eerste studie vormt ook een vertrekpunt voor verder onderzoek naar de soort en andere grondhagedissen van het geslacht Pholidoscelis.
Meer informatie
- Lees het volledige wetenschappelijke artikel A Hidden Dimension of Caribbean Reptile Ecology: First Documentation on Nesting Behavior in a Pholidoscelis Species in het wetenschappelijke tijdschrift Biotropica (Association for Tropical Biology and Conservation).
Tekst: Julian Thibaudier, Thijs van den Burg en Cecile Leuverink, Wageningen Marine Research
Beeld: Pauline Raimbault (leadfoto: St. Christophers ameiva (Pholidoscelis erythrocephalus)); Julian Thibaudier
