Nature Today

Iepenzigzagbladwesp algemeen in Nederland, maar nog niet overal

EIS Kenniscentrum Insecten
15-MEI-2015 - Begin 2014 werd bekend dat de iepenzigzagbladwesp in ons land voorkwam. Het gaat om een soort die oorspronkelijk uit het oosten van Azië afkomstig is en pas sinds kort in Europa leeft. Omdat deze bladwesp mogelijk schade kan toebrengen aan iepen, is in 2014 bijzondere aandacht besteed aan de aanwezigheid in ons land. Uit het artikel dat daarover nu is gepubliceerd in het tijdschrift Entomologische Berichten blijkt dat de iepenzigzagbladwesp al op veel plaatsen in ons land voorkomt, hoewel nog niet overal. Juist nu zijn de sporen van de soort gemakkelijk te vinden op jonge iepenblaadjes en we hopen op nieuwe waarnemingen.
Deel deze pagina

Bericht uitgegeven door EIS Kenniscentrum Insecten op [publicatiedatum]

Begin 2014 werd bekend dat de iepenzigzagbladwesp in ons land voorkwam. Het gaat om een soort die oorspronkelijk in het oosten van Azië leeft en pas sinds kort in Europa gevonden wordt. Omdat deze bladwesp mogelijk schade kan toebrengen aan iepen, is in 2014 bijzondere aandacht besteed aan de aanwezigheid in ons land. Uit het artikel dat daarover nu is gepubliceerd in het tijdschrift Entomologische Berichten blijkt dat de iepenzigzagbladwesp al op veel plaatsen in ons land voorkomt, hoewel nog niet overal. Juist nu zijn de sporen van de soort gemakkelijk te vinden op jonge iepenbladeren en we hopen op nieuwe waarnemingen.

Voorkomen in 2014
In totaal is de iepenzigzagbladwesp vorig jaar gevonden op 241 plekken in ons land. Veel van die plekken blijken te liggen in bebouwd gebied. Op zich is dat niet zo vreemd, omdat in ons land veel iepen zijn aangeplant als laan- of parkboom. Vanuit die aanplant kunnen iepen verwilderen en jonge opslag is dan ook op veel plaatsen en in groten getale te vinden. Omdat deze bladwesp vier tot vijf, misschien wel zes generaties per jaar heeft, kan de populatie op dergelijke plaatsen snel groeien. Bovendien bestaat het vermoeden dat de iepenzigzagbladwesp soms meelift met auto’s, vrachtverkeer of treinen, waardoor de kans dat de soort nieuwe plekken kan koloniseren groter is in bebouwd gebied met veel verkeer dan daarbuiten. Overigens is de iepenzigzagbladwesp ook wel gevonden in het buitengebied; hoewel ook daar vaak op plaatsen waar iepen zijn aangeplant, zoals in erfbeplanting of windsingels.

De iepenzigzagbladwesp is 4,5 tot 6 millimeter groot en heeft lichte pootjes (foto: Tineke Cramer)

Waarnemingen van de iepenzigzagbladwesp in Nederland in 2014 (kaart: EIS Kenniscentrum Insecten)

Niet alle delen van Nederland zijn in 2014 even goed onderzocht. Uit het kaartje blijkt dat uit het noordoosten van het land en het oosten van Overijssel en Gelderland geen waarnemingen bekend zijn. Het is niet duidelijk of dat komt omdat daar nog niemand heeft gezocht of omdat er wellicht weinig tot geen iepen voorkomen. Dit laatste lijkt het geval te zijn op de Veluwe en op de zandgronden van Noord-Brabant. Maar er zijn ook streken in ons land waar wel veel iepen groeien en waar wel is gezocht en toch geen iepenzigzagbladwespen zijn gevonden. Dat is met name het geval in West-Brabant, het grootste deel van Zeeland, de zuidelijke helft van Limburg en het noordelijke deel van Noord-Holland. Het is niet mogelijk met zekerheid te zeggen wat hiervan de oorzaak is. Maar het vermogen van deze bladwesp om kansrijke gebieden te koloniseren doet vermoeden dat het slechts een kwestie van tijd zal zijn voor ook deze gebieden in bezit zijn genomen.

Schade
In verschillende Europese landen is geconstateerd dat vraat door de larven van de iepenzigzagbladwesp kan leiden tot schade aan iepen. Hoewel de getroffen bomen de vraat hebben overleefd, zijn kaalgevreten bomen langs lanen en in parken weinig aantrekkelijk. Bovendien is waargenomen dat takken soms afsterven en is het effect op termijn, na herhaaldelijke kaalvraat, nog onbekend. In ons land is dergelijke kaalvraat in 2014 echter niet waargenomen. In veel gevallen ging het bij ons per iep slechts om kleine aantallen aangetaste bladeren, slechts op enkele plaatsen kwam het tot kaalvraat van enkele twijgen. Maar tevens moeten we vaststellen dat de kolonisatie van ons land vermoedelijk nog aan de gang is en we geen idee hebben tot welke gevolgen een verdere toename van deze bladwesp zal leiden. Uit enkele kweekproeven bleek dat bij grotere dichtheden al snel voedselgebrek optrad en al het beschikbare iepenblad werd geconsumeerd.

Tot slot
De totstandkoming van het verspreidingskaartje en de eerste conclusies die daaruit kunnen worden getrokken zijn het werk geweest van een groot aantal mensen. Naast beide auteurs, hebben meer dan 30 waarnemers in 2014 gegevens aangeleverd, in veel gevallen via de site Waarneming.nl. Omdat 2014 slechts een momentopname was, zijn ook in de komende jaren veel gegevens nodig. Het gaat daarbij om het opvullen van de witte plekken uit 2014, maar ook om het volgen van de ontwikkeling in de rest van het land. We roepen daarom iedereen op om waarnemingen van de iepenzigzagbladwesp te blijven melden op Waarneming.nl, Telmee.nl of bij EIS Kenniscentrum Insecten.

Kenmerkend zigzagvraatpatroon op iepenblad (foto: Tineke Cramer)

De aanwezigheid van de iepenzigzagbladwesp is te herkennen aan iepenbladeren met een karakteristiek zigzagvraatspoor. Dit laatste is een belangrijk kenmerk, omdat ook de larven van andere soorten bladwespen of rupsen vraatsporen op iepenblad kunnen achterlaten, die echter nooit zigzagvormig zijn. Ook heel kenmerkend voor de iepenzigzagbladwesp zijn de cocons die de dieren aan de onderzijde van iepenbladeren spinnen voor de verpopping. Deze cocons zijn wit en hebben een open netvormige structuur. Ook na het uitkomen van de volwassen bladwespen blijven de lege cocons nog lang op de bladeren zitten.

Witte fijnmazige cocon aan de onderzijde van een iepenblad (foto: Tineke Cramer)

Tekst: Ad Mol, coördinator EIS-werkgroep bladwespen en Dik Vonk, stadsecoloog Haarlem
Foto’s: Tineke Cramer
Meer lezen: Mol, A.W.M. & D.H. Vonk 2015. De iepenzigzagbladwesp Aproceros leucopoda (Hymenoptera, Argidae), een invasieve exoot in Nederland. – Entomologische Berichten 75: 50-63. En zie ook het Soortenregister

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen