Kop van Schouwen een nieuw bolwerk voor Genaveld tonnetje

Stichting ANEMOON
17-JUN-2018 - Dankzij een inventarisatie van landslakken van de Zeeuwse kust in 2005 is bekend dat de Kop van Walcheren een bolwerk vormt voor het Genaveld tonnetje in Nederland. Op de Kop van Schouwen werd de soort toen nog maar mondjesmaat aangetroffen. Inmiddels heeft deze zeldzame landslak zich daar sterk uitgebreid waardoor de Kop van Schouwen nu een tweede, belangrijk bolwerk is voor Nederland.
Deel deze pagina

Het Genaveld tonnetje (Lauria cylindracea Da Costa, 1778) is een kleine landslak. De lichtbruine huisjes zijn spoelvormig, lijken op een tonnetje en worden maximaal 4,5 millimeter hoog. Bij volgroeide exemplaren is de mondrand omgeslagen. De huisjes lijken op die van het Mostonnetje, een ander tonnetje dat veel in de kustduinen wordt aangetroffen. Een opvallend verschil tussen beide soorten is dat het Genaveld tonnetje een goed zichtbare witte lamel in de bovenzijde van de mond van het huisje heeft. Deze zet zich zichtbaar in het huisje voort.

Genaveld tonnetje. Links: onderzochte locaties in de loop van 2004 tot en met 2017 en de waargenomen aantallen. Geel: niet waargenomen. Rood: hoe donkerder hoe groter het aantal exemplaren. Midden: cluster van individuen. Rechts: de omgeslagen mond is aan de randen scherp. De witte lamel boven in de mond is duidelijk zichtbaar. Dit zijn belangrijke determinatiekenmerken

De eerste waarneming in Nederland dateert uit 1931. Deze werd verricht achter het Badhotel te Domburg. Daarna is het Genaveld tonnetje ook waargenomen in Limburg, op Texel en in Den Haag. Tijdens het opstellen van de Rode Lijst in 2003 werd nog een afname vastgesteld waardoor de soort als Kwetsbaar werd opgenomen. Op Walcheren waren nog wel populaties aanwezig, maar die waren in omvang afgenomen. Daarna trad op Walcheren toch herstel op en zelfs uitbreiding. In 2005 werd de soort ook wel op de andere onderzochte Zeeuwse eilanden waargenomen, maar op geen enkele zoveel als op Walcheren. Inmiddels heeft de soort zich, mogelijk door transport door de mens of door vogels, diffuus over Nederland verspreid, maar buiten Zeeland is de soort nog zeldzaam.

Habitat

In Nederland wordt de soort hoofdzakelijk aangetroffen in habitats die onder sterke invloed van de mens staan, vooral in min of meer beschaduwde, bosachtige habitats, struwelen en de kruidenrijke randen daarvan. De soort leeft verscholen in de strooisellaag en onder valhout. Verder is het Genaveld tonnetje ook geregeld aangetroffen op vochtige oude muren en in de spleten van deze muren. Kalkhoudende, vrij vochtige, goed doorlatende zandbodems hebben de voorkeur.

Op de Kop van Schouwen is het Genaveld tonnetje veelvuldig in natuurlijke habitats aangetroffen, zoals in de Verklikkerduinen

Vondsten op de Kop van Schouwen

De habitatkeuze van het Genaveld tonnetje op Schouwen komt sterk overeen met die op andere plekken in Nederland. De voorkeur gaat duidelijk uit naar min of meer beschaduwde habitats, zoals zachthoutduinbossen en oude struwelen die op goed doorlatende, vrij vochtige, kalkrijke zandbodems groeien. Daarnaast is ze ook veelvuldig in halfopen biotopen met struwelen van onder meer Duindoorn, Wegedoorn, en Eenstijlige meidoorn aangetroffen. In mindere mate is ze gevonden in vegetaties van ruigtekruiden en langhalmige grassen die in open duin groeien. In de laatste vegetaties zijn de dichtheden gemiddeld het laagst. Enkele malen werden zeer grote concentraties gevonden op betonnen bunkers uit de Tweede Wereldoorlog op relatief koele, vochtige zones van de bouwsels achter vegetatie. Behalve op plekken die sterk onder invloed staan van mensen werd ze ditmaal ook veelvuldig aangetroffen in natuurlijke duinhabitats ver van stedelijke gebieden. Dit was in de kustduingebieden van Nederland buiten Zeeland nog niet waargenomen. Vondsten van Genaveld tonnetje elders in de kustduinen nemen weliswaar toe, maar zijn nog steeds spaarzaam.

Waarom zulke hoge dichtheden in Zeeland?

Bij vergelijking met leefgebieden buiten Zeeland valt op dat de soort in de Zeeuwse kustduinen veelal een min of meer vlakdekkend voorkomen heeft. De gemiddelde dichtheden zijn er hoger. In strooiselmonsters die op een gestandaardiseerde wijze werden verzameld, werden tot ruim 2500 huisjes per drie liter strooisel geteld. In 2016 en 2017 werd de soort op de Kop van Schouwen op 31 van de 47 bemonsterde locaties aangetroffen (66%). In 2005 werd het Genaveld tonnetje slechts op 4 van de 30 onderzochte locaties gevonden (13%). Het milde zeeklimaat in de kuststreek van Zeeland is kennelijk erg gunstig voor deze zuidelijke soort. Het is zeer waarschijnlijk dat het areaal van het Genaveld tonnetje toeneemt als gevolg van het warmer wordende klimaat en dat daardoor ook biotopen die verder van het urbane gebied liggen gekoloniseerd kunnen worden.

Doorgeven van waarnemingen

Alleen met waarnemingen kan de kennis over slakken en hun habitat worden vergroot. Waarnemingen van slakken zijn bijzonder welkom en kunnen worden doorgegeven via de nieuwe streeplijstmodule van Stichting ANEMOON.

Vragen? Stuur die gerust naar info@anemoon.org.

Tekst: Arno Boesveld en Adriaan Gmelig Meyling, Stichting ANEMOON
Foto’s: Stef Keulen, Natuurhistorisch Genootschap in Limburg (leadfoto: Genaveld tonnetje kruipend over boomblad); Bert Jansen, Nederlandse Malacologische Vereniging; Arno Boesveld, Stichting ANEMOON

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen