COVID-19 en vleermuizen: de feiten op een rij

Zoogdiervereniging
16-APR-2020 - Terwijl Nederland en de rest van de wereld hard werken om de verdere verspreiding van COVID-19 te voorkomen, krijgt de Zoogdiervereniging vaker vragen of Nederlandse vleermuizen dit coronavirus kunnen verspreiden. Die zorgen zijn echter niet nodig. Bij onze vleermuizen komt het COVID-19-virus niet voor.
Deel deze pagina

We begrijpen wel dat mensen deze vragen hebben. In kranten en op sociale media verschijnen soms ongenuanceerde en dreigende berichten over COVID-19 en vleermuizen. Het antwoord is eenvoudig: vleermuizen in Nederland (en de rest van Europa) zijn geen bron van het COVID-19-virus en verspreiden dus geen COVID-19.

Aan gevels of bomen geplaatste vleermuiskasten, ingebouwde vleermuiskasten en andere voorzieningen voor vleermuizen vormen daarom geen risico op verspreiding van dit virus. Dergelijke voorzieningen voor vleermuizen zijn nodig om deze unieke dieren voor de toekomst te behouden.

Hoe zit dat precies? De feiten op een rij

  1. Vleermuizen verspreiden geen COVID-19. Mensen verspreiden COVID-19 door het virus van mens op mens over te dragen.

  2. De ziekte COVID-19 wordt veroorzaakt door het SARS-CoV-2-virus ook wel COVID-19-virus genoemd. Hoewel het virus genetisch lijkt op een virus dat in één Zuidoost-Aziatische vleermuissoort (Rhinolophus affinis) is aangetroffen, zijn er geen bewijzen van rechtstreekse overdracht op de mens. Buiten deze vleermuis zijn ook in andere dieren (niet-vleermuizen) virussen gevonden die lijken op het COVID-19-virus. De vernietiging en verstoring van leefgebieden en de handel in wilde dieren op ongecontroleerde wildmarkten worden genoemd als oorzaken van het ontstaan van het virus en de COVID-19-uitbraak. Er zijn sterke aanwijzingen dat bij de overdracht naar de mens andere dieren, zoals een schubdier, betrokken zijn.

  3. Tot de meer dan 1400 soorten vleermuizen behoort ook deze Lyle's vliegende hondHet gaat in de media vaak over dé vleermuis, maar er zijn meer dan 1400 soorten vleermuizen in de wereld. Daarvan komen er 18 voor in Nederland en bijna 40 in Europa. Deze populaties staan niet in contact met vleermuizen in Zuidoost-Azië. Ook in recente onderzoeken naar virussen is het COVID-19-virus niet aangetroffen bij vleermuizen in Nederland of Europa.

  4. Veel van de Nederlandse vleermuissoorten hebben zich door de eeuwen aangepast aan onze omgeving. Zonder dat ze een gevaar voor ons vormen, vliegen ze rond in tuinen, parken en straten en wonen soms in een spouw of onder de dakpannen. Ook al zie je vleermuizen niet zo vaak, ze horen er net zo bij als veel tuin- en bosvogels.

  5. Vleermuizen bewijzen ons allerlei diensten: ze eten veel hinderlijke of voor de landbouw schadelijke insecten. Zonder vleermuizen zouden veel waterrijke woonwijken vergeven zijn van de muggen. Ook kan zonder vleermuizen de schade door insecten aan de wereldwijde graan- en rijstteelt oplopen tot in de biljoenen dollars. In de tropen spelen vleermuizen een grote rol in het bestuiven van bloemen en het verspreiden van zaden van vruchten. Zonder vleermuizen zijn er bijvoorbeeld geen mango’s, vanille, chocola (cacao), avocado’s, bananen, balsahout en zelfs geen tequila.

  6. Overal in de wereld worden soorten vleermuizen in hun voortbestaan bedreigd door onder andere ontbossing, de groei van steden en infrastructuur, klimaatopwarming en de afname van biodiversiteit. Niet voor niets zijn ook alle Nederlandse soorten wettelijk beschermd.
    Een negatieve houding tegenover vleermuizen helpt niet tegen de verspreiding van COVID-19 en brengt vleermuizen alleen maar verder in de problemen.

  7. Het ophangen en inbouwen van vleermuiskasten vindt (meestal) plaats in het kader van de Wet Natuurbescherming. Deze wet geeft onze maatschappij de ruimte om - door rekening te houden met beschermde soorten - bouw, renovatie en de aanleg van infrastructuur samen te laten gaan met het behoud van vleermuizen. Omdat het COVID-19-virus niet voorkomt bij onze vleermuizen, zorgen vleermuiskasten en andere vleermuisvoorzieningen niet voor risico’s op de verspreiding van COVID-19.

Een bladneusvleermuis drinkt nectar en bestuift de bloem

Deze feiten worden ondersteund door vertegenwoordigers en vleermuisexperts van de Convention on the Conservation of Migratory Species of Wild Animals (CMS) van de Verenigde Naties, de vertegenwoordigers van The Agreement on the Conservation of Populations of European Bats (EUROBATS) en de Agreement of African-Eurasian Migratory Waterbirds (AEWA).

Vleermuizen hebben niets te maken met COVID-19 (Bron: Bonn Convention)

Tekst: Erik Korsten, Zoogdiervereniging, naar een voorbeeld van the Bat Conservation Trust
Foto's: Erik Korsten (leadfoto: gewone dwergvleermuis); Daniel Heargreaves

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen