Lancering Handreiking Groenblauwe Dooradering 2.0
Deltaplan BiodiversiteitsherstelTijdens deze middag stond niet alleen de inhoud van de handreiking (pdf: 132 MB) centraal, maar vooral de vraag hoe deze in de praktijk kan worden toegepast. Van beleidscontext en ontwerpprincipes tot praktijkervaringen en financiering, de bijeenkomst bood verdieping én perspectief op uitvoering.
Groenblauwe dooradering in context
De urgentie: van 2 tot 3 procent naar 10 procent
Onder leiding van dagvoorzitter Ronald Hiel van Stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel werd stilgestaan bij de urgentie van de opgave. Steeds meer partijen onderschrijven de ambitie om 10 procent groenblauwe dooradering in het landelijk gebied te realiseren, terwijl het huidige aandeel blijft steken rond de 2 à 3 procent. Tegelijkertijd klonk er optimisme: de beweging is op gang en steeds meer partijen voelen de noodzaak om een bijdrage te leveren.
Groenblauwe dooradering als verbindend instrument
Corine de Zeeuw van ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en Margot Huurdeman van ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur plaatsten de handreiking in een bredere maatschappelijke context. De handreiking is voortgekomen uit het programma Mooi Nederland, waarin landschapskwaliteit een centrale rol speelt binnen grote ruimtelijke opgaven zoals klimaatadaptatie, waterbeheer en natuurherstel.
Groenblauwe dooradering werd neergezet als verbindend instrument: een manier om integraal te werken aan water, klimaat, natuur en biodiversiteit. Zoals Margot Huurdeman aangaf: “Het is geen oplegger van hoe het moet, maar een hulpmiddel om het gesprek te voeren over wat kan.”
Van ideaalbeeld naar handelingsperspectief
Een klassiek beeld van het landschap
Arjen Venema van Strootman Landschapsarchitecten nam de zaal mee in de inhoud en totstandkoming van de Handreiking Groenblauwe Dooradering 2.0. Hij schetste het klassieke beeld van groenblauwe dooradering aan de hand van beelden uit de tijd van Jac P. Thijsse: knotwilgen langs sloten, houtwallen en weidevogels in een kleinschalig landschap. Dat beeld leeft nog steeds sterk, maar staat vaak ver af van de huidige praktijk. Juist om die kloof te overbruggen is deze vernieuwde handreiking ontwikkeld.
Gebouwd op praktijk en bestaande kennis
De handreiking is de laatste in een reeks van tien handreikingen binnen Mooi Nederland en bouwt voort op bestaande kennis en ervaring. In plaats van het wiel opnieuw uit te vinden, is de handreiking gevoed door praktijkbezoeken, workshops, klankbordgroepen, een consultatiebijeenkomst en de community of practice van het Aanvalsplan Landschap. Het resultaat is een praktisch en rijk document met zeventien uitgewerkte landschapstypen, concrete praktijkvoorbeelden en een bouwstenencatalogus. Daarnaast bevat de handreiking een stappenplan en vijf randvoorwaarden die richting geven aan initiatiefnemers:
- Welke bestaande kennis en initiatieven zijn er in het gebied?
- Wat is het grotere verhaal, het doel, ook op de langere termijn?
- Wie is er nodig om het plan te laten slagen?
- Op welke en wiens grond moet het plan worden gerealiseerd?
- Wat is de financiële drager, ook op de langere termijn?
Leren van de praktijk
Na de inhoudelijke verdieping stond de praktijk centraal. Hoe werkt groenblauwe dooradering in de uitvoering?
Overijssel: langjarige beheercontracten
Gerke Brouwer van Natuur & Landschap Overijssel deelde ervaringen uit Overijssel (pdf: 1,7 MB). Daar worden beheercontracten afgesloten voor 21 jaar, gefinancierd via fondsen waarin provincie en gemeenten samen optrekken. Deze fondsen zijn echter niet onuitputtelijk. Daarom wordt steeds vaker gekeken naar aanvullende financieringsbronnen, waaronder bijdragen vanuit het bedrijfsleven. Zo probeert men ook in de toekomst langlopende financiering te borgen.
Veluwe en Utrecht Oost: van plan naar uitvoering
Hans Veurink en Ivo Verbeek van BoerenNatuur Veluwe en Utrecht Oost benadrukten het belang van dóen (pdf: 2 MB). Eerdere initiatieven strandden volgens hen te vaak in plannen maken, zonder dat er daadwerkelijk iets van de grond kwam. Door agrariërs actief te benaderen en concreet te informeren over subsidiemogelijkheden, ontstonden waardevolle gesprekken over wat passend en haalbaar is. In de provincie Utrecht is inmiddels een Platform Groenblauwe Dooradering ingericht waarin provincie, gemeenten en agrarische collectieven samenwerken. Zoals Hans het omschreef: "De rolverdeling is helder: collectieven leggen landschapselementen aan op landbouwgrond, gemeenten op openbare en particuliere gronden. Dat schept duidelijke kaders en verantwoordelijkheden.”
Reflectie uit het veld
In een afsluitend gesprek onder leiding van Ronald Hiel (pdf: 17,2 MB) gingen Hesper Schutte van Hoogheemraadschap van Rijnland, Hank Bartelink van LandschappenNL en Fadyan Pronk van ASR Dutch Farmland Fund met elkaar in gesprek over kansen en uitdagingen.
Maatwerk boven ideaalbeelden
Hesper Schutte schetste hoe biodiversiteit steeds nadrukkelijker onderdeel wordt van de waterschapsopgave, onder meer in het kader van de Kaderrichtlijn Water. Tegelijkertijd is maatwerk essentieel: niet overal zijn natuurvriendelijke oevers of brede rietpercelen haalbaar. Het is daarom belangrijk te kijken naar wat wél kan.
Het verhaal naar het brede publiek
Hank Bartelink benadrukte het belang van samenwerking en kennisdeling. Volgens hem is het tijd om het belang van groenblauwe dooradering voor een gezonde leefomgeving breder zichtbaar te maken: “Het is best raar dat grijze infrastructuur eindeloos wordt aangelegd, maar dat we voor het aanleggen van groenblauwe dooradering met allerlei ingewikkelde constructies moeten komen.”
De rol van private financiering
Fadyan Pronk ging in op de rol van private partijen. Met initiatieven zoals Biodiversity Boosters wordt geprobeerd bedrijven die natuur willen ‘kopen’ te verbinden met boeren die natuur willen ‘verkopen’. Monitoring en het zichtbaar maken van resultaten blijven daarbij een belangrijke uitdaging. De gezamenlijke oproep aan het nieuwe kabinet was helder: zorg voor langjarige doelen, structurele financiering en beleid dat verder kijkt dan één regeerperiode. En beloon agrariërs voor de ecosysteemdiensten die zij leveren.
Verbeelding als aanjager van verandering
De bijeenkomst werd afgesloten met een gedicht van stadsdichter Jesse Laport, waarin hij de middag samenvatte. Hij onderstreepte het belang van de handreiking om de complexiteit van groenblauwe dooradering inzichtelijk en toepasbaar te maken, zodat meer partijen daadwerkelijk de stap naar uitvoering kunnen zetten.
Tekst en beeld: Deltaplan Biodiversiteitsherstel
