Nature Today

Bijzondere waarneming van Bonte mantel in Grevelingenmeer

Stichting ANEMOON
18-MEI-2014 - Vorig weekend nam een sportduikster bij Dreischor in het Grevelingenmeer een levende, volwassen Bonte mantel waar, een tweekleppig weekdier dat zeer zelden op de Nederlandse kust wordt waargenomen. Hoe dit prachtige schelpdier zover oostelijk in het Grevelingenmeer terecht is gekomen is niet duidelijk en onder andere dat maakt deze waarneming zo bijzonder.
Deel deze pagina

Bericht uitgegeven door Stichting ANEMOON [land] op [publicatiedatum]

Vorig weekend nam een sportduikster bij Dreischor in het Grevelingenmeer een levende, volwassen Bonte mantel waar, een tweekleppig weekdier dat zeer zelden op de Nederlandse kust wordt waargenomen. Hoe dit prachtige schelpdier zover oostelijk in het Grevelingenmeer terecht is gekomen is niet duidelijk en onder andere dat maakt deze waarneming zo bijzonder.

De Bonte mantel (Mimachlamys varia) is voor de Nederlandse kust een zeldzaam schelpdier. Eigenlijk weten we nog niet zo heel veel over het hier voorkomen van deze soort. Er zijn slechts enkele recente bevestigde waarnemingen van levende dieren uit de Noordelijke Noordzee. Jonge schelpjes spoelen af en toe aan op onze kust, onder andere vastgehecht aan drijvende voorwerpen. En op plaatsen waar veel transport met schelpdieren plaats vindt, zoals bij Yerseke, zijn ook wel eens levende dieren aangetroffen, maar die zijn waarschijnlijk door menselijk handelen en dat transport hier terecht gekomen.

Zeldzame Bonte mantel aangetroffen bij Dreischor, Grevelingenmeer, mei 2014 (foto: Peter H van Bragt)

De duikplaats bij Dreischor ligt in het oostelijke deel van het Grevelingenmeer. Hier is slechts een zeer beperkte uitwisseling van zeewater met de Noordzee via de Spuisluis in de westelijk gelegen Brouwersdam. Dreischor ligt daar heel ver vandaan en in dit gebied vindt ook geen transport van geïmporteerde schelpdieren plaats. Hoewel de Bonte mantel in staat is om als een soort castagnette over hele kleine afstanden te zwemmen, is het uiterst onwaarschijnlijk dat dit exemplaar al zwemmend Dreischor heeft bereikt.

De ontwikkeling van de Bonte mantel begint met een pelagisch vrij zwemmend larvaal stadium. Mogelijk is dit diertje in dat stadium via stromingen vanuit de Noordzee hier terecht gekomen en heeft het zich pas bij Dreischor definitief op de bodem gevestigd. Of dit daadwerkelijk ook is gebeurd zal voor altijd een mysterie blijven. Feit is dat dit exemplaar al 44 millimeter hoog en 39 millimeter breed is. Mede op basis van deze afmetingen en het aantal groeiringen op de schelp kunnen we vaststellen dat het tenminste twee of mogelijk zelfs al vier jaar oud is, en dus mogelijk al zo lang bij Dreischor in het zilte water van het Grevelingenmeer heeft geleefd zonder opgemerkt te zijn door passerende sportduikers. Tot hier vorig weekend door sportduikster Luna van der Loos ondiep deze opvallende schelp werd aangetroffen, die onmiddellijk door haar duikbuddy Brendan Oonk als Bonte mantel en als zeer bijzondere waarneming werd gedetermineerd. Hiermee is ook meteen de meest oostelijke autochtone waarneming in de Zeeuwse Delta en met name het Grevelingenmeer een nieuw feit.

De Bonte mantel is een tweekleppig schelpdier, maximaal 70 millimeter hoog en 60 millimeter lang en met 30 tot 35 vanuit de top stralende ribben die bezet zijn met kleine afstaande ribben. Ze leven met byssusdraden vastgehecht op vast substraat zoals stenen en oesters. De soort komt voor vanaf Noorwegen tot in de Middellandse Zee en langs de westkust van Afrika tot aan Senegal op een diepte van 5 tot meer dan 250 meter.

Wijde mantel, Oosterschelde (foto: Peter H van Bragt)

Op de Nederlandse kust wordt steeds vaker de aan deze soort verwante Wijde mantel (Aequipecten opercularis) aangetroffen. Deze soort kan iets groter worden, tot 85 millimeter hoog en breed, met slechts circa 20 ribben.

Grote mantel, Noorwegen (foto: Peter H van Bragt)

De Grote mantel (Pecten maximus) wordt nog veel groter, tot 160 millimeter lang en breed met minder, 14 tot 17, brede ribben. Dat is echter een nog zeldzamere soort die recent uitsluitend in de zuidelijke Nederlandse Noordzee is aangetroffen. Bij gastronomen is deze soort, vooral voor zijn sluitspier, zeer geliefd en bekend onder de naam St. Jacobsschelp.

Tekst en foto’s: Peter H van Bragt, Stichting ANEMOON
Met dank aan Luna van der loos en Brendan Oonk voor het doorsturen van deze waarneming.

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen