wilde eend met kuikens

Minder Wilde Eenden in Nederland door lage kuikenoverleving

Sovon Vogelonderzoek Nederland
15-JUL-2022 - Waarom gaat de Wilde Eend in Nederland in aantal achteruit? Onderzoekers van Sovon Vogelonderzoek, Radboud Universiteit en het Vogeltrekstation komen op basis van een analyse van vier verschillende datasets tot de conclusie dat een hoge kuikensterfte de belangrijkste oorzaak is. Een deel van de gegevens werd verzameld door publiekswetenschappers, die met de kuikenteller eendengezinnen volgden.
Deel deze pagina

Willen we de Wilde Eend beschermen, dan zullen we iets aan de overleving van de kuikens moeten doen, benadrukken de onderzoekers in een publicatie in Ornithological Applications. Nederland huisvest met een geschat aantal broedparen tussen de 180.000 en 280.000 de grootste populatie van de Wilde Eend in Europa. Toch zijn de aantallen met zo’n 30 procent afgenomen sinds 1990, een ontwikkeling die in ons omliggende landen niet zichtbaar is. De vraag is wat de achtergrond van de afname is. Is de sterfte onder volwassen eenden te groot, worden er te weinig jongen geboren, of is er iets anders aan de hand?

Populatiemodel

Om deze vraag te beantwoorden hebben onderzoekers van Sovon Vogelonderzoek, Radboud Universiteit en het Vogeltrekstation een zogenaamd geïntegreerd populatiemodel ontwikkeld. Dit is een rekenmethode waar alle variabelen in worden gestopt die een rol kunnen spelen bij de ontwikkeling van de aantallen. Bijvoorbeeld de aantallen broedvogels, legselgrootte, uitkomstsucces van de eieren en sterfte van jonge en volwassen vogels.

Van de meeste variabelen in het populatiemodel zijn gegevens beschikbaar over vele jaren. De ontwikkelingen in aantallen zijn afkomstig van broedvogelmonitoring; legselgrootte en nestsucces worden bepaald met nestonderzoek; overleving van volwassen vogels blijkt uit terugmeldingen van geringde vogels. Voor inzicht in de overleving van de kuikens deden vrijwilligers gedurende een aantal jaren tellingen met de ‘kuikenteller’. Via deze mobiele app zijn eendengezinnen te volgen en wordt bijgehouden hoeveel kuikens overleven en vliegvlug worden.

Alle verzamelde gegevens zijn van elkaar afhankelijk. Als de populatie bijvoorbeeld afneemt, zijn er minder vrouwtjes die eieren leggen. Als er minder eieren uitkomen, zijn er weer minder jongen, enzovoort. Hoe sterk deze onderlinge relaties zijn, is in formules te vatten. Al deze formules bij elkaar leveren een geïntegreerd populatiemodel op. Met de berekende relaties tussen de variabelen is ook te voorspellen wat er gebeurt als een variabele verandert.

Te lage kuikenoverleving

Met name de kuikenoverleving blijkt in de afgelopen decennia gedaald. Op basis van historische gegevens lijkt het erop dat deze overleving zelfs is gehalveerd ten opzichte van de jaren vijftig van de vorige eeuw. Ook in vergelijking met landen waar de populaties Wilde Eenden wel stabiel zijn, is de Nederlandse kuikenoverleving laag. Doorrekeningen met het populatiemodel bevestigen dat de kuikenoverleving bepalend is voor de ontwikkeling van de aantallen van de Wilde Eend in Nederland. Geen van de andere variabelen kon de afname van het aantal Wilde Eenden verklaren. Mogelijke oorzaken voor de lage kuikenoverleving zijn toegenomen predatiedruk en afgenomen voedselbeschikbaarheid, maar hier is vervolgonderzoek voor nodig. 

Meer informatie

Over dit onderzoek is een artikel verschenen in Ornithological Applications: Integrated population modeling identifies low duckling survival as a key driver of decline in a European population of the Mallard

Tekst: Marcel Wortel, Sovon
Foto: Piet Munsterman, Saxifraga