Wespen zijn nuttig en mooie dieren. Behalve de bekende limonadewespen die je op het terras ziet, zijn er in Nederland nog veel meer soorten, namelijk meer dan vijfduizend. Ook in tuinen komen veel soorten wespen voor. Doe mee met de Wespentelling op 15 tot en met 23 augustus 2026, tel de soorten in jouw tuin en geef ze door. Hoe de telling in zijn werk gaat en hoe je mee kunt doen, is te lezen op Tuintelling.nl, waar je ook de getelde aantallen kunt doorgeven.
|
Doe mee met de Wespentelling van 15 tot en met 23 augustus 2026. Kies in die periode een plek uit waar je 30 minuten lang bijhoudt welke wespensoorten of op wespen lijkende insecten je ziet. Je kunt ook meerdere keren tellen. De resultaten geef je door via Tuintelling.nl/tellingen. Op die website vind je ook verdere informatie over de Nationale Wespentelling en hoe je jouw eigen telling kunt doorgeven. Je hoeft niet letterlijk in je tuin te tellen, tel gerust op een plek waar jij denkt wespen tegen te komen. |
Dé wesp bestaat niet
Dé wesp bestaat niet. Ze kunnen heel verschillend zijn: van kleiner dan een millimeter tot vier centimeter. Ook zijn ze lang niet allemaal geel-zwart gestreept. Er zijn wel een paar kenmerken. Je kunt ze bijvoorbeeld herkennen aan de wespentaille. Dat betekent dat het lichaam in het midden dun is, en de rest normaal. Ze hebben een kop, een borststuk en een achterlijf en antennes die langer zijn dan de kop. Alleen bij bladwespen is het borststuk vergroeid met het achterlijf.

Slecht wespenjaar?
Dit is de vijfde keer dat de Nationale Wespentelling wordt georganiseerd. We zijn benieuwd hoe de aantallen van 2026 zich verhouden tot die van de eerdere jaren. En of de verhoudingen tussen de verschillende soorten veranderen. Bij de Wespenstichting komen diverse signalen binnen van mensen die vinden dat ze dit jaar weinig wespen zien. Omdat er geen gestandaardiseerde aantalsmonitoring van wespen of wespennesten zijn, is het lastig om te zeggen of de indrukken van lage aantallen kloppen. Maar bijvoorbeeld een vroege of late start van de nesten kan ook van invloed zijn op de aantallen die we nu zien. En er kunnen lokaal grote verschillen zijn. Wie vorig jaar een wespennest vlak bij de tuin had en dit jaar niet, ziet dit jaar waarschijnlijk veel minder wespen.
De Wespentelling kan een indicatie geven. Daarom is het van belang dat zoveel mogelijk mensen door het hele land meetellen. Dan worden regionale of lokale verschillen verwerkt in het gemiddelde. De Wespentelling is een initatief van de Wespenstichting en wordt georganiseerd in samenking met EIS Kenniscentrum Insecten en tuintelling.nl.
Wespennesten en resultaten
Net als vorig jaar is het ook mogelijk om wespennesten te tellen en in te voeren. Zo hoef je dus niet tientallen tot honderden wespen te tellen, maar kan je bij een plek waar je wespen af en aan ziet vliegen kiezen voor het noteren van een wespennest.
De belangrijkste resultaten publiceren we na de telling op Tuintelling.nl. Heb je meegeteld? Dan ontvang je via e-mail een seintje als de resultaten klaarstaan.

Determinatiehulp
Om te helpen met tellen is er een determinatiehulp. In het soortenboek kun je zien welke soorten wespen je kunt tellen in de Wespentelling. Je vindt daar ook tips voor de herkenning. Voor iets uitgebreidere hulp bij de herkenning kun je de wespenzoekkaart downloaden (pdf: 0,3 MB). Deze zoekkaart bevat ook een telformulier dat je kunt gebruiken.
Let goed op de kenmerken, want er zijn ook veel soorten insecten die doen alsof ze een wesp zijn, zodat ze andere dieren afschrikken en minder snel door andere dieren gepakt worden. Een aantal van dit soort lookalikes staat ook op het telformulier van de Nationale Wespentelling.
Meer informatie
Tekst: Johan van ’t Bosch, EIS Kenniscentrum Insecten
Foto’s: Annemiek van Dijk (leadfoto: mannetje van de bijenwolf, een van de graafwespen op het telformulier van de Nationale Wespentelling)
