Nature Today

Nieuw naaldkreeftje voor de wetenschap beschreven uit Nederland

13-JUN-2014 - Recent is een compleet nieuw soort naaldkreeftje ontdekt in Nederland. De soort werd voor het eerst gevonden in 2006. In eerste instantie dacht men dat het om het exotische, maar al bekende naaldkreeftje Sinelobus stanfordi ging. Een Britse specialist ontdekte echter dat het om een nieuwe soort voor de wetenschap gaat. Het nieuwe naaldkreeftje is vernoemd naar zijn Nederlandse ontdekker: Sinelobus vanhaareni.
Deel deze pagina

Bericht uitgegeven door Grontmij [land] op [publicatiedatum]

Recent is een compleet nieuw soort naaldkreeftje ontdekt in Nederland. De soort werd voor het eerst gevonden in 2006. In eerste instantie dacht men dat het om het exotische, maar al bekende naaldkreeftje Sinelobus stanfordi ging. Een Britse specialist ontdekte echter dat het om een nieuwe soort voor de wetenschap gaat. Het nieuwe naaldkreeftje is vernoemd naar zijn Nederlandse ontdekker: Sinelobus vanhaareni.

In september 2006 werd voor het eerst in Nederland een nieuw exotisch naaldkreeftje voor Nederland gemeld uit de Oude Maas nabij de Heinenoordtunnel. Dit pissebedachtig diertje was vervolgens zo succesvol dat het aantal waarnemingen zich snel uitbreidde: Nieuwe waterweg, Hollandse IJssel, Noordzeekanaal, Kanaal Gent-Terneuzen en zelfs de Belgische Schelde. De waarnemingen hadden duidelijke overeenkomsten, de haven van Rotterdam, Amsterdam en Antwerpen. Enkele jaren later dook de soort ook op in de haven van Harlingen, een tweetal Duitse Noordzeehavenplaatsen (Emden, Brunsbüttel) en zelfs een klein haventje ver bovenstrooms in de Duitse Rijn (Speyer).

Sinelobus vanhaareni, mannetje (links) en vrouwtje (rechts) (foto: Ton van Haaren)

De soort toonde sterke gelijkenis met Sinelobus stanfordi en werd dan ook als zodanig gepubliceerd (0,99 MB). Deze naaldkreeft was nog niet eerder uit Europa gemeld. Op aanvraag van de Britse specialist Roger Bamber stuurden de eerste auteur en ontdekker Ton van Haaren en een onderzoeker van Rijkswaterstaat Mirjam Kuitert enkele Nederlandse beestjes op voor nadere studie en wat bleek: bij de opnieuw onderzochte naaldkreeftjes bleek het zelfs om een nieuwe soort voor de wetenschap te gaan. Uit dank voor Van Haarens hulp bij dit onderzoek noemde Bamber de soort naar Van Haaren. Sinds mei heet het naaldkreeftje dus: Sinelobus vanhaareni.

Van het geslacht Sinelobus werd gedacht dat alle waarnemingen betrekking hadden op S. stanfordi en dat deze soort wereldwijd verspreid was, maar naar nu blijkt is Sinelobus een complex van soorten waarvan wij in Nederland, België en Duitsland S. vanhaareni hebben. De verspreiding van de echte S. stanfordi is onbekend maar is waarschijnlijk beperkt tot het Pacifische gebied. In ieder geval komt deze niet in Europa voor.

Naaldkreeftjes zijn een aparte orde binnen de kreeftachtigen en zijn gemiddeld enkele millimeters groot. Wereldwijd zijn ongeveer 1.100 soorten beschreven waarvan de meeste in zee voorkomen. Slechts enkele soorten leven in brak of zoet water waaronder ook deze nieuwe soort. In Nederland hebben zich nog slechts twee andere soorten naaldkreeftjes gevestigd (Tanaissus lilljeborgi en Tanaopsis graciloides) en verder worden een drietal soorten wel eens aangespoeld op het strand aangetroffen (Apseudes talpa, Leptochelia dubia, Tanais dulongii).

Sinelobus vanhaareni is heden ten dage een uitermate algemene soort in de kuststreek in allerlei (sterk) brakke binnengaatse wateren en komt hier veelal in hoge aantallen voor, vooral op harde substraten. Ze kan ook korte tijd zoet en zout water verdragen en zelfs sterke zoutschommelingen, maar ze bereikt de hoogste dichtheden in brakke wateren. Ondanks dat de soort in Nederland ontdekt is, kunnen we deze soort toch als exoot beschouwen. Dit naaldkreeftje was nooit eerder uit onze wateren vastgesteld en sinds de introductie in onze grootste havens is het aantal explosief toegenomen. De oorspronkelijke herkomst van deze soort is onbekend en ze is ongetwijfeld met schepen mee gekomen. Sinelobus vanhaareni is vooralsnog alleen bekend uit Nederland, België en Duitsland maar verwacht wordt dat de soort zich vooral sterk zal uitbreiden in noordelijke (Denmarken, Zweden) en oostelijke richting (Baltische zee).

Tekst en foto: Ton van Haaren, Grontmij team ecologie

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen