Paardenvijgen met schimmelkanonnen

Nederlandse Mycologische Vereniging
5-AUG-2020 - Een van de eerste schimmels die op verse mest verschijnen zijn de kogelschieters. Deze bijzondere zwammen lijken op kleine kanonnen, omdat ze hun sporenpakketjes weg kunnen schieten. In juli 2020 is in Landgraaf een nieuwe soort voor Nederland gevonden: Pilobolus oedipus. Deze schimmel heeft nog geen Nederlandse naam.
Deel deze pagina

Tijdens een activiteit van de Paddenstoelen Studiegroep Limburg in het Strijthagerbeekdal te Landgraaf werd een hoopje verse paardenmest aangetroffen. Geïnspireerd door een artikel op natuurpunt.be werd deze verse mest aan een nadere inspectie onderworpen. Tot ieders verrassing werden er kleine kogelschieters op deze mesthoop gevonden. En de verrassing was nog groter, toen tijdens de microscopische controle ontdekt werd, dat de kenmerken exact passen bij Pilobolus oedipus!

Pilobolus oedipus

Kogelschieters

Voor Nederland is dit een primeur, want voor zover wij konden ontdekken, is deze soort nog niet eerder gemeld in Nederland. Tot nu toe waren er drie soorten kogelschieters bekend: Pilobolus crystallinus, Pilobolus kleinii en Pilobolus umbonatus. Met de vondst van Pilobolus oedipus kan er dus een vierde soort aan de Nederlandse soortenlijst worden toegevoegd. Mogelijk valt er nog meer te ontdekken, want in Europa zijn tot nu toe reeds acht soorten beschreven. Deze verschillende soorten kunnen microscopisch vrij eenvoudig onderscheiden worden op basis van de vorm van het vruchtlichaam en de sporen. Kenmerkend voor Pilobolus oedipus zijn de dikwandige, ronde tot eivormige sporen.

De zwamvlok van de kogelschieters breekt de mest af en daarom behoren deze schimmels tot de opruimers (saprofieten). De verschillende soorten blijken een voorkeur te hebben voor de mest van een specifieke groep planteneters. Pilobolus oedipus wordt bijvoorbeeld gevonden op de uitwerpselen van het paard en de zebra.

Levenscyclus

Vruchtlichaam van Pilobolus oedipus

De levenscyclus van de kogelschieters is heel bijzonder. Na het ontkiemen van de sporen ontwikkelt de zwamvlok zich in de mest. De eerste vruchtlichamen verschijnen reeds na enkele dagen. De ontwikkeling van deze vruchtlichamen begint in de late namiddag wanneer het beginstadium als gele 'draadjes' verschijnt. In de nacht en de vroege ochtend ontwikkelen deze verder en verschijnen er aan het vrije uiteinde van de naar het licht groeiende draadjes de donkere sporenpakketjes (sporangia). Onder deze sporenpakketjes zwellen de vruchtlichamen op. Tijdens deze zwelling neemt de druk binnen het vruchtlichaam gigantisch toe. In de late ochtend richt het vruchtlichaam zich in de richting van het licht en wordt het kapje (dat de sporen bevat) afgeschoten. Vooral de versnelling van deze kapjes is bijzonder, deze is hoger dan bij een kogel die wordt afgeschoten uit een geweer! Uiteindelijk komen de kapjes ongeveer twee tot drie meter verderop terecht. Hier blijven ze stevig kleven, waardoor ze door een stevige regenbui niet worden weggespoeld. 

Het afschieten van de sporenpakketjes is erg relevant. Voor de verdere ontwikkeling is het namelijk van belang dat deze worden opgegeten. En gras dat zich dichtbij mest bevindt, wordt doorgaans niet gegeten! Bij de passage door het maagdarmstelsel van het dier komen de sporen uit de pakketjes vrij en uiteindelijk komen ze weer in de mest terecht zodat de cyclus opnieuw kan beginnen.

Intussen hebben onze Belgische collega's Van Steenwinkel en Lavreys, Pilobolus oedipus verschillende malen gevonden op paardenmest. Het is aannemelijk dat deze soort in Nederland ook vaker zal worden aangetroffen. Mocht u tijdens uw wandeling verse mest tegenkomen, waarbij het van een afstandje lijkt alsof deze bezet is met kleine haartjes, neem dan de tijd om deze mest beter te bekijken. De kogelschieters zijn, afgezien van hun favoriete standplaats, fascinerende organismen. Mocht u beschikken over een microscoop, dan is het zeer de moeite waard om deze soorten microscopisch te onderzoeken. Zonder microscopisch onderzoek is het niet mogelijk om kogelschieters naar soort te determineren.

Microscopische opname van een vruchtlichaam (100x vergroot). Het zwarte kapje is opengebarsten, waardoor de sporenmassa is vrijgekomen. De ronde sporen zijn kenmerkend voor Pilobolus oedipus.

Zelf kweken

Bent u geïnteresseerd geraakt? Het is ook mogelijk om de kogelschieters thuis te kweken! Verzamel daartoe zeer verse paardenmest. Hierbij is het belangrijk dat deze mest komt van een paard dat gras van het veld heeft gegeten. Indien de mest aan de droge kant is, kunt u deze op een in water gedrenkt vel keukenrol plaatsen. Met een beetje geluk ziet u na een dag of vier de kogelschieters op de mest verschijnen!

Tekst: Hans de Jong, Mark Smeets en Math Driessen, Nederlandse Mycologische Vereniging
Foto's: Math Driessen (Leadfoto, Pilobolus oedipus); Hans de Jong; Mark Smeets

 

 

 

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen