Bergbasterdwederik

Stoepplantje van de week: bergbasterdwederik

Hortus botanicus Leiden
9-JUL-2022 - Bloeiend geven basterdwederiken kleur aan de meer schaduwrijke omgeving waarin zij groeien. De net rijpe vruchten splijten zo mooi open dat er hele series foto’s van worden gemaakt - maar wij konden voor dit stukje net geen mooie vinden, uw foto's zijn welkom! De bergbasterdwederik is niet heel gemakkelijk met zekerheid op naam te brengen, met de determinatiesleutel zal het wel lukken.
Deel deze pagina

Kennen jullie de pluisjesdagen? Bomen, zoals wilgen en populieren, verzorgen die in de lente. Hele straten zijn dan bedekt met een laagje katoenachtig wit pluis. Dat pluis bevat de vruchtjes van deze bomen. Vaak neemt de wind die pluisjes ver mee, soms zweeft het niet ver en landt het in grote hoeveelheden vlakbij de boom. In de zomer zorgen sommigen kruidachtige planten voor die pluisjes: speciaal het wilgenroosje (Chamerion angustifolium) is daar een ster in en evenaart, mits die in grote groepen groeit, die bomen in hoeveelheid vruchtpluis.

Bergbasterdwederik

Veel bescheidener daarin zijn de verwanten van het wilgenroosje, de vele soorten van het geslacht basterdwederik (Epilobium). Het zijn kleine planten met kleine bloemen. Ze komen niet in zulke grote groepen voor als het wilgenroosje, maar vruchtpluis maken ze ook. En hoe! Kwantiteit telt niet, maar kwaliteit. Kijk eens goed naar hun zeer langwerpige vruchten als die net rijp zijn en de kleppen zich openen. Een kunstschilder zal er lang en verlekkerd naar kijken.

Herkenning

De bergbasterdwederik (Epilobium montanum) is een van de ongeveer tien soorten basterdwederiken die in Nederland voorkomen. Ze lijken veel op elkaar. Ze op naam brengen is niet altijd eenvoudig. Daarnaast kruisen ze onderling ook nog eens gemakkelijk. Desondanks heeft het deel ‘basterd’ in de naam daar niets mee te maken.

De bergbasterdwederik is in Nederland herkenbaar aan de unieke combinatie van een vierlobbige stempel, de stengel zonder lijsten en de hangende bloemknop voordat die gaat bloeien. Deze combinatie van kenmerken deelt hij met de heuvelbasterdwederik (Epilobium collinum). Die is echter nog niet in Nederland gevonden, al kan dat natuurlijk ook komen doordat hij altijd voor een bergbasterdwederik is aangezien…
Voor de liefhebbers: zie de determinatiehulp voor basterdwederiken.

BergbasterdwederikIn Nederland vind ik basterdwederiken sierlijk van vorm tot ze net beginnen te bloeien, de jonge bloemen altijd sierlijk en de rijpe vruchten bijzonder mooi als ze net open springen met hun vruchtpluis dat zich begint te strekken. Kijk maar eens of jullie het met me eens zijn.

Kruisbestuiving of toch maar zelfbestuiving?

Kijk eens in de ochtend naar de net voor het eerst geopende bloem van de bergbasterdwederik. Dan zie je dat de meeldraden korter zijn dan de al rijpe stempel. Dan kan alleen kruisbestuiving plaatsvinden. Gedurende de dag groeien de meeldraden tot ze even lang zijn als de stempel en dan kan zelfbestuiving plaatsvinden. Als het donker wordt sluit de bloem.
Kijk de volgende ochtend naar dezelfde bloem die zich weer geopend heeft. De meeldraden blijken nog verder gegroeid. Dan is kruisbestuiving, maar ook nog zelfbestuiving mogelijk. Zorgen dat zelfbestuiving kan plaatsvinden beperkt het risico op onbevruchte bloemen drastisch. Planten met kleine alleenstaande bloemen krijgen immers minder insecten op bezoek.

Naam

De verschillende soorten basterdwederiken kunnen gemakkelijk kruisen. Basterd betekent dan wel bastaard, toch slaat het 'basterd' in basterdwederik niet op dat kruisen. Het geeft aan dat de basterdwederik geen 'echte' wederik (Lysimachia) is.
'Wederik' in de naam basterdwederik is waarschijnlijk afkomstig van wede, wat in dit geval wilg betekent. De bladeren van een wilg, wederik en basterdwederik hebben een overeenkomstig uiterlijk.
'Berg' in de naam bergbasterdwederik slaat waarschijnlijk gewoon op de bergen waar de plant ook groeit.
De wetenschappelijke naam Epilobium komt van het Griekse 'epi' ('op') en 'losbos' ('peul'). Die woorden zijn verlatijnst. Epilobium betekent dus (bloem) 'op de peul'. Een zeer rake beschrijving, want de bloem zit op het zeer langwerpige vruchtbeginsel dat wel wat op een peul lijkt.

Bergbasterdwederik, uit de Zakgids Stoepplanten

Geen tredplant

De bergbasterdwederik groeit niet midden op de stoep. Hij is geen tredplant. Evenmin komt hij voor op droge, warme plekken in de volle zon. Hij geeft de voorkeur aan meer beschaduwde, vochtige en voedselrijke plekken zoals brandpoorten, boomspiegels en beschaduwde muurkanten. Vooral in poorten groeien niet veel soorten planten. Laten we dus dankbaar zijn dat de bergbasterdwederik die soms sombere omgeving letterlijk opfleurt. In Grave kunt u het mooie portret van deze plant bewonderen dat Ina Versteeg van de plant maakte. En ziet u hem buiten, fijn als u hem aanmeldt voor het stoepplantjesonderzoek.

Bergbasterdwederik, uit de Zakgids Stoepplanten

Tekst: Ton Gordijn, Hortus botanicus Leiden
Foto's: Stef van Walsum, FLORON (leadfoto: bergbasterdwederik, uit de Zakgids Stoepplanten); André Biemans