Een vleermuiskast na plaatsing tussen de liggers. Duidelijk zichtbaar is de opening waarlangs vleermuizen zich kunnen bewegen tussen gekoppelde kasten. Uiteindelijk wordt de ruimte tussen de liggers aan de bovenzijde permanent afgedekt met een betonconstructie

Rijkswegviaducten nu ook voor vleermuizen

Boskalis Nederland, Faunus Nature Creations, Rijkswaterstaat
22-JUN-2026 - Rijkswaterstaat, Boskalis Nederland en Faunus Nature Creations hebben de handen ineengeslagen om een nieuw soort verblijfplaats voor vleermuizen te ontwikkelen. Op 11 juni zijn de eerste exemplaren geplaatst. Het gaat om speciale kasten die tussen de liggers van nieuwe viaducten worden ingebouwd. Ze zijn ontworpen voor dezelfde levensduur als de viaducten zelf: honderd jaar.

De beschikbaarheid van verblijfplaatsen voor vleermuissoorten die normaal in gebouwen wonen staat onder druk. In nieuwbouw ontbreken geschikte plekken vaak, terwijl bestaande verblijven op grote schaal verdwijnen door na-isolatie van woningen. Tegelijkertijd worden de komende jaren in heel Nederland vele viaducten vervangen, omdat ze aan het einde van hun levensduur zijn. Hoewel vleermuisverblijven in viaducten niet profiteren van woonruimteverwarming, kan het toevoegen van zulke plekken het aantal beschikbare verblijfplaatsen voor gebouwbewonende vleermuizen aanzienlijk vergroten. Alleen al Rijkswaterstaat beheert bijna 3.000 viaducten. Daarom is er een ontwerp gemaakt voor een type vleermuisverblijf dat tussen liggers van nieuwe viaducten geplaatst kan worden. Bij de verbreding van rijksweg A2 tussen knooppunten Het Vonderen en Kerensheide wordt deze oplossing voor het eerst toegepast.

Vleermuiskasten, gereed voor inbouw in een viaduct

Waarom tussen de liggers?

De ruimtes tussen de liggers van viaducten zijn normaal gesproken loos. Soms zijn ze toegankelijk via smalle openingen aan de onderkant, maar vaak zijn die openingen ook afgedicht. Door de hoeveelheid beton is de temperatuur er relatief stabiel, terwijl ruimtes die uiteindelijk onder een zwart wegdek komen te liggen in de zomer kunnen opwarmen door de zon. Een goed uitgekiende inrichting van de ruimte onder (donker, verkeersluw) en naast (aansluitende beplanting) het viaduct is belangrijk. Dan hebben de ruimtes tussen de liggers potentie als verblijfplaats, vooral voor gewone dwergvleermuizen, ruige dwergvleermuizen en wellicht ook laatvliegers. Vleermuiskasten passen echter niet in deze bijzonder gevormde ruimtes. Tot nu toe.

Opgeruwde ruimte tussen de liggers, en doorkruipruimtes voor de vleermuizen, vóór het plaatsen van de kasten

Een kast op maat

De nieuwe kasten zijn gemaakt van cementgebonden panelen, met lamellen van houtwolcement op verschillende afstanden tussen 15 en 25 millimeter. Via openingen in de lamellen kunnen de vleermuizen zich door de kasten bewegen. De kasten hebben de vorm van de ruimte tussen de liggers, zodat ze daar precies in passen. Na plaatsing wordt het viaduct afgewerkt en zijn de kasten niet langer zichtbaar of bereikbaar voor mensen, waardoor het ontwerp uitgaat van een levensduur van 100 jaar. De kasten zijn ongeveer een halve meter lang en daardoor goed hanteerbaar. Er kunnen er ook meerdere aan elkaar gekoppeld worden. Bij de A2 worden er steeds twee naast elkaar geplaatst, op meerdere plaatsen, in vijf viaducten. De toegang tot de kasten voor de vleermuizen bestaat uit openingen aan de onderzijde van het viaduct die niet afgedicht worden, maar juist opgeruwd worden, zodat de dieren voldoende grip hebben. In juni is gestart met de plaatsing van de eerste kasten in twee viaducten.

Plaatsing van de kasten tussen de liggers. Twee kasten worden tegen elkaar geplaatst

Natuurinclusief bouwen

Het aanbrengen van vleermuisverblijven tussen de liggers is bij de verbreding van de A2 geen wettelijke verplichting. Het wordt gedaan om extra verblijfplaatsen voor vleermuizen te creëren en zo bij te dragen aan de biodiversiteit. Daarmee is dit project een mooi voorbeeld van natuurinclusief bouwen. De komende jaren wordt het gebruik van de kasten gemonitord, om meer inzicht te geven in de manier waarop verschillende vleermuissoorten gebruikmaken van deze nieuwe verblijfplaatsen.

Tekst: Victor Loehr, Rijkswaterstaat; Heleen Broier, Boskalis Nederland; Jordi Jansen, Faunus Nature Creations
Beeld: Victor Loehr, Rijkswaterstaat (leadfoto: een vleermuiskast na plaatsing tussen de liggers. Duidelijk zichtbaar is de opening waarlangs vleermuizen zich kunnen bewegen tussen gekoppelde kasten. Uiteindelijk wordt de ruimte tussen de liggers aan de bovenzijde permanent afgedekt met een betonconstructie)