Schimmels houden bomen in leven tijdens heersende droogte
Paddenstoelenonderzoek NederlandVan alle soorten planten leeft 90 procent in symbiose met schimmels. Schimmels voorzien planten van water en mineralen en beschermen ze tegen zware metalen. In ruil daarvoor krijgen de schimmels suikers van de plant. Hoewel we momenteel geen paddenstoelen – de vruchtlichamen van de schimmel – zien, zijn ze ontzettend hard aan het werk om bomen en planten in deze extreme droogte te voorzien van water en mineralen. De fijne schimmeldraden kunnen wel nog lang water vinden in de kleinste bodemporiën, waar planten- en boomwortels niet kunnen komen. Hierdoor komen bomen en planten op dit moment nog net aan voldoende water.

Als voorbereiding op de bladval in de herfst haalt de plant chlorofyl terug uit zijn bladeren. Chlorofyl is een natuurlijk groen kleurpigment – ook wel bladgroen genoemd. In de herfst breekt de boom het groene chlorofyl in de bladeren af, waardoor andere kleurstoffen, met geel en oranje pigment, zichtbaar worden. Bij langdurige droogte komt dat proces al veel eerder op gang en dit zien we nu in grote delen van het land gebeuren.
Met deze kennis in het achterhoofd, kijk je met meer verwondering naar een kleine paddenstoel naast een enorme boom. Wees dan ook voorzichtig met werkzaamheden rondom bomen, laat de bodem zoveel mogelijk intact. Dit zorgt ervoor dat je de bodem niet verdicht en het mycelium – de zwamvlok bestaande uit schimmeldraden – niet beschadigt.

Ook het mycelium is niet veilig voor extremen
Als het te droog en te heet wordt, kan dit ook gevolgen hebben voor het mycelium van de schimmel. Extreme droogte heeft dus niet alleen impact op de bomen zelf, maar ook op de schimmels die ze te hulp schieten. Daarom is het uiterst belangrijk om een zo evenwichtig mogelijke vochtbalans te creëren in het gebied.
Gevaarlijke combinaties
De combinatie van zeer hoge temperaturen en veel vocht in de lucht – een hoog dauwpunt en hoge luchtvochtigheid – is voor bomen en planten uiterst gevaarlijk. De lucht kan dan nog maar weinig extra vocht opnemen. De verdamping via de bladeren (transpiratie) neemt daardoor sterk af, terwijl dit juist het belangrijkste mechanisme is waarmee een boom zijn bladeren koelt. De bladtemperatuur kan hierdoor gevaarlijk hoog oplopen. Wanneer de transpiratie sterk afneemt, kan ook de opwaartse sapstroom vertragen of zelfs tijdelijk stilvallen. Daardoor komt de aanvoer van water en voedingsstoffen uit de bodem, die mede mogelijk wordt gemaakt door schimmels, onder druk te staan.
Maar ook de combinatie van zeer hoge temperaturen met zeer weinig vocht in de lucht geeft problemen. De lucht bevat dan heel weinig waterdamp en kan juist veel vocht opnemen. De bladeren verdampen in deze situatie zeer snel water. De wortels kunnen dat waterverlies vaak niet bijbenen, zelfs niet met de hulp van schimmels. Om uitdroging te voorkomen sluiten bomen hun huidmondjes. Daarmee beperken ze weliswaar het waterverlies, maar tegelijkertijd stoppen ook de koeling van de bladeren en de opname van koolstofdioxide voor de fotosynthese. Bovendien neemt de sapstroom af, waardoor ook de aanvoer van voedingsstoffen wordt beperkt. Schimmels kunnen met hun fijne netwerk van schimmeldraden in deze omstandigheden een belangrijke rol spelen door het laatste beschikbare water uit de bodem naar de boom te transporteren.

Tekst: Ronald Morsink, Paddenstoelenonderzoek Nederland
Beeld: Michiel Verhofstad; Melchior van Tweel; Ronald Morsink
