12-AUG-2026 - Wie aan brandnetels denkt, legt niet direct een link met paddenstoelen. In deze droge omstandigheden kunnen dode brandnetelstengels echter vol verschillende soorten paddenstoelen zitten, zoals het Brandnetelvulkaantje en verschillende soorten Brandnetelklokjes. Een afgestorven brandnetelstengel vormt een verrassend rijke wereld van schimmels en andere kleine organismen.

Dode stengels van brandnetel zijn bij uitstek het hele jaar door geschikt om naar paddenstoelen te zoeken. Het Brandnetelvulkaantje is daar een heel mooi voorbeeld van. Het is een kleine zakjeszwam (ascomyceet) uit de familie Leptosphaeriaceae. De soort leeft saprotroof: hij haalt zijn voedsel uit dode brandnetelstengels, met name uit oudere, gedeeltelijk verterende stengels. Zo speelt deze soort een rol bij de afbraak van het plantenmateriaal.

Het Brandnetelvulkaantje groeit vooral in het voorjaar op oude stengels van brandnetels, maar de vruchtlichaampjes zijn daarna nog het hele jaar te zien. Onder de loep lijken ze op kleine bergjes die ieder moment zouden kunnen uitbarsten. Eén vruchtlichaam is maar 0,2 tot 0,4 millimeter groot! Wat je ziet is het vruchtlichaam van de schimmel. Binnenin worden de microscopisch kleine sporen gevormd, die door de krater naar buiten worden geschoten. In feite is het vruchtlichaam een uiterst verfijnde sporenlanceerinrichting.

Het Brandnetelvulkaantje op een brandnetelstengel

Een hangend klokje

Wie goed zoekt, kan op dezelfde brandnetelstengels nog een heel ander type paddenstoeltje tegenkomen: verschillende soorten Brandnetelklokjes (Calyptella). Aan de naam zou je kunnen denken aan een campanula-bloem uit de klokjesfamilie, maar dit is ook weer een zeer klein en fascinerend paddenstoeltje.

De naam doet al vermoeden hoe klein en sierlijk dit zwammetje is. De vruchtlichamen zijn witte tot goudgele, klok- of bokaalvormige bekertjes, opgehangen aan een dun steeltje. Ze worden maar enkele millimeters groot. Vaak staan er meerdere bij elkaar.

Het Brandnetelklokje ziet er niet uit als een plaatjeszwam, maar is er evolutionair wel familie van. Waar een champignon zijn sporen aan de onderkant van plaatjes vormt, doet het Brandnetelklokje dat op de binnenzijde van zijn kleine, klokvormige vruchtlichaam.

Brandnetelklokjes

Een dode brandnetel leeft nog

Het Brandnetelvulkaantje en het Brandnetelklokje zijn slechts twee voorbeelden. Een afgestorven brandnetelstengel kan een verrassend rijke wereld vormen van schimmels en andere kleine organismen. Dat komt doordat de Grote brandnetel in Nederland algemeen voorkomt en op veel plaatsen grote hoeveelheden afgestorven stengels achterlaat. Voor schimmels zijn die stengels geen waardeloos afval. Ze bevatten organisch materiaal, dat langzaam kan worden afgebroken.

De stengel verandert daarmee geleidelijk van een levende plant in een voedselbron voor een hele reeks organismen. Eerst zijn er soorten die het materiaal kunnen koloniseren, daarna volgen andere afbrekers. Iedere soort heeft zijn eigen voorkeuren: de een groeit op een bepaald deel van de stengel, de ander heeft een voorkeur voor een bepaald stadium van vertering.

Zo ontstaat op iets wat eruitziet als een simpele bruine stengel een klein ecosysteem.

Tekst: Ronald Morsink, Paddenstoelenonderzoek Nederland
Beeld: Hans Dimmers (leadfoto: op zoek naar paddenstoelen in de brandnetels); Menno Boomsluiter; Gerben Winkel