Nature Today

Een maaltijd van sappig groen en uitwerpselen

7-APR-2012 - In de winter zijn bevers nagenoeg geheel aangewezen op bast van bomen, struiken en twijgen. Dit dieet vullen ze aan met worteldelen van verschillende planten, zoals riet, gele plomp, gele lis en brandnetel. In april zijn veel planten al dusdanig uitgelopen dat het aandeel bast dat gegeten wordt snel afneemt. Al dat verse sappige groen laat de bever zich goed smaken: er zijn honderden plantensoorten die de bever als voedsel nuttigt. Maar dat is niet alles: de bever eet ook zijn eigen uitwerpselen.
Deel deze pagina

Bericht uitgegeven door Zoogdiervereniging [land] op [publicatiedatum]

In de winter zijn bevers nagenoeg geheel aangewezen op bast van bomen, struiken en twijgen. Dit dieet vullen ze aan met worteldelen van verschillende planten, zoals riet, gele plomp, gele lis en brandnetel. In april zijn veel planten al dusdanig uitgelopen dat het aandeel bast dat gegeten wordt snel afneemt. Al dat verse sappige groen laat de bever zich goed smaken: er zijn honderden plantensoorten die de bever als voedsel nuttigt. Maar dat is niet alles: de bever eet ook zijn eigen uitwerpselen.

Bevervraat aan bomen (foto: Stefan Vreugdenhil)Bevers (Castor fiber) zijn strikte herbivoren, dat wil zeggen dat ze uitsluitend plantaardig voedsel eten, al kan het natuurlijk gebeuren dat er af en toe een bladluis of ander klein grut mee naar binnen gaat. Toch kunnen bevers niet alle planten eten, of niet al te grote hoeveelheden van bepaalde soorten. Dat heeft te maken met bepaalde stoffen in die planten, die niet zozeer voor de bever zelf giftig zijn, maar voor de bacteriën die de bever helpen om het voedsel te verteren. De bever heeft namelijk een grote bacteriekolonie in zijn blinde darm, die daarvoor sterk is vergroot. Deze bacteriën zetten het voedsel om in stoffen die de bever op kan nemen.

Nu is er een probleempje, en wel dat de blinde darm zich aan het eind van het verteringskanaal bevindt. Daardoor kan de bever zonder aanpassingen niet alle voedingsstoffen opnemen. Hoe lost de bever dit probleem op? Overdag, als de dieren rusten, produceren ze speciale pasta-achtige keutels waarin ook de bacteriën zitten, en die eten ze dan op. Het voedsel gaat dan samen met die bacteriën voor een tweede keer door het verteringskanaal en daarbij worden de benodigde voedingsstoffen opgenomen. ’s Avonds, als de bevers actief worden en gaan zwemmen, poepen ze de keutels uit waarin de reststoffen zitten die ze kwijt moeten. Het opeten van uitwerpselen die speciaal gemaakt worden om op te eten wordt caecotrofie genoemd. Ook konijn en haas kennen dit verschijnsel.

Bevers hebben een uitgebalanceerd dieet nodig (foto: Mark Zekhuis, Saxifraga)

Planten hebben in de loop van de evolutie op vraat door herbivoren gereageerd door zogenaamde antivraatstoffen aan te maken. Deze stoffen kunnen giftig zijn voor de bacteriën die het voedsel voor de bever verteren. Als een bever veel eet van een soort met veel antivraatstoffen, zoals de meeste esdoornsoorten, dan verhongert hij met een volle maag en darm, omdat de bacteriën het niet kunnen verteren of er zelfs aan dood gaan. De bever moet daarom een heel uitgebalanceerd dieet samenstellen om de bacteriën het werk te kunnen laten doen en om toch alle benodigde voedingstoffen binnen te krijgen.

In Nederland heeft de Zoogdiervereniging 2012 uitgeroepen tot het Jaar van de Bever. 

Tekst: Vilmar Dijkstra, de Zoogdiervereniging Nederland
Foto's: Stefan Vreugdenhil; Mark Zekhuis, Saxifraga

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen