Nature Today

Weer twee nieuwe soorten bij op Belgische vlinderlijst

5-SEP-2014 - Op minder dan een maand telt de Belgische vlinderlijst weer twee soorten meer. Geen minuscule mineermotjes, maar twee juweeltjes uit Zuid- en Oost-Europa: het Prachtpurperuiltje en het micro-nachtvlindertje Pyralis regalis, waarvoor de naam ‘Sultanmotje’ werd bedacht.
Deel deze pagina

Bericht uitgegeven door Natuurpunt Studie [land] op [publicatiedatum]

Op minder dan een maand telt de Belgische vlinderlijst weer twee soorten meer. Geen minuscule mineermotjes, maar twee juweeltjes uit Zuid- en Oost-Europa: het Prachtpurperuiltje en het micro-nachtvlindertje Pyralis regalis, waarvoor de naam ‘Sultanmotje’ werd bedacht. Het gaat tweemaal om een primeur voor de Benelux.

Op 19 juli 2014 werd tijdens een nachtvlinderinventarisatie in de Kortrijkse kleiputten een opvallend getekend vlindertje opgemerkt. Free Claerbout en Thijs Calu hadden al snel door dat dit exemplaar tot een zuidelijke soort behoorde die nog niet eerder in de Benelux was vastgesteld: Pyralis regalis. Micro-nachtvlinders staan niet meteen bekend als een toegankelijke soortgroep, maar deze soort is door zijn vleugeltekening onmiskenbaar. Het gaat om een broertje van de ook bij ons algemene Grote meelmot (Pyralis farinalis), die als een pestsoort bekend staat. Hoewel Pyralis regalis een erg opvallende soort is die van Zuid-Europa tot in Oost-Azië voorkomt, is op het internet nauwelijks iets te vinden over de leefwijze van het diertje. Rupsen ervan werden in Japan in een wespennest aangetroffen, waar ze wellicht als afvalopruimers leefden, terwijl de literatuur ook melding maakt van verwelkte bladeren van rozen, eik en wilg.

Pyralis regalis werd nog nooit eerder waargenomen in België en had dan ook nog geen Nederlandse naam (Foto: Thijs Calu)

In West-Europa wordt dit beestje zelden of nooit gezien. Er zijn oude waarnemingen uit Duitsland, terwijl de soort nog nooit werd vastgesteld in Nederland of het Verenigd Koninkrijk. Opmerkelijk is dat van deze nachtvlinder lokale populaties voorkomen in Zuid-Zweden. Daar is het beestje wellicht per toeval ingevoerd, maar kan het zich wel handhaven. De waarnemers stellen voor dat dit zuiderse diertje voortaan onder de exotisch klinkende naam ‘Sultanmotje’ door het leven gaat.

Op 8 augustus zette Leo Janssen  zijn nachtvlinderlamp op zijn vaste stek, een Edegemse tuin, en dat ondanks slechte weersvoorspellingen. Een prachtig roze en geel vlindertje dat in de val zat, bezorgde Leo niet alleen een geweldige adrenalinestoot, maar ook veel stress: het beestje ontsnapte immers in eerste instantie maar keerde gelukkig terug naar de lamp. Meteen had Leo door dat dit een bijzonder beestje was. Speurwerk in buitenlandse gidsen leverde al snel de naam ‘Eublemma purpurina’, waarvoor inmiddels de Nederlandse naam Prachtpurperuiltje geldt.

Het Prachtpurperuitlje wordt in heel West-Europa maar sporadisch waargenomen, wat de Vlaamse waarneming heel uniek maakt (Foto: Chris Snyers)

Die soort wordt maar sporadisch in West-Europa gezien. Sinds 2001 werd een beperkt aantal exemplaren gemeld in Zuid-Engeland en ook in Zuid-Duitsland durft de soort opduiken. Van dit mediterrane beestje is bekend dat het grote afstanden kan afleggen, zodat het bijgevolg als trekvlinder wordt geklasseerd. De waardplanten voor de soort komen overigens ook bij ons voor: verschillende soorten distels, met een voorkeur voor Akkerdistel. Waarschijnlijk is Vlaanderen nog te koud om populaties van deze soort te herbergen, maar misschien was dit de voorbode van meer.

Tekst: Wim Veraghtert
Foto's: Thijs Calu, Chris Snyers

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen