Nature Today

Slechtvalk herschikt lijf en leden tijdens duikvlucht

17-MRT-2014 - Wanneer Slechtvalken een duikvlucht maken, halen ze duizelingwekkende snelheden van meer dan 300 km/u. Zo’n hoge snelheid vergt aanpassingen aan hun lichaam. Zo herschikt het dier in duikvlucht niet alleen zijn vleugels om aerodynamischer te worden komen, ook komen enkele veren op de bovenkant van zijn vleugels tevoorschijn. Dat ontdekten Benjamin Ponitz en zijn collega’s van het ‘Institute of Mechanics and Fluid Dynamics’ in Freiburg, Duitsland.
Deel deze pagina

Bericht uitgegeven door Natuurpunt [land] op [publicatiedatum]

Wanneer Slechtvalken een duikvlucht maken, halen ze duizelingwekkende snelheden van meer dan 300 km/u. Zo’n hoge snelheid vergt aanpassingen aan hun lichaam. Zo herschikt het dier in duikvlucht niet alleen zijn vleugels om aerodynamischer te worden, ook komen enkele veren op de bovenkant van zijn vleugels tevoorschijn. Dat ontdekten Benjamin Ponitz en zijn collega’s van het ‘Institute of Mechanics and Fluid Dynamics’ in Freiburg, Duitsland.

Slechtvalken zijn de snelste vogels ter wereld. Horizontaal vliegen ze met een snelheid van wel 150 km/u en in duikvlucht schakelen ze nog ettelijke versnellingen hoger. Het record staat op niet minder dan 389 km/u, nét 20 km/h sneller dan de hoogste snelheid die ooit in een Formule 1-bolide gehaald werd. De duikvlucht van de Slechtvalk is dan ook een interessant en vaak onderzocht onderwerp. Maar door hun helse snelheid is het moeilijk om gedetailleerde informatie te verzamelen over de manier waarop ze die snelheden halen.

De Slechtvalk, de snelste vogel ter wereld. (foto: Harvey van Diek)
Een valkenier trainde valken om langs een 60 meter hoge dam duikvluchten uit te voeren. De wetenschappers konden op die manier 35 vluchten filmen met een hogesnelheidscamera en een hogeresolutiecamera. De verzamelde beelden werden gebruikt om het vluchttraject en de lichaamsvorm in verschillende fases van de duik te reconstrueren. Op basis van het beeldmateriaal bouwden de onderzoekers ook een model van de valk na op ware grootte. Zo kon de aerodynamica van de modelvogel in een windtunnel geanalyseerd worden.

Hoe sneller de Slechtvalk duikt, hoe harder hij de vleugels tegen zich aandrukt. De wetenschappers onderscheidden verschillende fases: tot 190 km/u nemen de vleugels de vorm van een V aan, met de breedste kant aan de schouders en de tip aan de staart. Bij snelheden van 240 km/u vallen hun vleugels in een strakke verticale plooi. Eenmaal de vogels hun absolute topsnelheid bereiken, vouwen ze hun vleugels zo strak over de lengte van hun uitgestrekte lichaam, dat de ruimte ertussen volledig vacuüm gezogen wordt.

Verschillende fases in de duikvlucht. (foto: Plos one)
Tijdens het experiment haalden de duikende vogels snelheden tot 80 km/u. Hun lichaam kreeg daarbij zoals verwacht de vorm van een V. Het deel van de vleugel dat als eerste in contact komt met de lucht, vertoonde een golvende structuur met groeven in de holtes tussen de nek en schouders. De foto’s van de duikende valk werden daarna ook vergeleken met de resultaten van de proefjes in de windtunnel. Daaruit bleek dat de grote handdekveren op de bovenkant van de vleugel omhoog komen. De wetenschappers vermoeden dat die veren de luchtweerstand verkleinen, waardoor de dieren nog hogere snelheden halen. Slechtvalken zijn niet alleen ongelooflijk snel, ze kunnen op hoge snelheid ook nog eens extreem behendig manoeuvreren. De dieren maken elkaar bijvoorbeeld het hof door op het einde van een diepe duikvlucht een abrupte koerswijziging te maken, steil naar omhoog.

De spectaculaire kunsten van de snelheidsduivel zijn sinds 1995 ook weer in België te bewonderen, nadat hij was uitgestorven door het overmatige gebruik van pesticiden. Vooral in de stad is de Slechtvalk een graag geziene gast. De dieren plukken er namelijk verwilderde duiven, die vaak voor overlast zorgen, uit de lucht en peuzelen ze op. Hun razende duik naar beneden komt daarbij goed van pas. In zittende prooien interesseert de soort zich niet. Koppeltjes Slechtvalken bouwden onder andere in de Sint-Baafskathedraal in Gent en de Sint-Romboutskathedraal in Mechelen hun nest.

Tekst: Marie 's Hertogen, Natuurpunt naar http://www.plosone.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pone.0086506 en
http://www.sciencedaily.com/releases/2014/02/140206101105.htm
Foto: Harvey van Diek, Plos One
Beeld: BBC

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen