Uitzonderlijk hoge aantallen gaaien tijdens invasiejaar

Sovon Vogelonderzoek Nederland
1-OKT-2019 - 2019 is een invasiejaar voor gaaien. Op drie achtereenvolgende dagen werden op telposten bij Doesburg, Amersfoort en Rhenen uitzonderlijke aantallen van rond de 2000 exemplaren geturfd, veroorzaakt door een combinatie van een succesvol broedseizoen en voedseltekort. In eerdere invasiejaren lagen de maxima rond de 1000. Het is nu de vraag of de vogels zullen doorstoten naar de kust.
Deel deze pagina

Invasiejaren

Gaaientrek valt op en is al lang gerapporteerd. Zo vermeldt Albarda in zijn Aves Neerlandicae (1897) het periodiek optreden van ‘talrijke scharen uit het Oosten’. Massale trek van gaaien, ingegeven door voedselgebrek, is echter een betrekkelijk schaars fenomeen. Bekende invasiejaren van na 1970 zijn die van 1972, 1977, 1983, 1996 en 2010. De betrokken vogels zijn, gezien de trekrichting en berichten van elders, veelal afkomstig uit Midden-Europa. Ze houden (aanvankelijk) een nogal noordwestelijke koers aan. In sommige jaren, zoals 1983, bereiken grote aantallen de Britse Eilanden. Hier vind je een impressie van de invasie van 2010 (pdf: 334 KB).

Invasie 2019

De invasie van 2019 was half september goed merkbaar in het uiterste zuidoosten van het land. Een week later was het front tot halverwege Nederland gevorderd. Het kaartje van Trektellen.nl, bijgewerkt tot en met 25 september, laat goed zien dat de hoogste aantallen zijn genoteerd op de overgang van de hoge naar de lage delen van Nederland (en België). Houd er wel rekening mee dat niet op alle telposten even lang geteld is, wat voor enige vertekening kan zorgen. De grootste groepen telden rond de tachtig vogels. We zijn benieuwd of de vogels nu gaan doorstoten tot de kust. 

Ongewone aantallen

Trekkende gaai over telpost De Puinhoop te Katwijk, 20 september 2019

Op drie achtereenvolgende dagen zijn aantallen van rond de 2000 Gaaien op een telpost geturfd: op 20 september (1844 Eldrik bij Doesburg), 21 september (1878 Hazewater Amersfoort) en 22 september (2063 Blauwe Kamer bij Rhenen). Op zulke plekken zal lokale verdichting van de trekstroom zijn opgetreden. Het zijn voor Nederland uitzonderlijke aantallen. De maxima in de database van Trektellen.nl uit 2004 (726 bij Malden) en 2010 (1178 De Hamert) liggen een stuk lager.

Koddig maar indrukwekkend

Gaaien op trek zijn een koddig, maar ook indrukwekkend gezicht. Je ziet gewoon dat ze gemaakt zijn om van boom tot boom te vliegen, en niet voor de lange afstanden. Als de vogels voor hen enge barrières moeten oversteken, zoals grote wateren of een open landschap, gaan ze meteen de hoogte in. Vaak vormen ze daarbij een ketting waarbij ze een flinke onderlinge afstand houden, en zwoegen ze enigszins onbeholpen voort. Sommige hebben proviand bij zich in de vorm van een eikeltje.

Landschappelijke effecten

Op locaties waar de gaaien geconfronteerd worden met onaantrekkelijk terrein, volgen ze vaak lokale bosjes en singels om de oversteek zo lang mogelijk uit te stellen. Afwijkende vliegrichtingen zijn het gevolg. Na enkele dagen met goede trek lijkt er bovendien verwarring op te treden onder de trekkers. Het is niet ongewoon om dan 'spijtoptanten' in omgekeerde richting (naar het zuiden of zuidoosten) te zien vliegen.

Bijzondere ervaring

Hoe dan ook was het voor iedereen die dit weekend buiten was en wat van de gaaientrek meekreeg, een bijzondere ervaring. Begunstigd door het geweldige weer (zonnig, helder, rustig) was het genieten geblazen. Zelfs geharde trektellers waren onder de indruk. "Armada's zwijgende Gaaien van de Grebbeberg af naar oost of, ver in het westen, naar zuid" (telpost Blauwe Kamer); "een ongelooflijke stroom Gaaien westwaarts" (Doesburg).

Weinig terug

De voorjaarstrek van terugkerende gaaien, in april en begin mei, stelt ook na een omvangrijke invasie weinig voor (zie het doortrekpatroon van Trektellen.nl). De meeste voorjaarstrek wordt geconstateerd in het zuidoosten van het land, maar aantallen van 100 tot zelfs 300 (De Hamert, 10 april), zoals in voorjaar 2011, zijn ook voor daar uitzonderlijk. Elders in het land blijft het bij dagtotalen van hooguit enkele tientallen, zelfs op een befaamde telpost als Breskens (maximum 65 op 2 mei 1997). 

Tekst: Sovon Vogelonderzoek Nederland
Foto: René van Rossum, Trektellen.nl

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen