Reuzenratten en dwergolifantjes: eilanden nemen dieren op de schop

Naturalis Biodiversity Center
12-JUN-2021 - Op eilanden leven andere zoogdiersoorten dan op het vasteland. Dat komt door hun isolatie gedurende honderdduizenden of miljoenen jaren. Bovendien ontbreken warmbloedige landroofdieren en is de hoeveelheid voedsel beperkt. In de nieuwe editie van het handboek Evolution of Island Mammals komen ze allemaal aan bod.
Deel deze pagina

Grote eilanden zoals Sulawesi, Luzon (Filipijnen) en Madagaskar staan bekend om hun rijkdom aan zoogdiersoorten. Het merendeel van de soorten hier komt nergens anders ter wereld voor. Daarom geven we zulke eilanden het label ‘biodiversiteitshotspot’. Voorbeelden van opmerkelijke zoogdieren zijn de dwergbuffels, varkens met bizarre hoektanden, en een spitsmuis zonder kiezen van Sulawesi. Op Luzon leven onder meer dwergherten, spookdiertjes en wolharige reuzenratten. Madagaskar spant de kroon met fossas, meer dan honderd soorten lemuren, en rond de dertig soorten van zowel tenrecs als eilandmuizen.

Schedel van de babiroesa van Sulawesi, het spookdiertje van de Filipijnen en een tenrec van Madagaskar

Handboek

Dit is maar een kleine greep uit de bonte verzameling eilanddieren wereldwijd. Vroeger leefden dit soort unieke zoogdieren op vrijwel alle grote en middelgrote eilanden. Onderzoekers van Naturalis en de universiteit van Athene onderzochten welke soorten waar en wanneer leefden, hoe ze eruit zagen en hoe ze leefden. Ze beschrijven ruim 300 soorten van 80 eilanden wereldwijd van de laatste 66 miljoen jaar in de nieuwe editie van hun Engelstalige handboek, Evolution of Island Mammals. Adaptation and Extinction of Placental Mammals on Islands. 

Dwergen

Een patroon dat opvalt door het hele boek heen, is de evolutie van grote diersoorten tot dwergvormen. Zonder roofdieren zoals leeuwen hoeven olifanten en grote grazers niet meer zo groot te zijn. Een kleinere maat is gunstig, want dan is er minder voedsel nodig. De kleinste soorten dwergolifanten waren zo groot als een pony, en de kleinste dwergnijlpaarden hadden het formaat van een varken. Ook mensachtigen waren soms klein op eilanden, zoals we weten van Flores en Luzon. De Floresmens was bijvoorbeeld maar 110 centimeter lang.

Dwergbuffels van Sulawesi en de Filipijnen vergeleken met hun voorouder van het vasteland

Reuzen

Aan de andere kant van de schaal zien we kleine soorten, die juist groter worden op eilanden. Zonder landroofdieren hoeven ze zich niet meer in spleten en gangen te verbergen, en hoeven ze niet meer zo klein te zijn. Een grotere maat heeft het voordeel dat er meer reserves zijn om barre tijden te kunnen overleven. Hun stofwisseling daalt bovendien, omdat grotere dieren een relatief kleiner oppervlakte hebben, zodat ze minder warmte verliezen.

De grootste soorten reuzenratten en reuzenslaapmuizen waren zo groot als een flinke kat. Een reuzenhaaregel was zelfs zo groot als een kleine hond. Behalve reuzen en dwergen waren er ook ronduit bizarre soorten, zoals een hertachtige met vijf hoorns, geitachtigen met altijd doorgroeiende snijtanden en een dwergolifant met vier stoottanden. Weer andere soorten evolueerden in een veelheid van soorten (adaptieve radiatie), zoals de lemuren van Madagaskar. De allergrootste, zo groot als een gorilla, zijn uitgestorven; de allerkleinste, zo groot als een muis, leven gelukkig nog.

Skelet van een reuzenhaaregel en de schedel van een vijfhoornige hertachtige

Nederlandse eilanden

Hoe staat het met de Nederlandse eilanden? Helaas, de Waddeneilanden en de Zeeuwse eilanden zijn geologisch erg jong en ontstonden pas in het Holoceen, het huidige tijdperk. Evolutie heeft doorgaans meer tijd nodig. Bovendien zijn de meeste van deze eilanden te klein of te dicht bevolkt om grotere diersoorten te herbergen. Het grootste Waddeneiland, Texel, is ongeveer 170 vierkante kilometer. Ter vergelijking, het kleinste eiland (Karpathos) waar ooit een dwerghert leefde, was ongeveer 600 vierkante kilometer groot in de IJstijd. Het kleinste dwergnijlpaard ooit leefde op Cyprus, een eiland van rond de tienduizend vierkante kilometer.

En de Nederlandse Antillen dan? In het Pleistoceen leefden er in ieder geval een rijstrat, een kleine muis en een armadillo op Bonaire. Curaçao herbergde een luiaard, een paar soorten middelgrote rijstratten en een reuzenrat. Ook op Sint Maarten leefde een reuzenrat. Net als op de meeste eilanden, zijn deze endemische zoogdieren daar nu uitgestorven; sommige pas in de twintigste eeuw. Laten we als mensheid dus zuinig zijn op de overgebleven eilandbewoners, zoals die van Sulawesi, Luzon en Madagaskar.

Reuzenrat van Sint Maarten. En een schouderblad van de uiterst zeldzame fossiele luiaard van Curaçao

Meer informatie

Tekst: Alexandra van der Geer, Naturalis Biodiversity Center
Foto's: Shutterstock; Alfred Wallace; Greek Golangco; Frank Vassen; Roberto Rozzi; Naturalis; Museum National d’Histoire Naturelle, Parijs