Vogelmuur

Stoepplantje van de week: vogelmuur

Hortus botanicus Leiden
20-FEB-2022 - Redelijk veel soorten stoepplanten zijn het hele jaar aanwezig. Jaarrond bloeien doen er maar weinig. Vogelmuur is er één van. In zachte winters zie je overal de bloemen, kleine witte sterretjes. Vogels lusten de zaden en bladeren graag, een echt superfood. Daarnaast vertroetelt vogelmuur ook nog de grond die anders kaal zou blijven en dichtslaan.
Deel deze pagina

Het hele jaar door kunnen we van vogelmuur (Stellaria media) genieten, ‘s zomers en ‘s winters bloeiend. In stedelijke omgeving groeit hij overal, speciaal in omgewoelde grond. Met zijn tere gestel is hij geen tredplant. Tussen veelbetreden stoeptegels komt hij nauwelijks voor, maar des te meer aan stoepranden, tegen muren en in boomspiegels. Een stoepplant is hij dus wel.

Vogelmuur zie je in zachte winters overal

Vogelmuur op de stoep

Vogelmuur. Jonge helmknoppen zijn rood van kleur
Hij ziet er veel te teer uit om stevige vorst te kunnen overleven. Toch doet hij dat. Als het niet lukt met een portie antivries door extra suikers, lukt het wel door zijn snelle groei en vele generaties per jaar. Enkele weken na ontkiemen kan hij al bloeien. Het hele jaar door kan het zaad ontkiemen, ook in de winter als het niet vriest.

Kenmerken

Ook deze winter zien we overal de planten met kleine bloemen, witte sterretjes met naar het lijkt tien kroonbladen. In werkelijkheid zijn het vijf kroonbladen die diep ingesneden zijn. Volg eens een aantal dagen achter elkaar de bloemen van één plant. Dan zal je zien dat nadat de bloem uitgebloeid is, de vrucht een eigen idee van positie heeft. Welke? Kijk zelf maar, vogelmuur staat overal.
Kijk dan ook eens naar de meeldraden in de bloemen. De jonge helmknoppen zijn rood van kleur, bij rijpheid verkleuren ze naar lichtbruin.

Vogelmuur is te herkennen aan de enkele rij haren

Vogelmuur is bij vogels populair

In de winter bloeien geen plantensoorten die op vogelmuur lijken. In het zomerhalfjaar wel, zoals bijvoorbeeld soorten uit het geslacht hoornbloem (Cerastium). Je kan een plant dan, naast andere kenmerken, als vogelmuur herkennen door de enkele rij haren in lengterichting op de ronde stengel. Zie je die rij haren, trek dan vervolgens de stengel voorzichtig uit elkaar. Zie je een soort ‘elastiekjes’ (de vaatbundels) tussen de twee stengeldelen achterblijven, dan heb je vast vogelmuur voor je. Als het de eerste keer niet lukt met die elastiekjes, probeer het dan nog een keer en nog eens. Vogelmuur genoeg.

Superfood

Maar toch, pluk niet alles, weet dat vogelmuur populair is. Zeer zeker bij vogels, zoals de naam in Nederland, maar ook in Engeland (common chickweed), Frankrijk (mouron des oiseaux) en Duitsland (Vogelmier) aangeeft. Maar ook bij sommige mensen is de plant populair.

C.A.J.A. Oudemans (1825-1906) maakte zelf de tekeningen voor zijn Flora, hier de vogelmuur.

Wat eten die vogels en mensen van deze plant? Vogels eten natuurlijk de rijpe zaden. Die zijn piepklein, dus ze moeten er heel veel van eten voor een beetje volume. Ze eten echter ook de frisse blaadjes graag. Eigenaren van kooivogels en kippen weten dat als de beste. De volksnamen ganzenkruid, eendendarm, hoenderbeet en vogelsterrekruid geven aan dat veel mensen merkten dat ook andere vogels graag vogelmuur eten.
Die vogels weten het niet, maar de plant zit vol met allerlei mineralen en vitamines. En daarom eten sommige mensen het ook in salades: een ‘superfood’. Mocht je tot die vogelmuureters behoren, eet het vooral, maar niet te veel, want vogelmuur bevat namelijk ook saponines en oxaalzuur.

Vogelmuur op de stoep

Volop vogelmuur

Is vogelmuur een probleem of een oplossing?

Vogelmuur, afbeelding uit het Stoepplantjes kleurboek

Er zijn ook mensen die een hekel aan vogelmuur hebben. Hij groeit namelijk veelvuldig daar waar ze hem niet willen hebben. Dan noemen ze hem onkruid. Wat ze niet beseffen is dat ze zelf de oorzaak zijn. Ze hebben de grond omgewoeld, door wieden tussen tegels, door schoffelen in een tuin of door omploegen en opnieuw inzaaien van een weiland door een boer. Zaden van vogelmuur zijn overal. In kale grond kiemen ze goed én groeien ze sneller dan gras, zeker in de winter. Het gevolg is veel vogelmuur, soms in hele matten, en minder van het gewenste gewas.
In plaats van het dan te gaan bestrijden met vergif kan je het beter laten staan. Vogelmuur kan uiteindelijk niet concurreren met welk gewas dan ook en zal vanzelf verdwijnen. Tot de mens de grond weer omwoelt… In de tussentijd zorgt vogelmuur met zijn sterke groei ervoor dat de kale grond bedekt is en niet dichtslaat door neerslag.

Wil je toch snel van vogelmuur af? Stuur dan een groepje kippen naar het land met vogelmuur. Die smullen ervan. En als extraatje nemen ze meteen nog wat slakken mee en laten mest achter. Je zal deze actie wel moeten herhalen. Laat je de grond na vertrek van de kippen kaal, is die binnen enkele weken weer groen, van het tere maar o zo sterke vogelmuur.

Tekst: Ton Gordijn, Hortus Botanicus Leiden
Foto's: KU Leuven; André Biemans; Flora van Oudemans
Tekeningen: Nienke Beets; Nathalie Tirion