Natuurjournaal 18 december 2025
Nature TodayOp dood hout, vooral op korte boomstronken die boven het gevallen blad en het mos uitsteken, kan je in dit seizoen altijd wel geweizwammetjes vinden. De vorm doet ook echt aan het gewei van een edelhert of een damhert denken, al zie je dat bij lang niet alle exemplaren even goed. Deze bescheiden paddenstoeltjes komen overal in ons land voor, als er maar oud loofhout is dat ze op kunnen ruimen. De jonge exemplaren zijn wit aan de bovenkant. Dan zitten de sporen van de ongeslachtelijke fase aan de buitenkant. Later, in de geslachtelijke fase, worden ze helemaal zwart en dan zitten de sporen aan de binnenkant. Als je er tegenaan tikt, kan je een wolkje sporen zien vrijkomen. Samen met vijftig kleuren mos vormt dit paddenstoeltje altijd een mooi natuurschilderijtje.
In Nederland kan je maar liefst negentien soorten aardsterren vinden. De meest voorkomende is de gekraagde aardster, een forse paddenstoel. Een van de kleinere soorten is de baretaardster. Zeker de oudere garde ziet het onmiddellijk: de bovenkant lijkt op een ouderwetse ‘alpinopet-met-puntje’. De baretaardster is een saprotrofe paddenstoel, met andere woorden een paddenstoel die de (dooie) boel afbreekt. De meeste kans om er een te vinden heb je op de zandgronden, in humus onder struwelen. Ook onder bomen als lariks en uit hun krachten gegroeide coniferen worden baretaardsterren gevonden. Aardsterren liggen altijd los, omdat de zich ombuigende slippen de paddenstoel van de grond afdrukken. Het kan dus zeker geen kwaad er een op te rapen en, zonder dat je op de knieën hoeft, eens goed te kijken. Ook leuk: als je er een vindt, zul je er meestal veel meer vinden.
Tekst en beeld: Mike Hirschler, IVN Deventer
