Natuurjournaal 13 januari 2026
Nature TodayDrieteenstrandlopertjes zijn welbekend bij frequente strandstruiners, het zijn die guitige vogeltjes die heen en terug over het strand rennen, voor de golven uit, om voedsel uit het zand te peuren. Aan de voet van de drieteenstrandloper ontbreekt de achterste teen, wat het totaal op drie tenen zet, vandaar de naam. Andere strandlopers hebben vier tenen. Met die drie voorwaarts wijzende tenen bewegen drieteenstrandlopers sneller en efficiënter over het strand. Vergelijk het met de snelst rennende vogelsoort ter wereld, de struisvogel, die slechts twee tenen heeft. Zo blijven deze kleine strandstruiners, die in de winter overwegend wit gekleurd zijn, de golven voor. Ze zijn vlugger dan watervlug!

In modderige, drassige gebieden kun je de watersnip vinden. De lange, tere snavel is perfect boorgereedschap voor zachte ondergrond. Maar tijdens vorst, zoals in de afgelopen periode, gaat dat lastig. Die bodem is nu keihard! In perioden met vorst is er vaak een piek in waarnemingen van watersnippen. Die zoeken plekken met open water op en laten hun schuchterheid tijdelijk varen. Zoek ze bijvoorbeeld in rietkragen langs de waterkant. Watersnippen vertrouwen tot op korte afstand op hun camouflage, maar dan vliegen ze met een schor geluid zigzaggend weg. Een gelijkende vogel die je nu ook veel kunt zien, het bokje, doet iets vergelijkbaars, maar die vliegt vaak een klein stukje weg, met een omtrekkende beweging. Bovendien blijft een bokje écht tot het allerlaatste moment wachten met vluchten.
Tekst: Karen Bosma, Nature Today
Beeld: Piet Munsterman, Saxifraga; Jaap Schelvis, Saxifraga
