In de voetsporen van Wallace: zijn reis aan de hand van zijn geconserveerde bijen
Naturalis Biodiversity Center
Vandaag, 8 januari, is de 203e verjaardag van Alfred Russel Wallace (1823-1913). Wallace was een baanbrekende Britse wetenschapper en natuurhistoricus. Hij is vooral bekend als vader van de zoögeografie – het vastleggen en begrijpen van de geografische verspreiding van dieren – en als mede-aandrager van de evolutietheorie met Charles Darwin.
Wallace ontwikkelde zijn ideeën over de natuur vooral tijdens zijn meest bekende expeditie, die plaatsvond tussen 1854 en 1862.
Deze reis voerde hem door een groot deel van Zuidoost-Azië, van Singapore en Malakka tot aan het eiland Nieuw-Guinea, langs de grote eilanden Borneo en Sulawesi, evenals tientallen kleine eilanden in wat nu Indonesië en Oost-Timor is. De bijen die hij tijdens deze reis verzamelde, zijn nu gefotografeerd en gepresenteerd in één nieuwe publicatie.
'De andere ordes'
Wallace verzamelde ruim 125.000 natuurhistorische exemplaren. Zijn focus lag op vogels en insecten, vooral vlinders en kevers. “Wallace had weinig interesse in wat hij ‘de andere ordes’ noemde, waaronder de bijen”, zegt Thomas Wood, onderzoeker bij Naturalis Biodiversity Center. Desondanks verzamelde Wallace vele nieuwe bijen voor de wetenschap, inclusief de grootste bij ter wereld: Megachile pluto, die voorkomt in de Noord-Molukken. Wallace' gebrek aan interesse was een geluk bij een ongeluk, aangezien zijn bijenexemplaren voornamelijk gekocht zijn door één persoon, genaamd William Wilson Saunders. Die liet ze allemaal beschrijven door de taxonoom Frederick Smith. De collectie van Saunders werd later gekocht door het Oxford University Museum of Natural History in 1875.

Opbrengst voor de wetenschap
Deze bijna complete bijencollectie heeft meerdere wetenschappelijke voordelen. Zo dient het als een historisch verslag over welke soorten 170 jaar geleden aanwezig waren op de verschillende eilanden. Dit helpt wetenschappers wereldwijde veranderingen in biodiversiteit te onderzoeken. Bovendien helpt de verzameling om te definiëren wat bijensoorten zijn. “Omdat de exemplaren in de collectie door een taxonoom gebruikt zijn om nieuwe bijensoorten te beschrijven, kunnen wij ze gebruiken als een speciale referentie, een zogenaamd type-exemplaar. Dit geeft wetenschappers een consistent referentiepunt om verschillende soorten te herkennen”, legt Wood uit.
Nu de verzameling, inclusief deze speciale type-exemplaren, gefotografeerd en openbaar gemaakt is, kunnen wetenschappers over de hele wereld deze soorten beter begrijpen en duidelijker beschrijven. “De digitalisatie van natuurhistorische collecties kan, door ons begrip van verschillende soorten te vergroten, wereldwijde inspanningen voor natuurbehoud steunen.”
Kleurrijk en onvervangbaar
Wallace is vooral bekend omdat hij keek naar geografische patronen in de verspreiding van dieren. Hij heeft kunnen afleiden dat sommige Zuidoost-Aziatische eilanden vroeger door land verbonden waren geweest, terwijl andere voor lange tijd gescheiden waren. Dit patroon is zichtbaar in de bijen die Wallace verzamelde. “Een soort, met de naam Amegilla insularis, was beschreven vanuit Borneo, maar kan ook gevonden worden in Singapore, Malakka en op het eiland van Sumatra. Daarentegen was Amegilla viligans, een gerelateerde soort, beschreven vanuit Sulawesi en is alleen daar bekend, ook al is Sulawesi dichter bij Borneo dan Borneo bij Sumatra”, verklaart Wood.
Hoewel de bijen die in deze nieuwe catalogus gepresenteerd worden een klein deel zijn van de biodiversiteit die Wallace verzameld en onderzocht heeft, zijn ze een kleurrijk en onvervangbaar stukje geschiedenis. “Deze publicatie zal bijdragen aan bijenonderzoek in Indonesië, waar nog steeds veel biodiversiteit ongedocumenteerd en onontdekt blijft”, sluit Wood af.
Meer informatie:
- Lees de originele publicatie van Wood en collega's. Foto’s van alle bijen in de collectie staan aan het einde van het artikel vermeld.
- De bijenverzameling van Wallace was tentoongesteld in het Oxford University Museum of Natural History in 2016. Bezoek de museumwebsite voor meer informatie over de tentoonstelling en de collectie.
Tekst: Naturalis Biodiversity Center
Beeld: Oxford University Museum of Natural History (leadfoto: Megachile pluto, copyright); London Stereoscopic and Photographic Company
