Natuurjournaal 23 januari 2026
Nature TodayEr is niet veel voor nodig om een lentegevoel te krijgen. Dat geldt niet alleen voor ons, maar ook voor de dierenwereld. Een lekker frisse ochtend, zonnetje erop, geen wind en de vogels gaan al helemaal los. Je kan momenteel al houtduiven zien en horen baltsen. Dat baltsen in de lucht is een weemaker in de maag als je ernaar kijkt. Je ziet de duiven snel stijgen, waarna ze zich met een boog naar beneden laten vallen, en dan begint het opnieuw, op en neer. Blijkbaar vinden de dames dat allemaal prachtig. Ook het bekende koeren van de houtduiven hoor je nu alweer. Het is een liedje dat uit vijf noten bestaat, waarbij de eerste twee en de laatste twee snel achter elkaar worden ‘uitgesproken’ met een langzame in het midden: ‘roe-koe koe koe-koe’. Als je tot vijf telt, ben je er ook: een-twee, drie, vier-vijf, het zijn er altijd vijf. Het grappige is, luister maar eens goed, dat er na drie herhalingen vaak nog één heel zachte en korte ‘koe’ achteraan komt, alsof de houtduif zelf net geschrokken is van wat hij allemaal ‘verteld’ heeft.

Ook mezen zijn alweer actief. Een van de mezensoorten die zich minder opvallend gedragen, is de glanskop of glanskopmees. Je hebt dan de neiging om te veronderstellen dat ze zeldzaam zijn, maar dat zijn ze geenszins. Hun aanwezigheid verraden ze momenteel al met hun eenvoudige baltsliedje, dat veel weg heeft van een wat scheldend tjiep-tjiep-tjiep-tjiep, snel achter elkaar. Als je dat een keer goed gehoord hebt, zal je er nu wel meer horen. Dan blijken ze helemaal niet zo zeldzaam te zijn als je dacht. Zien is nog wel een dingetje, want glanskoppen zijn erg beweeglijk. Het geluid heb je vaak wel nodig om de glanskop en de uiterlijk sterk gelijkende matkopmees uit elkaar te houden. Maar het verschil is onmiskenbaar. De geluidenapp Merlin kan je helpen om definitief te bevestigen dat je een glanskop of een matkop hoort. En dan is het: zoeken maar!
Tekst: Mike Hirschler, IVN Deventer
Beeld: Jan Nijendijk, Saxifraga; Theo Verstrael, Saxifraga
