Mol in de schijnwerpers tijdens de jaarlijkse Mollentelling
ZoogdierverenigingMollen zijn fascinerend en soms ook lastig tegelijk. Molshopen kent iedereen wel – soms tot ongenoegen – maar over het dier dat onder deze hopen leeft, weten we maar weinig. Hoe meer we leren over de mol, hoe beter we met de mol leren samenleven. De mol heeft een heel nuttige functie: het dier zorgt met zijn gangenstelsel voor een goede beluchting van de grond en voor een betere drainage of afwatering. Daarnaast eten mollen slakken en larven van insecten. Ze vangen heel wat diertjes die schade kunnen toebrengen aan je planten.
Een andere reden om de mol niet weg te vangen en met rust te laten is dat in veel gevallen een andere mol waarschijnlijk de lege plek inneemt. En wanneer je een molshoop intrapt, stort de gang in. Als je geduldig wacht tot een mol klaar is met het graven van zijn gangenstelsel, is de kans groot dat het daarna rustiger wordt qua aantal molshopen. De grond in de molshopen levert niet alleen nieuwe mest en mineralen op, het bevat ook vaak weinig onkruiden omdat het uit diepere grondlagen afkomstig is. Gebruik de toplaag van die molshopen bijvoorbeeld om je plantjes in je tuin mee te bemesten of om in te zaaien.
Waarom tellen we jaarlijks molshopen?
Mollen leven, behalve tijdens de paartijd, solitair. Iedere mol heeft een eigen territorium. Omdat één mol veel molshopen kan maken, is het moeilijk om iets te zeggen over het aantal mollen in een gebied. Wel ontstaat er door de Mollentelling een goed beeld van de verspreiding van deze zoogdiersoort. Door het tellen van molshopen weten we waar mollen voorkomen.
Het is niet toevallig dat deze telling in februari is. Dat is namelijk de start van het paarseizoen van de mol. De paartijd voor mollen valt in de maanden februari, maart en april. De mannetjes gaan dan op zoek naar vrouwtjes om zich voort te planten en leggen daarbij grote afstanden af. Hierdoor is de activiteit van mollen goed te zien en is het de perfecte periode voor een Mollentelling!

Zoek je mee?
Meedoen aan de Mollentelling kan op verschillende manieren:
- Waarnemingen van mollen of mollensporen in jouw tuin, zoals molshopen, kun je doorgeven via Tuintelling.nl.
- Mollensporen buiten jouw tuin kun je bij het speciale mollenmeldpunt op Waarneming.nl invoeren.
- Het belangrijkste bij het doorgeven van een waarneming is om de locatie, de datum en het type waarneming (molshoop, levende of dode mol) door te geven. Sta je bij een veld met veel molshopen? Maak dan een schatting van het aantal molshopen en voer dit getal bij het mollenmeldpunt in bij ‘aantal individuen’.
Meer informatie
- De verzamelde data van de telling wordt opgenomen in de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF).
- De Mollentelling wordt georganiseerd door de Zoogdiervereniging, Vroege Vogels, Waarneming.nl en de Jaarrond Tuintelling (Nederland) en mede mogelijk gemaakt door de NDFF en BIJ12.
Tekst: Neeltje Huizenga, Zoogdiervereniging
Beeld: Luc Hoogenstein, Wikimedia Commons; Eveline van der Jagt
