Nieuwe soorten, namen en vragen uit onze Noordzee
Stichting ANEMOONIn september 2024 werd op een wrak in het Nederlandse deel van de Noordzee een hydropoliep aangetroffen die tot dan toe niet als inheems werd beschouwd. Een andere ontdekking was een kleine zeenaaktslak uit de kroonslakkenfamilie. Over deze vondsten verschijnt binnenkort een artikel in tijdschift Het Zeepaard. De voor de zeenaaktslak uitgevoerde DNA-analyse kon niet alle vragen oplossen. Er bleek zowel een genetische overeenkomst te zijn met een kroonslak die nog niet uit onze Noordzee bekend was, als met een al wél uit onze wateren bekende zeenaaktslak. Deze vondst laat zien hoe nieuwe technieken als DNA-barcoding onze kennis van biodiversiteit weliswaar aanzienlijk vergroten, maar ook hoe complex soortbegrippen kunnen zijn. Zoals bekend hebben morfologische expertise, ecologische waarnemingen en genetische data elkaar nog steeds hard nodig.
Nieuwe hydropoliep: de Zeetamarinde
De hydropoliep Amphisbetia operculata werd aangetroffen en verzameld tijdens een duikexpeditie van Stichting Duik de Noordzee Schoon op 19 september 2024. Dat gebeurde op het wrak van de S.S. Biarritz, gelegen op zo’n 36 zeemijl (ongeveer 67 kilometer) uit de kust van IJmuiden. Inmiddels is dit wrak helaas niet meer toegankelijk. Hier wordt gebouwd aan het windpark Hollandse Kust West. De betreffende hydropoliep was tot nu toe niet met zekerheid bekend als inheems voor Nederland, dit is de eerste in situ waarneming voor het Nederlandse deel van de Noordzee. Er waren alleen exemplaren bekend van aangespoeld materiaal. Voor deze soort werd in het verleden soms de naam Fijne zeecypres gebruikt, evenals Zeetamarinde. Voorgesteld wordt deze laatste naam te gebruiken, naar de tropische boom uit de vlinderbloemenfamilie (Tamarindus indica). De poliep is te herkennen aan de hydrothecae (de omhullingen van de afzonderlijke poliepjes). Deze zijn bilateraal symmetrisch, ongesteeld, voorzien van een operculum (dekseltje) en twee op de rand staande tanden van zeer ongelijke grootte.


Naaktslak met dubbele identiteit
Op hetzelfde wrak, op de Zeetamarinde, werd ook een kleine zeenaaktslak ontdekt uit het Roodgevlekte kroonslak-soortcomplex (Doto coronata-complex). Op basis van binoculair onderzoek en de kennis dat Zeetamarinde het hoofdvoedsel is van Doto eireana, werd gedacht aan deze soort, die nog niet bekend was uit de Noordzee. Deze en andere slakken uit dit soortencomplex zijn op basis van uitsluitend veldwaarnemingen en externe anatomische kenmerken echter nauwelijks van elkaar te onderscheiden. Mede daarom is met DNA-onderzoek getracht om de identiteit van het Noordzeeslakje vast te stellen. Dat onderzoek is uitgevoerd binnen het ARISE-project van Naturalis Biodiversity Center in Leiden. De analyse kwam inderdaad uit op Doto eireana, maar ook op de Zeeborstel-kroonslak (Doto hydrallmaniae). Deze soort is al eerder in Nederland aangetroffen, met een beperkt aantal waarnemingen uit de Oosterschelde en de Noordzee. In de wetenschappelijke literatuur worden deze soorten beschreven als morfologisch nagenoeg identiek en worden ze vooral op basis van hun voedselkeuze onderscheiden. Beide soorten zouden strikt monofaag zijn en dus elk één specifieke prooisoort (een hydropoliep) hebben. De nu gevonden slak Doto eireana voedt zich in elk geval met de Zeetamarinde. De Zeeborstel-kroonslak voedt zich, als het daadwerkelijk een aparte soort is, uitsluitend met de hydropoliep Gekromde zeeborstel (Hydrallmania falcata). Mocht het alsnog om één en dezelfde soort gaan, dan houdt dit onderscheid geen stand meer en heeft de soort een bredere voedselkeuze.
Twee soorten of één?
Aanvullend genetisch en/of anatomisch onderzoek moet uitwijzen of het toch om twee aparte soorten gaat. Als dat niet zo is – de uitkomst van het genetische onderzoek wijst zeker in die richting – dan heeft dit qua naamgeving consequenties en moet de wetenschappelijke naam worden aangepast. Dan komt D. hydrallmaniae (Morrow, Thorpe & Picton, 1992) als soort te vervallen en prevaleert de eerder gepubliceerde soortnaam Doto eireana (Lemche, 1976). Dat zou ook meteen betekenen dat D. eireana al eerder in de Nederlandse kustwateren is aangetroffen. De huidige vondst van de soort die nu voorlopig ‘Zeetamarinde-kroonslak’ wordt genoemd is dan weliswaar de eerste die, gesteund door DNA-onderzoek, onder de naam Doto eireana werd herkend, maar de eerste waarneming van de samengevoegde soort stamt dan al uit 2006 en werd onder de naam Zeeborstel-kroonslak gedaan bij Wissenkerke in de Oosterschelde.


Voor een uitgebreide beschrijving van beide soorten wordt verwezen naar de website Blauwtipje.nl met uitgebreide soortpagina's over alle in Nederland waargenomen soorten zeenaaktslakken.
Tekst: Renate Olie, Stichting ANEMOON, Stichting De Noordzee, Stichting Duik de Noordzee Schoon; Marco Faasse, Eurofins AquaSense; Peter H. van Bragt, Blauwtipje.nl; Rykel de Bruyne, Stichting ANEMOON
Beeld: Marco Faasse; Naturalis ARISE-project (leadfoto: de hydropoliep Zeetamarinde, met als ronde inzet de 'Zeetamarinde-kroonslak'); Renate Olie; Peter H. van Bragt
Met dank aan Stichting Duik de Noordzee Schoon
