Gierzwaluw

Gierzwaluw in beweging

Sovon Vogelonderzoek Nederland
16-MEI-2026 - De Gierzwaluw staat bekend als een zeer plaatstrouwe stadvogel, maar hoe plaatstrouw is de soort eigenlijk? Tot voor kort waren er weinig harde getallen over het effect van stedelijke vernieuwing op de ruimtelijke verspreiding en populatieontwikkeling van de Gierzwaluw. Daar is nu verandering in gekomen.

De bebouwde kom is geen homogeen landschap, maar een mozaïek van verschillende wijken die de verschillende periodes van ruimtelijke ordening weerspiegelen. De meeste plaatsen in Nederland hebben een historische kern, met daaromheen enkele vooroorlogse wijken en veel grotere naoorlogse wijken. Binnen de bebouwde kom hebben verschillende vogelsoorten een voorkeur voor de verschillende wijktypen. De bebouwde kom is echter geen statisch landschap. Het is onderhevig aan slijtage door de tand des tijds en dientengevolge aan renovatie en stedelijke vernieuwing. Hierdoor verandert het belang van de verschillende wijktypen voor vogels. Het voorkomen van soorten is immers volgend aan het landschap.

Gierzwaluwen in Noordwijk

In Noordwijk Binnen worden sinds 1993 elke vijf jaar alle invliegplaatsen van Gierzwaluwen geïnventariseerd. In 2010 en in 2015 is ook Noordwijk aan Zee op diezelfde wijze gemonitord. Deze twee dorpen vormen samen de gemeente Noordwijk. De gehele gemeente bleek in 1967 en 1968 ook al eens geteld. De populatiegrootte was min of meer stabiel over de afgelopen 55 jaar, maar de verspreiding is veranderd. Die werd in de loop der jaren steeds diffuser. Grote kolonies verdwenen en het aantal panden met slechts één of twee broedparen nam geleidelijk toe. Daardoor is het beeld verouderd dat Gierzwaluwen met name in oude wijken voorkomen. Op de Landelijke Dag van Sovon in 2024 gaf Hein Verkade een lezing over dit onderzoek.

Verspreiding in Nederland

Veranderingskaart van de gierzwaluw. Per atlasblok is aangegeven of de Gierzwaluw als broedvogel is verschenen (groen), verdwenen (rood) of gebleven (grijs) tussen de landdekkende inventarisatieperioden 1973-77 en 2013-15De veranderingen verliepen in Noordwijk langzaam binnen een relatief klein gebied van twee atlasblokken van 5 bij 5 kilometer. Ter referentie: Nederland telt voor broedvogels in totaal 1685 atlasblokken. Tussen de tellingen voor de eerste broedvogelatlas (1973-77) en de laatste atlas (2013-15) is de ruimtelijke verspreiding van de Gierzwaluw in Nederland iets toegenomen: van 68 procent van de atlasblokken naar 70 procent.

Op het eerste gezicht lijkt dit op een stabiele situatie, maar de ruimtelijke dynamiek laat een ander beeld zien. De Gierzwaluw verdween als broedvogel uit 128 atlasblokken, maar vestigde zich in 160 nieuwe atlasblokken. Zo verdween de soort uit veel plattelandsblokken, bijvoorbeeld in Friesland, maar verscheen hij in de ‘nieuwe provincie’ Flevoland. Ook Texel werd – als eerste Waddeneiland – tussen beide atlasperiodes gekoloniseerd.

Schommelende trend

Hiermee is nog niet het hele verhaal verteld. Nieuwe vestigingen beginnen in de regel klein, met één of enkele broedparen, en hebben de tijd nodig om uit te groeien. Sinds de start van het Meetnet Urbane Soorten (MUS) in 2007 hebben we beter zicht op de aantalsontwikkeling van de Gierzwaluw. We zien dat de trend fluctueert. Tot 2013 was er sprake van een afname, daarna leek de soort weer een aantal jaar toe te nemen. In recente jaren worden de aantallen weer iets lager. Het zou interessant zijn om de achterliggende oorzaken van deze landelijke schommelingen te onderzoeken. Wat is de invloed van de dynamiek van de stedelijke vernieuwing in Nederland?

Broedvogeltrend van de gierzwaluw, gebaseerd op het Meetnet Broedvogels (BMP, MUS, MAS). Weergegeven is de jaarlijkse index van de broedpopulatie (rode punten) en de trendlijn (donker gekleurde lijn)

Op weg naar een nieuwe Vogelatlas

De verspreiding en aantallen van vogels veranderen snel. Om deze veranderingen goed te volgen, maakt Sovon eens per circa 15 jaar een vogelatlas. De laatste Vogelatlas van Nederland verscheen in 2018 en gaf een overzicht van alle in Nederland voorkomende broedvogels en wintervogels. Dit keer brengen we de populaties van broedvogels en overwinterende én trekvogels jaarrond in kaart. Het atlasproject bestaat uit drie fasen: de voorbereiding, het veldwerk en de verwerking van de resultaten in de eindproducten, waaronder een boek. In december 2026 starten we met het veldwerk.

Tekst: Sovon Vogelonderzoek Nederland
Beeld: Piet Munsterman, Saxifraga; Sovon Vogelonderzoek Nederland; Netwerk Ecologische Monitoring (NEM)