Invasieve pedaalmot blijkt toch een andere soort
Naturalis Biodiversity CenterDit verhaal begint met een Nederlandse amateurvlinderverzamelaar, Jaap van Vuure, die vanaf 1984 een onbekende soort pedaalmot (geslacht Argyresthia) aantrof in zijn dorp Kortgene (provincie Zeeland). Daar vloog de mot vaak rond Thuja-soorten, in tuincentra vaak verkocht als ‘levensboom’. Hij determineerde deze mot als Argyresthia reticulata, een soort die beschreven is uit de Zwitserse Alpen en ook bekend is uit Frankrijk, waar hij werd waargenomen op de zeldzame Spaanse jeneverbes (Juniperus thurifera). Deze soort is sindsdien op verschillende plaatsen in Nederland waargenomen en veel later, in 2009, ook in België.
Match in de databank...
In 2019 werd een soortgelijke vlinder gevonden in de regio Parijs en omdat DNA-barcoding inmiddels populair was geworden, werd de barcode geanalyseerd en vergeleken met gegevens in de wereldwijde barcodedatabase BOLD. Dit leidde tot een match met Canadese exemplaren uit Vancouver die waren geïdentificeerd als de Noord-Amerikaanse Argyresthia freyella. De Franse vinders registreerden deze soort daarom als nieuw voor Europa.

...maar de databank zat fout
Toen Naturalis-onderzoeker Erik van Nieukerken foto's van de Canadese soort vergeleek met die van het holotype van A. freyella, zag hij echter grote verschillen in de uiterlijke kenmerken. Terwijl het type van A. freyella een duidelijke zwarte stip in de voorvleugeltip en een wit borststuk heeft (zie foto hierboven), hebben de exemplaren uit Vancouver geen van beide kenmerken. Ze konden dus geen A. freyella zijn en de exemplaren uit BOLD moesten verkeerd gedetermineerd zijn. Dit werd bij navraag bevestigd door de verzamelaar ervan, die alleen maar een voorlopige identificatie van deze exemplaren had gemaakt. Taxonomische expertise blijft dus onmisbaar in de tijd van barcodes voor soortherkenning!
Jeneverbessen
Terug naar de Nederlands-Franse pedaalmotten. Onze soort kan ook niet A. reticulata zijn – dat hadden de Franse onderzoekers dan weer wel goed in de gaten, op basis van grootte van de vlinder en de geslachtsorganen. Dit kan ook worden afgeleid uit de levenscyclus. De invasieve soort is een mineerder van Thuja en Juniperus, terwijl A. reticulata zich voedt met de bessen van Juniperus.

Ondertussen werden ook de DNA-barcodes van exemplaren uit België en Nederland geanalyseerd, en deze komen overeen met de barcodes van de exemplaren uit Parijs en Vancouver. Het belang van de wereldwijde database van DNA-barcodes bleek vervolgens uit de bijna-match met enkele exemplaren uit China, Shandong. Die werden geanalyseerd door onderzoeker Liu Tengteng van de Shandong Normal University, die in zijn onderzoek naar pedaalmotten tot dan toe deze exemplaren niet definitief had kunnen determineren. Deze pedaalmotten werden gekweekt uit Platycladus orientalis en Juniperus chinensis.
Dus…
Op basis van morfologisch onderzoek hebben we vastgesteld dat de invasieve soort Argyresthia sabinae is, beschreven uit Japan, waar hij werd aangetroffen op Juniperus procumbens.
Een wetenschappelijke publicatie over de verschillende pedaalmotten op drie continenten is in de maak. Maar aangezien we een naam nodig hadden voor deze soort voor een binnenkort te verschijnen boek over Nederlandse motten, en we niet willen dat de verkeerde namen blijvend worden gebruikt, presenteren we hier onze voorlopige conclusie over de identiteit. Als Nederlandse naam gebruiken we 'Aziatische pedaalmot' en niet langer de oude naam 'zuidelijke pedaalmot'.

Verspreiding en levenscyclus van Argyresthia sabinae
We hebben nu positieve waarnemingen met DNA-barcodegegevens uit Nederland, België, Frankrijk, Canada en Japan. De soort komt vooral veel voor in België en minder in Nederland. Voorlopig beschouwen we ook de Chinese exemplaren als behorend tot deze soort. De soort voedt zich blijkbaar met een aantal coniferen uit de cipressenfamilie: kruipjeneverbes (Juniperus procumbens) in Japan, Juniperus spec. in België, Chinese jeneverbes (Juniperus chinensis) in China, oosterse levensboom (Platycladus orientalis) in China en westerse levensboom (Thuja occidentalis) in Nederland. De rups maakt in de winter mijnen in de naalden of bladeren, en verlaat de mijn tussen januari en maart om zich te verpoppen in een cocon op de plant of op de grond. De vlinders komen tevoorschijn van maart tot april – in de natuur werden ze gevonden van eind april tot half juni.
Waarschijnlijk heeft deze soort zich verspreid met zijn waardplanten, die op grote schaal over de hele wereld worden verscheept. Dit kan in de vorm van eitjes, larven of cocons zijn gebeurd. De soort heeft nergens voor problemen gezorgd en lijkt niet in hoge dichtheden voor te komen.
Meer informatie
- Artikel: Argyresthia freyella Walsingham, 1980, espèce nouvelle pour la France et l'Europe (Lepidoptera, Argyresthiidae).
- De DNA-barcodes.
- See English version of this Natuurbericht.
Tekst: Erik J. van Nieukerken, Naturalis Biodiversity Center; Jean-François Landry, Canadian National Insect Collection; Liu Tengteng, Shandong Normal University; Sadahisa Yagi, Kyushu University; Tymo Muus, Microlepidoptera.nl
Met bijdragen van Nick Peeters, Dave Holden en Carina van Steenwinkel
Beeld: Jan Soors (leadfoto: Argyresthia sabinae); Carina Steenwinkel; Jean-François Landry; Liu Tengteng; FinBOL; Microlepidoptera.nl; Erik van Nieukerken
