Routekaart naar een Europees monitoringsysteem biodiversiteit
De Vlinderstichting, Universiteit van AmsterdamDe biodiversiteit verandert overal ter wereld, maar overheden beschikken nog steeds niet over de robuuste, consistente gegevens die nodig zijn om deze veranderingen te volgen en effectieve natuurbescherming te sturen. Nu stelt een nieuwe studie, onder leiding van de Universiteit van Amsterdam (UvA), het Duitse Centrum voor Integraal Biodiversiteitsonderzoek (iDiv) en de Martin Luther Universiteit Halle-Wittenberg (MLU) een uitgebreide routekaart voor, om een modern, geïntegreerd Biodiversiteitsobservatienetwerk (BON) voor Europa op te zetten – een netwerk dat een wereldwijd model zou kunnen worden voor biodiversiteitsmonitoring in de eenentwintigste eeuw. De studie is gepubliceerd in het tijdschrift Nature Reviews Biodiversity.
“Ons voorstel biedt een plan voor Europa om zijn rommelige en onsamenhangende monitoringsystemen te verbeteren”, zegt hoofdauteur dr. Daniel Kissling, universitair hoofddocent aan de UvA. “We willen één gecoördineerd, continentbreed netwerk creëren, dat veranderingen in soorten en ecosystemen kan volgen – van het DNA van planten en dieren tot hele bossen, rivieren en oceanen.” Een uniform monitoringsysteem voor het biodiverse erfgoed van Europa.

Een uniform monitoringsysteem voor het biodiverse erfgoed van Europa
De routekaart identificeert 84 essentiële biodiversiteitsvariabelen (EBV's) die de ruggengraat vormen van een geharmoniseerd monitoringsysteem. Deze EBV's – van de abundantie van vogels en de fenologie van insecten, tot de omvang van zeegrasvelden, genetische diversiteit en de productiviteit van ecosystemen – bieden Europa een consistente, gestandaardiseerde checklist voor het meten van de toestand en veranderingen van zijn biodiversiteit. “Europa heeft honderden monitoringprogramma's, maar de gegevens zijn vaak versnipperd, incompatibel of onvolledig”, zegt hoofdauteur prof. Henrique Pereira, hoofd van de onderzoeksgroep bij iDiv en de MLU. “Onze routekaart biedt de architectuur voor een echt geïntegreerd, transnationaal systeem – een systeem dat alle waarnemingen samenbrengt tot een coherent geheel.”
Om deze transitie mogelijk te maken, stellen de auteurs voor om een Europees coördinatiecentrum voor biodiversiteitswaarneming (EBOCC) op te richten. Dit nieuwe orgaan op EU-niveau zou de werkstromen coördineren, methoden harmoniseren, zorgen voor transparant gegevensbeheer, de monitoring afstemmen op de beleidsbehoeften van de EU en fungeren als centrale hub voor nationale en Europese gegevensinfrastructuren.
Hightech monitoring met mensen
Een belangrijke boodschap van de routekaart is dat Europa gebruik moet maken van de gecombineerde kracht van technologische innovatie en menselijke expertise, met inbegrip van het potentieel van nieuwe digitale technologieën, waaronder:
- Geautomatiseerde digitale sensoren zoals akoestische vogelrecorders, wildcamera's voor het observeren van wilde dieren en insecten, en biologische en weerradars.
- AI voor soortherkenning en geautomatiseerde gegevensverwerking.
- Milieu-DNA (eDNA) en metabarcoding voor het detecteren van soorten en gemeenschappen in water, bodem of lucht.
- Geavanceerde teledetectie vanuit satellieten (waaronder Copernicus), vliegtuigen en drones om habitats, vegetatiestructuur en veranderingen in ecosystemen te observeren.
De routekaart benadrukt dat mensen centraal blijven staan bij de monitoring van de biodiversiteit. Burgerwetenschappers, taxonomische deskundigen en professionele monitoringnetwerken leveren essentiële observaties, expertise en continuïteit. Nieuwe technologieën vullen hun bijdragen aan en versterken deze, waardoor de monitoring van de biodiversiteit efficiënter, beter schaalbaar en inclusiever wordt, terwijl menselijke kennis en betrokkenheid fundamenteel blijven voor het Europese monitoringsysteem.
Meer informatie:
- Lees het artikel Building the backbone for Europe’s biodiversity monitoring op de website van het wetenschappelijk tijdschrift Nature Reviews Biodiversity.
Tekst: W. Daniel Kissling, Universiteit van Amsterdam; Henrique M. Pereira en Volker Hahn, iDiv
Beeld: Kars Veling
