Onderzoek naar stadse otters in Lelystad
ZoogdierverenigingLelystad is een waterrijke stad waar watergangen van minimaal vijf meter breed heel gebruikelijk zijn. De wateren hebben vaak een smalle rietkraag en liggen in een brede wegberm of grenzen aan de achterzijde van huizen of groenstructuren. De dichtheid aan watergangen is zo hoog dat bijna ieder kilometerhok een of meerdere van dergelijke watergangen heeft.
De otter komt sinds 2011 voor binnen de grenzen van de gemeente Lelystad en wordt buiten de bebouwde kom sindsdien gevolgd door vrijwilligers van de werkgroep CaLutra van de Zoogdiervereniging. Jaarlijks vinden zij sporen van de otter. Lelystad vormde daardoor een goed onderzoeksgebied om meer te weten te komen over de otter in de stad.
Twee stagiaires van Landschapsbeheer Flevoland hebben in 2022 en 2025 onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van de otter in Lelystad.

Onderzoek
Doel van het onderzoek was om aan te tonen dat er in een waterrijke stad otters (kunnen) voorkomen. Ook moest het onderzoek leiden tot meer bewustwording bij burgers, oeverbeheerders en ook bij veldbiologen zelf. Bijna niemand realiseert zich dat otters midden in de stad aanwezig zijn en dat ook bescherming midden in de stad noodzakelijk is. Er was dus een communicatiestrategie nodig. Om de bewustwording kernachtig te verpakken, werd het project in 2022 naar buiten gebracht onder de titel ‘Iedereen kan binnen een straal van een kilometer van zijn huis een otter tegenkomen’. In 2025 werd de titel ‘Iedere bewoner van Lelystad heeft een otter als buur’.
In zowel 2022 als 2025 is de hele stad doorkruist in de winterperiode tussen 1 januari en 20 februari. Onder bruggen en andere favoriete otterplekken is gezocht naar otterpoep (spraints). Twee van de auteurs deden dit apart van elkaar in het kader van hun zevenweekse stage Toegepaste biologie aan Aeres MBO Almere. De waarnemingen werden gedocumenteerd via de app Obsmap, waarmee de gegevens automatisch in Waarneming.nl terechtkomen.
Waarneming.nl heeft daarnaast het grote voordeel dat snel kaarten gemaakt kunnen worden op kilometerhokniveau. Het resultaat van het veldwerk kon daarmee van dag tot dag gevolgd worden, zodat ook duidelijk was welke kilometerhokken nog extra onderzoeksinspanning vereisten.
Otters door de hele stad
De veldresultaten van 2022 en 2025 lijken sterk op elkaar. In bijna elk kilometerhok van de stad zijn een of meerdere waarnemingen van otter(sporen) gevonden. De enkele blokken die nog resteren, hebben vaak erg weinig water. Dit zijn hokken die nauwelijks zijn onderzocht en vermoedelijk ook weinig sporen bevatten.
Duidelijk is dat de otter gedurende de winter in de hele stad voorkomt. Zelfs op plekken met veel mensen, auto’s en honden. Het dier kan dus niet ‘schuw’ genoemd worden als daarmee wordt bedoeld dat het de menselijke omgeving mijdt.
Dat de otter de stad zelfs voor reproductie gebruikt, blijkt uit het feit dat in de tuin van een van de onderzoekers, onder de vlonder aan het water, een nest jongen gevonden werd. Dit werd bij toeval ontdekt omdat de onderzoeker een wildcamera over had en nieuwsgierig was welk dier het hol in de achtertuin bewoonde. Ook werden jonge otters op de wildcamera’s in de stad vastgesteld.
Stedelijke risico’s en kansen
Het stadsleven voor de otter kent veel risico’s, waarbij het verkeer een belangrijke factor is. Regelmatig wordt er dan ook een otter overreden in de stad. In het oudere deel van de stad zijn er gelukkig veel bruggen en duikers, waardoor de otter veilig onder de weg door kan bewegen. Daar komen dan ook zelden ongelukken voor. Daarnaast is in de nieuwste wijken natuurinclusief ontwerpen gebruikelijk. Hier bieden nieuwe bruggen en duikers otters een veilige doorgang onder de weg. De grootste uitdagingen voor de otter liggen vooral in de wijken van 1990 tot 2020 en wanneer twee nabijgelegen watergangen geen waterverbinding met elkaar hebben, waardoor de otter gedwongen is om over land van de ene naar de andere watergang te lopen.
Het stadsleven biedt de otter ook kansen. De soort is niet voor niets aanwezig in de stad. Waarschijnlijk speelt de aanwezigheid van overwinterende vissen onder de duikers en bruggen een rol. In het buitengebied is de dichtheid bruggen en duikers beduidend lager zodat overwinterende vis moeilijker te vinden is. Deze hypothese zou wel goed passen bij het feit dat er in de zomer nauwelijks spraints van otter te vinden zijn in de stad. De duikers bieden de otter dus niet alleen een goede kans om de weg veilig te passeren, maar waarschijnlijk ook meteen eten.
Het vervolg
In 2022 is het resultaat van het onderzoek naar buiten gebracht via een radio-interview bij Omroep Flevoland. Hierop volgde in 2023 een onderzoek, uitgevoerd door een stagiaire van Aeres bij de gemeente Almere, met een vergelijkbaar resultaat. De resultaten van het onderzoek uit 2025 worden bewust in het tijdschrift Zoogdier gepresenteerd om zoogdierliefhebbers er nogmaals op te wijzen dat otters ook in de stad te vinden zijn en dat het niet incidenteel is. Naast Lelystad en Almere zijn er ook andere steden waar otters zijn gespot, zoals Zwolle en Groningen, en er kunnen er nog veel meer volgen. Het is zeker de moeite waard om eens onder de bruggen van een stad op zoek te gaan naar ottersporen.

Bescherming
Er moet vooral niet gewacht worden met het treffen van maatregelen in de stad tegen verkeersslachtoffers tot de eerste otter overreden wordt. Zeker niet als een duiker vervangen wordt of er nieuwe bruggen aangelegd worden. Dan zijn de kosten om de duikers of bruggen aan te passen aan de wensen van de otter vaak verwaarloosbaar.
Het vraagt echter ambassadeurs van de otter die bij gemeenten en waterschappen de wensen van de otter inbrengen. In steden waar de otter al bekend is, zal de wetgeving vanuit de Omgevingswet behulpzaam zijn omdat het een beschermde soort betreft. In steden waar de aanwezigheid van de otter nog niet bekend is, kan een beroep op Basiskwaliteit Natuur wellicht helpen. Uiteindelijk willen we allemaal natuur in de stad waar een otter rond kan zwemmen door de watergangen.
Tekst: Sven Dinant, Bas Koudijs en Jeroen Reinhold
Beeld: Jeroen Reinhold; Sven Dinant en Bas Koudijs
ZoogdierDit artikel is ter beschikking gesteld door de redactie van Zoogdier. Zoogdier is het populairwetenschappelijk kwartaalblad van de Zoogdiervereniging en Natuurpunt. Leden van de Zoogdiervereniging krijgen Zoogdier automatisch thuisgestuurd. Leden van Natuurpunt kunnen korting krijgen op een abonnement op Zoogdier. In Zoogdier worden artikelen gepubliceerd over zoogdieronderzoek en -bescherming van soorten die in Nederland en Vlaanderen (kunnen) voorkomen. Daarnaast wordt gepubliceerd over activiteiten die worden ondernomen door werkgroepen van de Zoogdiervereniging (Nederland) en Natuurpunt (Vlaanderen). |
