Tijdreizen in de Hortus: de biografie over Jac. P. Thijsse
Hortus botanicus LeidenWat zou je anders kunnen zijn dan in jubelstemming als je midden maart al kolibrievlinders ziet rondsnorren en de vogels om elkaar heen buitelen in hun gretigheid een mooie plek in een van onze oude bomen te bemachtigen? Als dan ook de zon schijnt, wat kun je meer wensen? Janneke Brinkman, botanisch kunstenaar en een van de bekendste illustratoren in Nederland, was ook laaiend enthousiast, maar over iets anders: de biografie door Dik van der Meulen, 'Meester in het paradijs', over Jac. P. Thijsse. "Is het een idee om een stukje te schrijven over het boek? Ik was zeer onder de indruk van zijn werkzame leven", vroeg Janneke. Haar bespreking lees je onderaan dit artikel.

Meester in het paradijs
Eerlijk gezegd had ik het boek in eerste instantie laten liggen, omdat ik al een heel rijtje boeken over de grote man heb gelezen. Jannekes enthousiasme dreef me toch naar de boekhandel. En terecht: 'Meester in het paradijs' blijkt een rijk, fijn leesbaar boek, optimistisch tegen de stroom in. Tijdreizen met Clusius is het jaarthema van de Leidse Hortus, en een tijdreis is dit boek. Al na een paar bladzijden was ik terug in mijn middelbareschooltijd. Natuurmonumenten voerde in die jaren actie voor het Geuldal! Daar was ik nog niet eerder geweest. We gingen er kijken en wandelden een heus 'Verkadealbum' in. Vogels, bosplanten, ontluikende bomen en daartussen de meanderende geul. Jaar na jaar kwamen we er terug om in het voorjaar te wandelen en de zinkviooltjes te spotten. Was er toen al veel verloren gegaan, sinds Thijsse hier rondliep? Misschien, maar voor ons, zestienjarigen, was het nieuw en geweldig rijk. Een andere actie uit die jaren die weer boven kwam drijven door het lezen van het boek: "Geen mergel uit Margraten!" Wij reisden weer per trein naar het zuiden, maar dat viel tegen. Het landschap was prachtig, maar het grasveld was in mijn herinneringen van het onverstoorde biljartlakengroen dat je vandaag vrijwel overal langs de snelwegen ziet. Zo'n paradijs als de Geul vonden we er niet.

Thijsse in Grave
Moet je je jubelstemming over het mooie voorjaar laten overschaduwen door zulke herinneringen? Natuurlijk niet, maar zwelgen in bloemengeuren en juichen bij het schaarse passeren van een insect is ook struisvogelgedrag. Laten we genieten én actie ondernemen, groot of klein. Intussen voerde Dik van der Meulens boek me mee naar Grave, waar Thijsse een poosje woonde. Daar las ik dat niemand van de grote natuurkenner gehoord heeft, tot Dik het Stadsmuseum binnenloopt. En daar kom ik ineens een quote van mezelf tegen. In het museum weten ze tenminste wie hij was. In 2022 organiseerde de Hortus botanicus Leiden een tentoonstelling die ook in het Stadsmuseum van Grave te zien was. Het was gewijd aan het verschijnsel ‘Stoepplantjes’, een koosnaam voor bescheiden maar taaie gewassen, die tot voor kort met alle beschikbare middelen (inclusief glyfosaat) werden bestreden, maar die men tegenwoordig koestert, in het kader van de nieuwe stadsnatuur. De Leidse hortus verzorgde zelfs een plaatjesalbum in de traditie van Thijsse en Verkade, het 'Stoepplantjesalbum'. Al werden de in te plakken plaatjes bijgeleverd, de bezitter kon het niet laten bij alle zelf wat knip- en plakwerk te doen. Wie de regels van de samenstellers volgde, moest eerst het plantje in kwestie vinden, om daarna pas de afbeelding ervan in te plakken." Zo maak je je eigen papieren herbarium, aldus de inleiding van het album. "Een botanische ontdekkingsreis door de vier seizoenen." Een van de plakplaatjes betrof de hertshoornweegbree, een aquarel van Janneke Brinkman. Het boek werd gemaakt in samenwerking met de Vereniging van Botanisch Kunstenaars Nederland.
Eerlijk is eerlijk: ik ben zo trots als een aap met zeven staarten dat deze tekst in de biografie terecht is gekomen. Thijsse, en zijn compagnon Eli Heimans, zijn van jongs af aan mijn idolen. Ik moet een jaar of tien geweest zijn toen ik allerlei winkels in mijn woonplaats Deventer afliep, op zoek naar een botaniseertrommel. Die had Jac. P. Thijsse in de boeken altijd bij zich. Dat in die jaren de boeken van Thijsse al meer dan vijftig jaar oud waren, had ik volstrekt niet in de gaten. Zo levendig schreven Jac. P. Thijsse (1865-1945) en zijn vaste natuurvriend Eli Heimans (1861-1914).


Over de biografie
"Meester in het paradijs is een voortreffelijk geschreven boek over de veranderingen in het Nederlandse landschap. Jac. P. Thijsse wist miljoenen mensen enthousiast te maken voor de Nederlandse natuur. Hij was oprichter van de Vereniging Natuurmonumenten en schrijver van de populaire Verkade-albums. Een beminnelijk mens met een zeer werkzaam leven. Zijn energie en werklust zijn om jaloers op te worden. Naast zijn baan als leraar, eerst op een lagere school en later op een HBS, maakte hij talloze wandelingen door de natuur en schreef over wat hij daar zag in kranten, boeken en tijdschriften, over vogels en over de bossen, moerassen, weiden, duinen en later ook over stadsparken. De veranderingen die hij daar opmerkte, vormden de basis voor zijn strijd voor het behoud van onze natuur. Als bestuurslid zat hij ook in talrijke commissies waardoor zijn invloed steeds verder toenam. Door zijn drukke leven stond hij vaak om 03.00 uur al op om zijn wandelingen te gaan maken. Dit boek geeft een tijdsbeeld van rond 1900. Thijsse heeft twee wereldoorlogen meegemaakt. Eigenlijk was deze aardige man te aardig voor de bezetter. Misschien was hij ook wel te naïef. Het ging hem vooral om het behoud van de natuur en zijn tijdschrift ‘De levende natuur’. Dik van der Meulen, schrijver van ‘Meester in het Paradijs’, maakte na zo veel jaren de wandelingen van Thijsse opnieuw. Van der Meulen beschrijft de veranderingen in het landschap voor het behoud waarvan Thijsse zo had gestreden. Het boek is goed gedocumenteerd met brieven die men elkaar in die tijd nog schreef, dagboeken en gekleurde platen en foto’s. Een aanrader!'' aldus Janneke Brinkman.
Meer informatie
- Het Stoepplantjesalbum.
- Het boek Meester in het paradijs.
- Bezoek de website van de Vereniging van Botanisch Kunstenaars Nederland.
Tekst: Hanneke Jelles, Hortus botanicus Leiden
Beeld: Hanneke Jelles (leadfoto: Japanse dwergkwee (Chaenomeles speciosa) tegen de Oranjerie van de Hortus botanicus Leiden); Janneke Brinkman
