Natuurjournaal 2 juni 2026
Nature TodayNu de lente vordert en er veel warme dagen zijn, laten ook de eerste libellen zich in volwassen vorm zien, waaronder de sierlijke zwarte heidelibel, een kleine rombout. Hoewel de piek van hun vliegtijd in de zomer ligt, sluipen de eerste zwarte heidelibellen eind mei uit. Hun levenscyclus gaat, vergeleken met sommige andere libellen, vrij snel: ze overwinteren als eitje, leven slechts een paar maanden onder water, vliegen vanaf nu tot in de zomer, paren, zetten eitjes af en de cirkel is al rond. De larvenhuidjes waar ze uit zijn gekomen, vind je op waterstengels van oeverplanten, een stukje boven het water. Vroeger vond je zwarte heidelibellen veel rond vennetjes op de binnenlandse zandgronden, maar daar zijn ze tegenwoordig zeldzaam. Hun voorkomen is nu vooral geconcentreerd in laagveengebieden.

Wat een leukerd, de witte kwikstaart, zoals hij constant snel met zijn staart wipt. De jonkies kunnen dat vanaf dat ze twee weken oud zijn, wanneer ze uitvliegen en van hun ouders in ongeveer een week tijd gaan leren hoe ze in het veld voedsel moeten vangen. Over het staartwippen bestaan verschillende theorieën: de vogels zouden het doen om insecten op te schrikken uit de vegetatie, zodat ze recht in de val lopen. Ze doen het om roofdieren te laten weten hoe alert ze wel niet zijn. Of ze signaleren hun sociale status naar soortgenoten. Misschien is het een combinatie van alle drie? Witte kwikstaarten zijn niet uniek in dit gedrag, er zijn meerdere vogelsoorten die dit doen. Het is helemaal niet zo erg om af en toe in het ongewisse te blijven en te speculeren over diergedrag. Zo blijft verwondering levend.
Tekst: Karen Bosma, Nature Today
Beeld: Antoine van der Heijden (leadfoto: een mannetje van de zwarte heidelibel is te herkennen aan het vele zwart); Tom Heijnen, Saxifraga
