Nature Today

Veenbodems stoten meer CO2 uit dan bossen en bodems vastleggen

Wageningen Universiteit
6-NOV-2017 - Bossen en andere vegetatie leggen jaarlijks bijna 3,6 megaton CO2 vanuit de atmosfeer vast in biomassa. Dit komt overeen met 2 procent van de jaarlijkse Nederlandse CO2-uitstoot. Echter, door voortdurende ontwatering van veengebieden, voornamelijk voor de landbouw, stoten veenbodems jaarlijks bijna 7 megaton CO2, vrijwel het dubbele, uit.
Deel deze pagina

Dit blijkt uit een experimentele studie van het CBS en Wageningen University & Research die in opdracht van de Ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur en Milieu de Nederlandse koolstofhuishouding in kaart hebben gebracht in de Natuurlijk Kapitaalrekeningen. Deze Rekeningen laten zien dat Nederlandse bossen ongeveer 60 procent van de 3,6 megaton CO2 vastleggen. Landbouwbodems, met name grasland, zijn goed voor 21 procent van de totale koolstofvastlegging. De vastlegging van CO2 per hectare landbouwgrond is wel veel lager dan in bossen (zie figuur 1).

Figuur 1. Koolstofvastlegging per hectare per ecosysteemtype (verticaal) afgezet tegen het areaal van dit ecosysteemtype in 2013 (horizontaal). De percentages geven het aandeel van het ecosysteemtype weer in de totale koolstofvastlegging in Nederland.

Gelderland en Noord-Brabant leggen meest vast

Alle plantengroei zorgt voor opname van CO2 uit de atmosfeer. In Nederland wordt jaarlijks door plantengroei ongeveer 34,6 megaton CO2 onttrokken aan de atmosfeer (zie Figuur 2). Echter, het merendeel hiervan komt terecht in landbouwgewassen waarvan verondersteld kan worden dat het na consumptie weer terugkeert in de atmosfeer en dus niet bijdraagt aan de reductie van broeikasgassen. Een veel kleiner deel van de koolstof wordt voor langere tijd vastgelegd in de vegetatie en bodems van natuur- en landbouwgebieden. Gecorrigeerd voor houtkap en overige onttrekking van biomassa wordt jaarlijks ongeveer 3,6 megaton CO2 vastgelegd.

De meeste koolstof wordt vastgelegd in Gelderland (22 procent) en Noord-Brabant (17 procent), provincies met relatief veel bos. In Zeeland, Flevoland en Groningen wordt het minste koolstof vastgelegd, minder dan 4 procent per provincie. Deze provincies hebben relatief veel akkerland en weinig bos.

Figuur 2: Ruimtelijk patroon van vastlegging van koolstof in vegetatie en bodems (2013).

Uitstoot van koolstof uit veengebieden dubbele van vastlegging

In Nederland is de CO2–uitstoot uit veengebieden bijna twee keer zo groot als de vastlegging van koolstof in alle ecosysteem samen. Door het verlagen van de grondwaterstand verdroogt en oxideert het veen, waardoor broeikasgassen vrijkomen. De emissies zijn het hoogst in de provincies met de meeste veenweidegebieden (zie Figuur 3): Friesland (24 procent), Drenthe (22 procent) en Zuid-Holland (15 procent). De uitstoot hangt sterk af van de drainagediepte van het veen. Hoe dieper de grondwaterstand, hoe meer CO2 wordt uitgestoten. In Friesland en Drenthe zijn de venen relatief  diep gedraineerd en is de uitstoot verhoudingsgewijs hoog, oplopend tot ruim 40 ton CO2 per hectare per jaar. Gemiddeld genomen komt de uitstoot van een hectare Nederlands veen overeen met de jaarlijkse CO2 -uitstoot van ruim drie huishoudens.

Figuur 3: Ruimtelijk patroon van uitstoot van koolstof vanuit veenbodems (2013).

Gevolgen voor klimaatakkoord van Parijs

Recent heeft het Planbureau voor de Leefomgeving uitgerekend wat voor Nederland de mogelijke gevolgen zijn van het klimaatakkoord van Parijs. Om de mondiale opwarming tot 2°C te beperken, resteert voor Nederland een beperkt koolstofbudget. Vastlegging van CO2 en  vermindering van de uitstoot door ecosystemen zijn twee opties die bij kunnen dragen om binnen dit budget te blijven.

Natuurlijk Kapitaalrekeningen

De resultaten die in dit nieuwsbericht en het bijbehorende rapport worden gepresenteerd, zijn de uitkomst van nog experimentele Natuurlijk Kapitaalrekeningen die door het CBS samen met Wageningen University & Research voor de eerste keer zijn berekend. De koolstofbalans die hier wordt gepresenteerd, volgt de methodiek van het System of Environmental Economic Accounting - Experimental Ecosystem Accounting. Dit is een nieuw statistisch raamwerk voor de analyse van natuurlijk kapitaal.

De Natuurlijk Kapitaalrekeningen brengen de bijdrage van ecosystemen, zoals bossen en heidevelden, maar ook akkers en weilanden, aan de economie en de maatschappij in beeld. Dit rekeningstelsel monitort de conditie van Nederlandse ecosystemen en de diensten als voedsel, drinkwater en de leefomgeving die zij leveren. De uitbreiding van de Nationale Rekeningen met de Natuurlijk Kapitaalrekeningen past in het maatschappelijke en politieke streven naar een breder welvaartsbegrip.

Tekst: CBS en Leerstoelgroep Milieusysteemanalyse, Wageningen University & Research
Foto: Arnold van Vliet

Meer informatie:

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen