Gewone raket

Stoepplantje van de week: gewone raket

Hortus botanicus Leiden
26-JUN-2022 - Zo'n heerlijke sliert van een puber, semi-nonchalant tegen een lantaarnpaal leunend. Daar doet het stoepplantje van de week ons het meest aan denken. Stoepplánt, want deze stadsbewoner schiet hoog op. Tachtig centimeter haalt hij rap. Ga op zoek en u zegt vast: "O, die!"
Deel deze pagina

Ondanks z'n lengte is onze stoepplant van de week onopvallend; echt een plant waar iemand je even op moet wijzen (en dat is leuk om te doen, probeer maar, bijvoorbeeld door de naam erbij te stoepkrijten). Heeft uw gezelschap deze slungel ontdekt, dan zal hij of zij die vast eerder gezien hebben. Ton Denters merkt in zijn Stadsflora dan ook terecht op: "Ze is robuust, maar mist uitstraling." Zolang de plant niet bloeit, is hij onopvallend groen en verdwijnt hij gemakkelijk tussen andere begroeiing. De heldergele kruisbloemetjes springen wel in het oog, net als de vruchten: die zitten stijf tegen lange sliertige stengels aan.

Gewone raketGewone raket

Cultuurvolger

Volgens Heukels' flora komt deze eenjarige plant voor op 'open, vochtige tot droge, onbebouwde, voedselrijke, omgewerkte grond langs wegen en heggen en in stedelijk gebied.' De website Flora van Nederland wijst ook op de kenmerkende hauwtjes, die strak tegen de stengel zitten, en noemt de plant 'een echte cultuurvolger' en 'een zeer algemene pioniersoort' van zandige voedselrijke grond. In de praktijk komt dat erop neer dat we de gewone raket in de stad vaak kunnen vinden op plaatsen waar veel honden worden uitgelaten. Uit deze beschrijvingen blijkt wel dat we de soort zonder veel moeite op straat kunnen aantreffen, naast een lantaarn of in een boomspiegel bijvoorbeeld.

Gewone raket

Naam

In april is bij de beschrijving van de zandraket de herkomst van de naam raket al uitgebreid beschreven: die komt via de nodige tussenstappen van het Latijnse eruca. Dat woord verwijst naar een of andere kruisbloemige plant, maar we weten niet precies welke.
De wetenschappelijke naam van de gewone raket, Sisymbrium officinale, is lastiger te verklaren. Het Latijnse schoolwoordenboek van Muller en Renkema uit 1954 geeft 'waterkers' als vertaling van sisymbrium, en verwijst daarbij naar het Oudgriekse σισύμβριov, sisymbrion, dat in een Grieks schoolwoordenboek jammer genoeg niet voorkomt. Google translate, dat af en toe verrassend uit de hoek komt (dit mag u zelf interpreteren), geeft als vertaling voor sisymbrion uit modern Grieks heel treffend óók sisymbrion, en voor sisymbrio, dus zonder de slot-n, 'september.' Terugvertalen levert echter 'Σεπτέμβριoς, Septembrios' op, wat ook door een papieren woordenboek bevestigd wordt. Mogelijk zijn we hier dus een lacune op het spoor.
Het tamelijk spartaanse, maar uitgebreide elektronische Latijnse woordenboek van William Whitaker geeft voor sisymbrium een andere vertaling: 'Aromatisch kruid, mogelijk munt.' Kortom: het blijft allemaal nogal onzeker.

Kruiderij

Gewone zandraket

De soortaanduiding, officinale, geeft gelukkig minder problemen. Het is het bijvoeglijk naamwoord bij het Latijnse officina, 'werkplaats, fabriek,' in het bijzonder die van een apotheker. Alle planten die als soortaanduiding officinalis, officinale of officinarum ('van de werkplaatsen') hebben, werden destijds gebruikt als medicijn, of waren op z'n minst als kruid te vinden in de schappen van een apotheker. De zaadjes van de gewone raket smaken scherp en werden wel als kruiderij gebruikt, dus dan is de naam officinale niet zo vreemd.

Soorten

Volgens Heukels' flora komen er in Nederland behalve de gewone raket nog vijf soorten uit het geslacht Sisymbrium voor, en worden er daarnaast nog twee incidenteel gemeld. Van die andere soorten is de Hongaarse raket (Sisymbrium altissimum) de algemeenste. Die is algemeen in de duinen en komt plaatselijk voor in stedelijk gebied, maar is elders zeldzaam. De andere soorten komen ook vooral in de stad voor, maar zijn zelfs daar zeldzaam of zeer zeldzaam. De toevoeging 'gewone' in de naam van de gewone raket staat er dus helemaal terecht.
Wie op stoepplantjes uit is, hoeft niet lang naar de gewone raket te speuren. Als je hem eenmaal kent, valt hij je overal op, en dan vergeef je hem zijn gebrek aan uitstraling meteen. En als je goed kijkt, valt het met die uitstraling misschien ook best mee. In Stadsmuseum Grave is het portret dat Els Hazenberg van deze plant voor het Stoepplantjesalbum maakte te bewonderen. Als je gewone raket ziet, meld hem dan voor het onderzoek van PhD-kandidaat Nienke Beets.

Tekst: Wim Voortman, Hortus botanicus
Foto's: KU Leuven; André Biemans