Hoe bomen onze gezondheid beïnvloeden
IPC Groene Ruimte
2002, Verenigde Staten. Larven van de Aziatische essenprachtkever boren zich een weg door de bast van de es. Wat de lokale bevolking van het oosten en middenwesten van Amerika dan nog niet weet, is dat dit insect van nog geen 4 centimeter lang het begin is van een stille ecologische, economische en gezondheidscrisis.
In de jaren die volgen, sterven tientallen miljoenen Amerikaanse essen – de bomen hebben geen verweer tegen de keverlarven die meekwamen in verpakkingshout uit Azië. Omdat de es in de VS veel als straatboom is aangeplant, verandert het straatbeeld ingrijpend. Wijken in 15 staten verliezen hun natuurlijke luwte, temperaturen lopen op en de luchtkwaliteit verslechtert. Wat lang onderbelicht bleef, is dat deze veranderingen ook effect hebben gehad op de gezondheid van de bewoners. Onderzoek aan deze grootschalige bomensterfte heeft aangetoond dat in gebieden met veel essensterfte ook het aantal sterfgevallen bij de mens – door hart-, vaat- en luchtwegaandoeningen – is toegenomen. Er bleek een rechtstreeks verband te zijn met de jarenlange grote sterfte onder de essen.
Ook in Nederland groeit het besef dat er een relatie is tussen groen in de leefomgeving en gezondheid van bewoners. Het RIVM concludeerde recent nog op basis van veel wetenschappelijk onderzoek dat mensen aantoonbaar langer leven in een groenere leefomgeving.

Basisvoorwaarde voor een gezonde leefomgeving
Lange tijd werden bomen beschouwd als ‘leuk voor erbij’ en ze mochten vooral niet te veel problemen veroorzaken. Bomen dienden ter versiering van de leefomgeving en vaak werden rijen bomen van dezelfde soort of cultivar langs wegen en paden aangeplant. En daarbij werd weinig rekening gehouden met de groeibehoefte en gezondheid van die bomen zelf.
Ook was groenbeheer vaak een post die als eerste sneuvelde als er bezuinigd moest worden. Maar dat beeld lijkt nu te kantelen. Bomen zijn een factor om serieus rekening mee te houden als het om een gezonde leefomgeving voor de bewoners in stedelijke gebieden gaat. Als er minder bomen in de stad zijn, bijvoorbeeld door kap vanwege overlast of ziekten, bezuinigingen of ruimtegebrek, betekent dat niet alleen minder schaduw en daardoor hogere temperaturen, maar ook een slechtere luchtkwaliteit en minder mogelijkheden voor ontspanning en herstel.
Dat werkt door op de fysieke én mentale gezondheid van bewoners. Bomen blijken een basisvoorwaarde voor een gezonde leefomgeving: ze zijn onderdeel van een systeem dat verkoelt, water vasthoudt, lucht zuivert en leefruimte biedt aan andere organismen.

Boombeheerders als preventieve zorgprofessionals
Die verschuiving zie je nu ook vaker terug in hoe er naar het vak boombeheer wordt gekeken. Waar bomen eerder vooral werden benaderd vanuit risico’s, zoals vallende takken, schade of overlast, groeit het besef dat ze juist bijdragen aan veiligheid en gezondheid. Bomen kunnen ziekten bij mensen voorkómen.
Volgens Lieke Willems, Business Developer Biodiversiteit bij IPC Groene Ruimte, kun je zelfs stellen dat boombeheerders van de toekomst eigenlijk preventieve zorgprofessionals zijn. En dat geldt niet alleen voor boombeheerders. Ook ecologen, natuurbeheerders en regeneratieve boeren vervullen in die zin een rol in het gezond houden van de samenleving.
Nieuwe waardering
Dat roept ook vragen op over hoe we die rol van bomen en groen waarderen in de planvorming. Als biodiversiteit en gezondheid zo nauw met elkaar verbonden zijn, waarom wordt die samenhang dan nog zo beperkt meegenomen in beleid en investeringen? In veel organisaties ligt de nadruk nog steeds op technische duurzaamheid of kortetermijnkosten, terwijl de onderliggende ecologische kwaliteit minder aandacht krijgt. Juist daar ligt een kans. Door groen en bomen expliciet te koppelen aan gezondheid van bewoners, ontstaat er een andere manier van kijken en mogelijk ook een andere manier van financieren.
De essenprachtkever laat zien hoe iets kleins grote gevolgen kan hebben. Zowel voor bomen als voor de complete leefomgeving en uiteindelijk ook voor onszelf. Misschien dwingt ons dat tot een eenvoudige, maar fundamentele vraag: als bomen zo direct bijdragen aan onze gezondheid, hoe logisch is het dan dat we ze nog steeds vaak zien als een esthetische sluitpost, in plaats van iets wat ons gezond houdt?
Tekst: Mirjam van den Berg & Meike Wessels, IPC Groene Ruimte
Beeld: IPC Groene Ruimte (leadfoto: Arnhem); Wikimedia Commons; Jan van der Wolf
