7 dingen die je nog niet wist over de grote bonte specht
Vogelbescherming NederlandDe grote bonte specht is dan misschien de meest algemeen voorkomende spechtensoort in ons land, er valt nog genoeg over deze interessante vogel te ontdekken.
1. Ze zijn kleiner dan je denkt
De grote bonte specht is helemaal niet groot, amper groter dan een spreeuw. Het is een zwart-witte vogel met een rode ‘broek’. Het mannetje heeft een rode vlek op het achterhoofd, het vrouwtje niet.
Je vindt de grote bonte specht bijna overal, in bossen, parken, plantsoenen en tuinen. De specht profiteert van groene woonwijken en ouder wordende bossen in Nederland die op veel plekken natuurlijker worden beheerd. Het aantal broedparen neemt daarom al een tijdje toe, het aantal ligt tussen de 97.000 en 130.000 paren. In de winter zijn er tussen de 200.000 en 300.000 grote bonte spechten in ons land.
2. Ze roffelen en hakken
Die beroemde roffel is eigenlijk geen hakken. Veel mensen denken dat een specht roffelt om eten te zoeken. Vaak is het juist een boodschap. Mannetjes én vrouwtjes roffelen om hun territorium te markeren, een partner te lokken en de paarband te versterken. Het is vogelzang zonder zang. Spechten kiezen vaak bewust een ‘instrument’. Een droge tak, lantaarnpaal, nestkast of zelfs een metalen constructie kan dienen als klankkast. Hoe verder het geluid draagt, hoe beter. Grote bonte spechten hakken trouwens ook, om voedsel te zoeken en om een nest uit te hakken. Dat laatste doen ze elk jaar opnieuw, ze zijn er dagen tot zelfs weken mee bezig.

3. Ze eten soms jonge vogels
Grote bonte spechten zijn relatief ‘makkelijke eters’. In het voorjaar staan vooral insecten en larven, kevers en mieren op het menu. In de winter eten ze in naaldbossen de zaden van sparren- en dennenkegels. Daarnaast hebben ze geleerd dat ze zaden en noten kunnen vinden op onze voedertafels. En ze zijn dol op vogelpindakaas. Maar het zijn ook vleeseters. Tijdens het broedseizoen hakken ze soms de opening van een nestkast van een pimpelmees of koolmees groter uit en verorberen dan een ei of jong.
4. Ze hebben een eigen werkplaats
In de zomer eten grote bonte spechten dus vooral insecten. In de winter stappen ze over op noten en zaden van kegels van sparren en dennen. Maar hoe krijgen ze die zaden uit die kegels gepield? Ze klemmen dennenappels vast in een zelfgemaakt gat in een boom en gebruiken dat als een soort bankschroef om de zaden eruit te hakken. Zo'n plek heet een spechtensmidse. Onder de boom ligt dan een tapijt van leeggehaalde kegels. Voor verschillende dennenappels heeft de specht verschillende smidsen. Ooit zijn er van één specht 57 werkplekken gevonden!

5. Ze tarten de zwaartekracht
Je herkent het misschien: een grote bonte specht die zich verticaal in een spiraal rond een boomstam beweegt, op zoek naar insecten. Het liefst zoeken de spechten voedsel op bomen met een ruwe stam. Maar ook op bomen met een gladdere stam, zoals beuken, kunnen ze aardig uit de voeten. Hoe doen ze dat, zo verticaal blijven hangen? Dat komt omdat ze korte, stevige poten hebben. De meeste vogels hebben drie tenen die naar voren wijzen en één teen die naar achteren wijst. Niet de grote bonte specht: die heeft er twee naar voren en twee naar achteren. Elke teen heeft een vlijmscherpe nagel en een enorm sterke teenbuigspier. Ook de staart helpt bij bewegingen die de zwaartekracht lijken te trotseren. De staartveren zijn steviger dan andere veren, om extra steun te bieden. Als de specht op een stam de kop naar achter buigt om goed te kunnen beuken tegen de stam, buigt het achterlijf naar voren en wordt de staart tegen de stam gedrukt.
6. Ze krijgen geen koppijn van al dat geroffel en gebeuk
Spechten slaan met zo’n 25 kilometer per uur met hun snavel tegen een boomstam. Als wij met zo’n vaart tegen een boom zouden rennen, zouden we er op z’n minst een hersenschudding aan overhouden. Een roffel bestaat uit tien tot twintig slagen per seconde. Lang werd gedacht dat de schedel werkte als een schokdemper, waaronder hun merkwaardig lange tong, die om de schedel loopt. Maar onderzoek uit 2022 wees uit dat de schedel juist als een stijve hamer werkt. De hersenen zijn klein en de vorm en positie is gunstig. Ook duurt de klap heel kort, waardoor de krachten op de hersenen beperkt blijven. Tijdens het hakken schuift een doorzichtig derde ooglid over het oog. Dat werkt als een ingebouwde veiligheidsbril: het beschermt tegen rondvliegende houtsplinters en stof.
7. Ze hakken soms gaten in huizen
Niet alle ontmoetingen met grote bonte spechten leiden tot enthousiasme. In de nazomer, tot en met oktober, kan het gebeuren dat je er eentje ziet die bezig is in een daklijst te hakken, of zelfs een houten gevel onder handen neemt en er gaten in hakt. Het gaat meestal om jonge, onervaren spechten die op ontdekkingstocht gaan en voedsel of een eigen plek zoeken. Ze tikken tegen de daklijst of houten gevel, soms zelfs stucwerk, en als ze horen dat het hol is gaan ze instinctief door. Als een specht steeds op dezelfde plek hakt en kleine gaten of groeven maakt, kan hij insecten of larven in of achter het hout zoeken. Dat kan dus óók een signaal zijn dat er iets in de gevel zit. Grotere ronde gaten kunnen wijzen op een poging om een slaapplaats uit te hakken.
Schade aan huis voorkomen
In Zweden maakte een grote bonte specht het wel heel bont: in de houten gevel van een vakantiehuis had hij dertig gaten gehakt. Vervelend als het jouw huis of daklijst is, dus wat kun je doen om het te voorkomen? We geven een aantal tips:
- Spechten hebben soms duidelijke voorkeuren. Als er al gaten in een daklijst of gevel zitten, kun je die afdekken met een stevige beschermlaag van bijvoorbeeld een aluminiumstrip, ijzeren plaatje of hard kunststof. Zo voorkom je dat de specht op zijn vertrouwde plek verder hakt. Of blokkeer (tijdelijk) de plaatsen waar de specht aan het hakken is. Bijvoorbeeld met netten of kippengaas, een paar centimeter voor de daklijst of gevel.
- Als het mogelijk is: zorg dat de ruimte achter de gevel wordt opgevuld. Dat neemt het holeffect van de achterliggende ruimte permanent weg. Dit heeft het langste en beste effect.
- Schrik de specht af met bewegende, reflecterende elementen, zoals reflecterende tape, plaatjes, aluminiumfolie strips, kleine spiegeltjes of oude cd’s. Spechten houden niet van reflecterende objecten of voorwerpen met een hoge glans of spiegelbeeld. Windmolentjes, vlaggetjes en wapperende linten kunnen ook helpen. Verplaats het af en toe, want spechten kunnen eraan wennen.
Tekst: Vogelbescherming Nederland
Beeld: Ad Sprang
