Samen oefenen voor optimale aanpak natuurbranden in grensregio Limburg
BosgroepenBij de samenwerkingsoefening waren Duitse en Nederlandse brandweermensen betrokken en ook collega’s uit België sloten aan bij de deelnemersgroep. Vanuit de natuurhoek waren naast Bosgroep Zuid Nederland en Staatsbosbeheer ook Natuurmonumenten, Het Limburgs Landschap en verschillende natuurbeheerders van gemeenten en particuliere eigenaren betrokken. De aanwezigheid van gemeentelijke veiligheidsfunctionarissen maakte de doelgroep compleet. Deze diversiteit aan deelnemers liet meteen duidelijk zien hoezeer het onderwerp ‘natuurbrandmanagement’ leeft. Afgelopen zomer bewees al dat het goed (kunnen) aanpakken van een natuurbrand essentieel is. Juist daarom zijn samenwerking, een grensoverstijgende aanpak, elkaar kennen én elkaar goed weten te vinden zo cruciaal. In der Krise Köpfe Kennen – zoals vaak door onze Duitse buren wordt gezegd – oftewel, weten wie wie is in tijden van crisis.

Maar bij wie is er brand?
De deelnemers maakten kennis met elkaars werkwijzen, materieel en technieken. De oefening startte met een simulatie van het verloop van een natuurbrand, waardoor voor de deelnemers duidelijk werd wie wat doet, waarom en wanneer. Het liet ook zien dat er nog een uitdaging ligt tussen de organisatie van de brandweer en die van natuurbeheerders. Zo is die laatste groep niet 24/7 bereikbaar en draaien beheerders geen piketdiensten. Verder kent een natuurgebied vaak een groot aantal eigenaren en is het soms lastig uit te vinden van wie het betreffende natuurgebied is. De natuurbeheerders willen actief gaan kijken hoe en waar er verbeteringen mogelijk zijn op deze punten.
Kennis van het gebied delen
De brandweer gaf aan dat de betrokkenheid van de natuurbeheerder erg waardevol is voor hun werkzaamheden bij een natuurbrand: “Het is heel fijn als de terreinbeheerders er in het veld bij zijn. Zij hebben gedetailleerde gebiedskennis en ze kunnen ons aangeven waar we kunnen rijden, maar ook wat we in het gebied kunnen vinden. Zij kennen de routes, kennen de stevigheid van de ondergrond en weten waar greppels en sloten liggen. Dat is voor ons ontzettend belangrijk om te weten. De betrokkenheid van de beheerders is voor de bestrijding zeer zinvol.”

Inzicht in de operatie
Aan de andere kant leverde de oefening de natuurbeheerders ook inzichten op. Mirko Hendriksen, Bosgroep Zuid Nederland: “Zo hebben wij geleerd hoe de brandweer opereert in onze gebieden, waar we onze gebiedskennis kunnen delen en hoe we samen kunnen werken.” Zijn collega Lisa Raats vult aan: “Als beheerder vond ik deze dag erg interessant. Als een natuurbrand ontstaat en de brandweer druk bezig is, dan ben je er als terreineigenaar wel bij betrokken, maar je ziet de stappen die de brandweer neemt niet zo duidelijk. Dat stukje overzicht en begrip mis je dan. Juist daarom was dit een mooi moment om samen te kijken hoe die stappen lopen en wanneer welke functie erbij wordt gehaald.”
De natuur beschermen
De gebiedskennis van de natuurbeheerders gaat overigens verder dan alleen vertellen waar de brandweer wel of niet kan rijden. Carla Hanssen van Staatsbosbeheer: “Wij weten wat de ecologische en historische waarden zijn van het gebied, en we kunnen de brandweer vertellen wat er aan bouwwerken staat of van wie het vee is in het natuurgebied. Verder kunnen onze collega’s ook ondersteunen bij het stukje recreatie en publiek. Want willen we dat bezoekers het gebied nog inkomen of willen we mensen tegenhouden? Communicatie is hierbij erg belangrijk – om de brandweer te helpen, maar ook om ons gebied zo goed mogelijk te beschermen.”
Offensieve en defensieve bestrijding
Tijdens het programma liet de brandweer in het veld verschillende manieren zien om een natuurbrand te bestrijden. “De brandweer heeft twee tactieken: offensief en defensief. Als de vuurhaard nog heel klein is, kunnen we ons offensief op die vuurhaard richten. Is het vuur niet meer te houden, dan passen we de defensieve aanpak toe en maken we natte en droge stoplijnen. Voor droge stoplijnen zetten we de handcrew in, die ook bij de oefening aanwezig is om te laten zien hoe dat werkt. En voor het eerst in Limburg wordt getoond hoe de methode van tegenbranden toegepast wordt. Zo wordt de ervaring – door de brandweer opgedaan in Zuid-Europese landen – omgezet naar de situatie in onze Nederlandse natuur.”
Een natuurbrand is dynamisch
De brandweer laat tijdens de oefeningen aan de natuurbeheerders ook zien hoe snel een vuur kan gaan, welke invloed wind heeft en hoe een natte stoplijn werkt. “Een natuurbrand is dynamisch. Dat heeft te maken met topografie en de omgeving. Als brandweer hebben we in de natuur te maken met veel factoren en juist daarom is het voor ons belangrijk om te weten wat er in die bossen zit. Als het zoals afgelopen zomer erg droog is, hoeft er maar iets te gebeuren en dan gaat het meteen heel hard. Een auto die langsrijdt, of een trein die langskomt en wat vonken veroorzaakt. Een pijpenstrootje is vooral in het voorjaar zo droog als wat, dus dat heeft weinig nodig om te branden. En dan gaat het vuur niet alleen voorwaarts, maar ook opzij én naar achteren. Juist dat is zo verraderlijk aan natuurbranden. We hebben dan ontzettend veel water nodig en dus moeten onze waterwagens af en aan rijden. Dan komen we ook weer uit bij de samenwerking met natuurbeheerders. Want hoe zijn de paden naar de brand toe? Is het een zandpad, een verhard pad of een pad dat eigenlijk onbegaanbaar is voor grote voertuigen? We komen er wel met 30 ton overheen met onze waterwagen en dat niet één keer, maar wel tien of vijftien keer. En is dat ene pad door de natuur na twee keer al onbegaanbaar en moeten we dan op zoek naar een andere oplossing? Daarvoor werken we graag samen met de natuurbeheerders en bekijken we met z'n allen wat de mogelijkheden zijn. Dus als een terreinbeheerder hoort dat er een melding is van een natuurbrand, dan is het een enorme meerwaarde als die ook naar het gebied komt, want de informatie die een beheerder over het gebied heeft, is voor ons cruciaal.”
Vooruitkijken in natuurbeheer
Johan Arts is namens Bosgroep Zuid Nederland een van de organisatoren van de samenwerkingsoefeningen: “Ik denk dat we gezien hebben dat theorie en praktijk in één dag heel goed samen kunnen gaan. En dat het ook helpt om elkaar beter te begrijpen. Zo hebben we als natuurbeheerders ervaren wat de brandweer nou precies doet, waarom ze werken zoals ze werken, wat voor materieel ze hebben en vooral wanneer een natuurbeheerder in beeld komt bij de brandweer. Ik hoop vooral dat de terreinbeheerders dat verhaal van de brandweer beter hebben leren kennen. Terreinbeheerders hebben ook kunnen zien hoe ze in het beheer nog meer rekening kunnen houden met allerlei aspecten van natuurbrand. Beheerders en brandweer hebben elkaar beter leren kennen en dat is erg belangrijk voor een goede samenwerking.”
“Als terreinbeheerders blijven we vooruitkijken én meedenken. Hebben we bijvoorbeeld werk voor de handcrew? Zien wij in onze terreinen mogelijkheden voor deze mensen om te kunnen blijven trainen? We hebben als werkgroepen in de natuurbrand nog heel wat te doen als het gaat om kennisdelen, opleiden, eigenaarschap en dat soort zaken, maar ik denk dat deze eerste gezamenlijke oefeningen in Limburg al een mooie stap vooruit zijn.”

Samenwerkingsoefeningen
De samenwerkingsoefeningen zijn georganiseerd door Werkgroep Oefeningen waarin de Veiligheidsregio Limburg-Noord, Staatsbosbeheer, Bosgroep Zuid Nederland, Wald und Holz NRW en Burggemeinde Brüggen samenwerken. Dankzij de medewerking van gebiedseigenaar gemeente Roermond – lid van Bosgroep Zuid Nederland – en Familiebad de Bosberg konden de verschillende oefeningen en presentaties plaatsvinden in Swalmen.
De oefeningen maken deel uit van het Europese Interreg-project Natu(u)rbrandmanagement. In dit project werken organisaties, waaronder natuurbeheerders en brandweer, uit Limburg en Noordrijn-Westfalen samen om natuurbranden beter te beheersen. Het project wordt uitgevoerd in het kader van het Interreg VI A-programma Deutschland-Nederland en wordt medegefinancierd door de Europese Unie, het Ministerium für Wirtschaft, Industrie, Klimaschutz und Energie des Landes Nordrhein-Westfalen en de provincie Limburg.
Tekst: Marrie Hoedelmans, Bosgroepen
Beeld: Lisa Raats, Bosgroep Zuid Nederland (leadfoto: samenwerkingsoefening natuurbrandmanagement); Marrie Hoedelmans
