Natuurjournaal 26 augustus 2026
Nature TodayOpvallend aan de vuurlibel is de dieprode kleur. Deze libellensoort, die nog tot begin oktober vliegt, is sinds het begin van deze eeuw in Nederland enorm in aantal toegenomen als gevolg van het warmer wordende klimaat. Mannetjes, die de vuurrode kleur hebben, zijn te vinden op zitplaatsen langs waterkanten vanaf waar ze patrouillevluchten maken boven het water om andere mannetjes agressief te verjagen en met vrouwtjes te paren. Deze vrouwtjes zien eruit als jonge mannetjes: bruingeel zonder de rode kleur. De vuurlibel komt inmiddels in heel Nederland voor, maar toch ligt het zwaartepunt van de verspreiding nog in de zuidelijke helft van het land.

Zo’n plant waarop je een vuurlibel kan treffen, is riet. Deze grote grassoort komt zeer algemeen voor langs zoete wateren, waar het grote rietkragen kan vormen. Opvallend aan riet is dat het een tongetje van haren heeft. Op de grens van de bladschede (het deel van het blad dat de bloeistengel omvat) en de bladschijf (het van de stengel afstaande bladdeel) zit geen vliesje zoals meestal bij grassen voorkomt, maar staat een rij haren. Op dit moment is riet in bloei te vinden, met een paars- tot bruinachtige pluim. Eenmaal uitgebloeid blijft deze pluim nog lang zichtbaar. Riet vermeerdert zich door middel van zaden en ondergrondse wortelstokken, maar het kan ook bovengrondse uitlopers vormen. Dat zijn praktisch horizontale stengels, van waaruit ‘nieuwe’ planten kunnen ontstaan. Deze liggende stengels kunnen meterslang worden.
Tekst: Marco Wind, Nature Today
Beeld: Henk Baptist, Saxifraga; Ed Stikvoort, Saxifraga; Marco Wind
