Kleine vuurvlinder is er vroeg bij
De Vlinderstichting
De kleine vuurvlinder is een liefhebber van bloemrijk grasland en heiden. Ook in de duinen is het een zeer talrijke vlinder. De vlinder heeft drie generaties per jaar. De soort overwintert als rups en eind april verschijnen de eerste vlinders. Deze generatie duurt tot eind mei. Dan zijn de vlinders gestorven, maar uit de eitjes die de vrouwtjes hebben afgezet verschijnen de rupsen en in juli de nieuwe vlinders. Ook deze planten zich voort en de derde generatie kleine vuurvlinders vliegt normaliter vanaf begin september. Dit jaar is die derde generatie al vroeg tevoorschijn gekomen. Al vanaf half augustus zijn er flink wat waarnemingen en in de routes van het Meetnet Vlinders worden er al veel gezien. Als de trend zich doorzet kan deze derde generatie groter worden dan het langjarig gemiddelde sinds 1990. De warmte zal gezorgd hebben voor een snelle ontwikkeling en de droogte heeft blijkbaar weinig effect gehad op de ontwikkeling van de rupsen. De echt droge periode viel in de tijd dat er vooral veel poppen aanwezig waren die daar veel minder last van hebben.
De kleine vuurvlinder leeft onder andere in droge gebieden, zoals heiden en duinen. Het is een soort van bloemrijke omstandigheden. De waardplanten, waarop de rupsen zijn gespecialiseerd, zijn zuringsoorten, met name schapenzuring in de droge, schrale gebieden en veldzuring in de wat rijkere en vochtigere leefgebieden. De kleine vuurvlinder heeft veel nectar nodig en je ziet ze dan ook veel op bloeiende planten. Vlinders besteden per dag iets minder dan vijftig procent van de actieve periode aan het zoeken naar voedsel. Er zijn meer dan honderd soorten nectarplanten bekend waar de kleine vuurvlinder op is aangetroffen. De komende weken is vooral boerenwormkruid favoriet, maar ook nog bloeiende distels en jakobskruiskruid worden graag gebruikt. Het mannetje verdedigt vanaf een groepje bloemen of een steen een territorium van circa tien vierkante meter. Vaak groeit in dit territorium een korte vegetatie of ligt er zelfs kaal zand. Deze plekken liggen doorgaans beschut en in de zon en mannetjes worden ook geregeld zonnend waargenomen. Indringers worden uit het territorium verjaagd door er snel omheen te vliegen, maar met vrouwtjes wordt gebaltst en, als het meezit, gepaard.
Tekst en beeld: Kars Veling, De Vlinderstichting
Kaartje: Nationale Databank Flora & Fauna (NDFF)
Grafiek: Meetnet Vlinders, Netwerk Ecologische Monitoring (NEM)
