Natuurjournaal 9 september 2026
Nature TodayOndanks dat het einde van de zomer nadert, zijn er nog genoeg insectensoorten te zien. Naast verscheidene vlindersoorten die nu nog vliegen, zoals het icarusblauwtje dat momenteel in zijn derde generatie zit, zijn er ook nog allerlei zweefvliegsoorten te vinden. Zo vliegt de doodskopzweefvlieg van april tot in oktober. Het is een zeer algemene soort die te vinden is in het bos, park of de tuin. De doodskopzweefvlieg dankt zijn naam aan de op een doodskop gelijkende tekening op de borststukrug. Deze tekening is zwart met grijsgeel, maar variabel en soms zijn de grijsgele delen nauwelijks aanwezig. Het is een grote vlieg met een breed achterlijf met daarop grote oranjegele vlekken.
Een andere zeer algemene zweefvliegsoort die in bossen, parken en tuinen te vinden is, is de snorzweefvlieg. Deze soort vliegt van februari tot in november. De snorzweefvlieg dankt zijn naam aan de kenmerkende, maar zeer variabele tekening op het achterlijf. Hier lijken namelijk snorretjes in te zitten. De snorzweefvliegen die zich nu in Nederland bevinden, zijn zowel individuen die hier geboren zijn, als die afkomstig zijn uit het zuiden. Bij langaanhoudend warm weer komen er duizenden tegelijk naar Nederland. Vrouwelijke snorzweefvliegen kunnen overwinteren – de mannelijke niet – en dat kunnen ze doen in Nederland, maar een deel van de Noord-Europese populatie migreert daarvoor naar het zuiden, tot in Noord-Afrika. Ze kunnen daarbij tot wel 200 kilometer per dag afleggen.
Tekst: Marco Wind, Nature Today
Beeld: Johan van 't Bosch; Jan Meijvogel
