Voorjaarsspanners zijn er vroeg bij

De Vlinderstichting
21-JAN-2019 - Zoals de naam al aangeeft zijn de voorjaarsspanners vlinders die vroeg in het jaar vliegen. De vliegtijd begint al in januari, maar de top ligt meestal in februari en maart. Dit jaar zijn er in de relatief warme januariweken al flink wat gemeld. Voor deze vlinders moet je wel met name op de zandgronden zijn.
Deel deze pagina

Met een zaklamp boomstammen afzoeken kan al succes hebben, zoals met deze kleine voorjaarsspannerDe meest gemeldde voorjaarsspanners zijn de grote en kleine voorjaarsspanner en de perentak. Net als bij de wintervlinders, die vooral in november en december aanwezig zijn, hebben de vrouwtjes van de voorjaarsspanners geen vleugels, of alleen vleugelstompjes. Ze kunnen dus niet vliegen. De kleine voorjaarsspanner is de meest talrijke. De mannetjes rusten overdag soms op boomstammen, maar zitten meestal verscholen achter de schors of in bastspleten; ze laten zich gemakkelijk opjagen en gaan dan enkele meters verderop weer zitten. De vrouwtjes worden geregeld ´s morgens vroeg onder aan boomstammen gevonden. De mannetjes beginnen vrij snel na het donker worden te vliegen en komen soms in grote aantallen op licht af. Wanneer een hele nacht lang met lichtvallen in het bos wordt gevangen, kunnen tientallen exemplaren worden gevonden. Soms komen ze ook af op stroop, maar veel minder dan de uilen die nu in de winter actief zijn, zoals wachtervlinder en zwartvlekwinteruil.

De drie besproken voorjaarsspanners en hun verspreiding in Nederland

 

De vrouwtjes, zoals hier van de grote voorjaarsspanner, kunnen niet vliegenAlle drie de soorten zijn algemeen in ons land, maar ze komen niet overal voor. Buiten de zandgronden zijn het zeldzaamheden, die maar af en toe worden aangetroffen. De waardplanten waar de rupsen van eten zijn diverse loofbomen. Eik is wel de belangrijkste en voor de grote voorjaarsspanner zelfs de enige plant waarop de rupsen goed overleven. De rupsen komen vanaf april tevoorschijn, als het jonge blad aan de bomen verschijnt en zijn te vinden tot in juni. Dan kruipen ze uit de boom naar beneden en verpoppen onder het strooisel in de grond. Om de voorjaarsspanners te zien te krijgen, kun je in het begin van de avond op zoek gaan bij verlichte plekken in de buurt van bomen of struiken. Een bushokje, een fietstunneltje of een reclamebord kan al meerdere vlinders opleveren. Ook met een zaklantaarn boomstammen afzoeken kan vlinders opleveren. Hoewel ze de eerste weken van januari dus vrij veel aanwezig waren, zal het op dit moment, met de lage nachttemperaturen minder zijn. Als de nachttemperatuur weer boven de 4 tot 5 graden komt, kunt u ze weer volop tegenkomen. Ze vliegen tot in maart, dus nog kansen genoeg.

Tekst: Kars Veling, De Vlinderstichting
Foto’s: Kars Veling (leadfoto: perentak); Ab H. Baas

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen