Wageningen Marine Research lanceert ‘Schelpdiermonitor’

Wageningen Marine Research
25-OKT-2020 - Welke schelpdieren leven in de Nederlandse kustwateren? Wat zijn de aantallen, biomassa’s en waar zitten ze precies? Hoe ontwikkelen bepaalde soorten zich? Via de nieuwe tool 'Schelpdiermonitor' stelt Wageningen Marine Research haar unieke datasets, vanuit de diverse jaarlijkse schelpdiersurveys, via een webviewer voor iedere belangstellende beschikbaar.
Deel deze pagina

De Schelpdiermonitor bestaat uit een vijftal monitoren:

  1. Schelpdieren in de Nederlandse kustzone
  2. Schelpdieren in het sublitoraal van de Waddenzee
  3. Schelpdieren op de droogvallende platen van de Waddenzee
  4. Kartering van droogvallende schelpdierbanken
  5. Schelpdieren in de zoute wateren van de zuidwestelijke delta

Iedere ‘monitor’ bestaat uit een interactieve kaart waarin de gebruiker kan inzoomen op het interessegebied. Binnen elke ‘monitor’ kunnen gebruikers de verspreiding en het populatieverloop van diverse soorten schelpdieren (dichtheid en biomassa) in de zoute Nederlandse kustwateren op eenvoudige wijze inzien. Men kan zelf de gewenste soorten selecteren, en door de afzonderlijke jaren scrollen.

Voorbeeld: Verspreidingskaart van mosselen in het sublitoraal van de Waddenzee

Registratie commercieel interessante soorten en andere soorten

Om te kunnen bepalen hoeveel er mag worden gevist, moet je weten wat de bestandsgroottes van schelpdieren zijn in de Nederlandse kustwateren. Daarom brengen de onderzoekers van Wageningen Marine Research sinds 1990 jaarlijks de actuele omvang van de bestanden aan commercieel interessante soorten en hun verspreiding in kaart. Deze inventarisaties zijn primair gericht op de kokkel (Cerastoderma edule), mossel (Mytilus edulis), Amerikaanse zwaardschede (ook wel ‘mesheft’ genaamd; Ensis leei), halfgeknotte strandschelp (Spisula subtruncata) en Japanse oester (Crassostrea gigas). Daarnaast worden ook alle aangetroffen andere soorten schelpdieren, krabben en stekelhuidigen geregistreerd.

Honderden bodemmonsters sinds begin jaren negentig

De schelpdierinventarisaties zijn opgezet in het begin van de jaren negentig. Het principe is in alle kustwateren hetzelfde: met een schip, of soms te voet, worden honderden bodemmonsters genomen. Uit deze monsters worden alle schelpdieren en andere soorten bodemdieren gezeefd, en vervolgens geteld en gewogen. Hieruit worden de totale bestanden berekend. Ook worden de mosselbanken en oesterbanken op de droogvallende platen gekarteerd door er met een GPS in de hand omheen te lopen en merkpunten vast te leggen. De onderzoekers doen dit werk niet alleen. Zij werken nauw samen met visserijkundig ambtenaren en de Waddenunit. Er wordt gebruikgemaakt van schepen van de Rijksrederij, en in de Waddenzee van de YE42 'Anna Elizabeth' van de Roem van Yerseke.

KOMPRO onderzoeksprogramma

De meeste schelpdierinventarisaties maken deel uit van de Wettelijke Onderzoekstaken (WOT) voor de visserij, en worden jaarlijks uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De inventarisatie die wordt uitgevoerd in het sublitorale deel van de Waddenzee gebeurt in opdracht van de Producentenorganisatie van de Nederlandse Mosselcultuur. De schelpdiermonitor is ontwikkeld binnen het KOMPRO onderzoeksprogramma in opdracht van de PO Mosselcultuur.

De schelpdiermonitor is te bereiken via: wur.nl/schelpdiermonitor.

Meer informatie

Tekst: Jeroen Wijsman, Karin Troost en Cecile Leuverink, Wageningen Marine Research
Foto's: Wageningen Marine Research (leadfoto: Karin Troost aan het werk)

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen