Het rozet van een speerdistel kan wel een meter groot worden.

Stoepplantje van de week: speerdistel

Hortus botanicus Leiden
21-AUG-2021 - Wie beestjes wil zien, staat stil bij het stoepplantje van de week: de speerdistel. Zeg maar stoepplánt. Tussen de voegen blijft het formaat bescheiden, maar als hij voluit uit kan groeien wordt de stekelige rozet wel een meter groot. In z'n tweede jaar schiet de bloeistengel op tot bijna manshoog. Speur nu naar speerdistels. Ze bloeien nog een paar weken en zoemen bij mooi weer van de insecten.
Deel deze pagina

Speerdistel

Een tweejarige plant met pronte stekels op blad en steel, dat is de speerdistel. Zelfs de bloemhoofdjes zitten er aan de buitenkant vol mee. Er bovenuit steekt een royale toef paarse bloempjes. De Groningers spreken van dikkoppen als ze het over speerdistels hebben; een koppig meisje werd wel ‘ ’n stiekel van ’n wicht’ genoemd.

Voorraadschuren

Van al dat wapentuig trekken de bezoekers van de bloemen zich niets aan. Er zijn weinig planten die meer insecten trekken dan distels. Natuurkenner Jac.P. Thijsse schreef in 1894: "Zij zijn ware voorraadschuren, niet alleen voor de vogels, maar van een grote schare van dieren, wier bestaan geheel en al van hen afhankelijk is." Dat kunt u zelf vaststellen. Tijdens de bloei van de speerdistel kunt u speuren naar zweefvliegen, kevertjes en wantsen. De distelvlinder komt nu regelmatig langs en distels zijn waardplant voor verschillende nachtvlinders.

Speerdistel in volle bloei

Arie Koster schrijft in zijn 'Plantenvademecum voor wilde bijen, vlinders & biodiversiteit in tuinen' dat u negen verschillende solitaire bijen op de speerdistel kunt verwachten, waaronder de kustbehangersbij. Verder komen er hommels en honingbijen op af. Ook in uitgebloeide vorm heeft de speerdistel veel liefhebbers: sijsjes, kneutjes, ringmussen en puttertjes houden van de zaadjes. Putters heten niet voor niets ook wel distelvinken.

Speerdistel

Charmes

Tekening van speerdistel

In de berm of op een plekje langs de stoep heeft de speerdistel z'n charmes. Voor de boer is deze plant, liefhebber van voedselrijke en verstoorde bodems, een lastige klant. "Stekelen maaien is stekelen zaaien, stekelen plokken is stekelen lokken, maar stekelen steken is ze den nek breken", zeggen ze in de Beemster. Het valt niet mee om van distels af te komen en dat gaat ook op voor speerdistels. Behalve steken kan de boer ook wachten, al zal dat wellicht niet praktisch zijn. Als een distel lang genoeg op z'n plek staat, heeft hij de stikstof uit z'n omgeving verbruikt en verdwijnt hij weer. In de tussentijd is het een mooie bezigheid om een zonnig uurtje in augustus bij een speerdistel te gaan zitten en eens rustig te kijken wat er zoal aan biodiversiteit op bezoek komt. Uw foto's en verslagen zijn welkom.

Tekst: Hortus botanicus Leiden
Foto's: KU Leuven; Nienke Beets; Nathali Tirion