Zwarte mees

Wat doet stikstof met insectenetende vogels van droge bossen en heide?

Kennisnetwerk OBN
14-SEP-2022 - Kennisnetwerk OBN heeft een nieuw onderzoek uitgezet naar insectenetende vogels op de droge zandgronden. Veel van deze vogelsoorten gaan in aantal achteruit, maar met een aantal soorten gaat het juist goed. Onderzoekers van Sovon, Stichting Bargerveen en Stichting BioSFeer werken samen om deze tegenstrijdige trends te verklaren en te onderzoeken of depositie van stikstof hier een rol bij speelt.
Deel deze pagina

Het aantal insectenetende vogels in heide- en stuifzandgebieden neemt al jaren af. De onderzoekers vermoeden dat vermesting en verzuring als gevolg van stikstofdepostie belangrijke boosdoeners zijn. Marijn Nijssen, ecoloog bij Stichting Bargerveen, benadrukt dat er nog veel onduidelijk is over de complexe relaties binnen het ecosysteem: “Op de hei zien we dus dat de insectenetende vogels in aantal achteruitgaan, in bossen is die trend eigenlijk niet heel erg duidelijk zichtbaar. Daarnaast zien we grote verschillen tussen verschillende vogelsoorten. De nachtzwaluw bijvoorbeeld, ook een insecteneter van de heide, doet het steeds beter. En de grauwe klauwier doet het op dit moment waanzinnig goed. Wij proberen nu grip te krijgen op al die tegenstrijdige berichten om vast te stellen voor welke soorten in welke gebieden er problemen zijn.”

De grauwe klauwier is één van de insectenetende vogels die het wel goed doen op de hei

Variabelen bepalen

In deze fase van het onderzoek ligt de nadruk op het bepalen van de variabelen die geanalyseerd zullen worden. “De belangrijkste vraag is nu: waar nemen insectenetende vogels op de hoge zandgronden sterk af, en zien wij een relatie tussen die achteruitgang, de hoeveelheid verzurende en vermestende neerslag die er op een plek is geweest en de gevoeligheid van de bodem voor vermesting en verzuring? Daarbij proberen we op basis van eigenschappen van de vogels in te schatten welke soorten extra gevoelig of juist minder gevoelig zijn voor verandering in voedselaanbod. Hoe trouw zijn ze aan hun habitat? Trekken ze ver weg of niet, zijn ze gespecialiseerd in bepaald voedsel, hoe groot is hun bereik? Bij vogels met een hele grote homerange is de kans dat ze voldoende voedsel vinden natuurlijk groter dan bij soorten die heel trouw zijn aan hun voedselarme naaldbossen en een klein territorium hebben.”

Voorbereiding op veldonderzoek

Op dit moment bestaat het onderzoek alleen nog uit de analyse van bestaande gegevens, maar dat is ter voorbereiding op een veldonderzoek. Uiteindelijk moet het resulteren in herstelmaatregelen die een handvat voor beheerders zijn. Nijssen: “Met het veldonderzoek hopen we een aantal experimenten uit te kunnen voeren waaruit moet blijken of je de effecten van verzuring- of vermesting tegen kan gaan. Uiteindelijk wil je naar een maatregel toe om het systeem vitaler te maken. Dan moet je denken aan herstelmaatregelen als steenmeel en kalkgruis, maar ook aan beheermaatregelen, zoals meer dood hout laten liggen, of bos en hei ouder laten worden.” De analyse van de variabelen is naar verwachting in januari 2023 klaar.

Tekst: Sofia Opfer, Kennisnetwerk OBN
Beeld: Piet Munsterman en Luuk Vermeer, Saxifraga